Hoogwaterbeschermingsprogramma (HWBP)

Hoogwaterbeschermingsprogramma (HWBP)

In het Hoogwaterbeschermingsprogramma (HWBP) werken de 21 Nederlandse waterschappen en Rijkswaterstaat samen aan de grootste dijkversterkingsoperatie ooit sinds de Deltawerken. De komende jaren worden er honderden kilometers aan dijken versterkt. Zo werken wij samen aan een waterveilig Nederland waar je veilig kunt wonen, werken en recreëren.

Al jaren is er in Nederland niemand meer omgekomen bij overstromingen. Maar een groot deel van ons land ligt onder de zeespiegel en dat maakt ons kwetsbaar. Zonder onze dijken en duinen zou namelijk 60% van Nederland regelmatig onder water lopen. Bescherming tegen hoogwater is en blijft van levensbelang.

(Bij een ondergelopen gebied verschijnt de datum: 4 februari 2021. Runderen staan op een dijk. Deon Slagter:) MYSTIEKE MUZIEK DEON SLAGTER: We staan hier nu in Lent. De waterstand staat wel vijf meter hoger dan gebruikelijk. Er komt nu zo veel water binnen in Nederland dat je elke twee minuten een voetbalstadion zou kunnen vullen met water. Wij verwachten dat door klimaatverandering de waterstanden in de toekomst zullen toenemen waardoor de dijken zwaarder belast worden en dus ook steviger moeten worden. (Hij kijkt uit over het gebied dat onder water staat. Beeldtekst: 1.300 kilometer dijkversterking. 500 sluizen & gemalen. 21 waterschappen samen met Rijkswaterstaat. Klaar in 2050. HWBP, dijkwerkers pakken door! Van een lopende band die op een schip staat, valt zand boven op een berg in het water. Erik Wagener:) DE MYSTIEKE MUZIEK WORDT STUWENDE MUZIEK OPGEWEKTE MUZIEK ERIK WAGENER: Het Hoogwaterbeschermingsprogramma is de grootste dijkversterkingsoperatie sinds de Deltawerken. De doelstelling van het HWBP is om in 2050 alle belangrijke Nederlandse waterkeringen, alle dijken te laten voldoen aan een nieuwe, strengere veiligheidsnorm. ERIC WITHAAR: We zijn in het HWBP nu in de fase beland dat steeds meer projecten in de uitvoering terechtkomen. We hebben meer dan 600 kilometer aan projecten nu in het programma zitten. 75 projecten staan er in die programmering. Kortom, schop in de grond. (Aldus Eric Withaar.) WAGENER: De komende jaren willen we volop inzetten op samenwerking tussen de alliantiepartners, samenwerken op alle belangrijke thema's waar we tegenaan lopen, zoals het toepassen van innovatie in concrete projecten, de samenwerking met de markt. Maar ook de transitie naar een duurzame dijkversterking, ruimtelijke kwaliteit. Er zijn heel veel thema's waar we samen in op moeten trekken. WITHAAR: Het einddoel voor het HWBP is in 2050 alle dijken veilig. Dat is een belangrijke opdracht voor alle dijkwerkers. (Een kaart van de provincie Friesland. Beeldtekst: Wetterskip Fryslân. Uitvoering Lauwersmeerdijk. Duurzame dijkversterking. Ido Boonstra:) EEN VREDIG INTERMEZZO GEVOLGD DOOR RUSTIGE MUZIEK IDO BOONSTRA: Het bleek bij toetsing van deze dijk dat het asfalt in een slechte staat was. In de voorbereiding van zo'n project kijk je naar de omgeving. We zitten hier in waardevolle natuurgebieden: Natura 2000-gebied, de Waddenzee, zelfs werelderfgoed. Aan de andere kant het Lauwersmeer, ook Natura 2000-gebied. Als je hier een dijkversterking wilt realiseren, wil je zo weinig mogelijk dat het impact heeft op de omgeving. Daarbij kijk je naar alle mogelijke bouwstenen die je kan toepassen. Van beneden af aan gerekend hebben we daar een blokkenbekleding die een bepaalde flexibiliteit heeft. De blokken haken in elkaar en kunnen als het ware meebewegen met de ondergrond. Omdat ze in elkaar haken, hebben we ook minder beton nodig en ook de ondergrond heeft minder bewerkingen nodig. Dat betekent dat het relatief sneller gerealiseerd kan worden, je minder beton nodig hebt, kostenreductie, maar ook CO2-reductie. Daarnaast hebben we rekening gehouden met de duurzaamheid. Bijna alle materialen die hier vrijkomen van de oude dijkbekleding, die hergebruiken we weer. De oude bekleding die beneden in de dijk zat, die te licht was en vervangen moest worden, gebruiken we weer als teenbescherming voor de dijk. Dat is ook alleen maar voordelig voor de CO2-uitstoot. We voldoen aan onze doelstellingen: een goede, veilige dijk en ook nog snel realiseerbaar. (Een kaart van de provincie Zeeland. Beeldtekst: Waterschap Hollandse Delta. Praktijkproef Hedwigepolder. Innovatieve pipingproef getijdenzand. Ellis de Bruin:) HET INTERMEZZO GEVOLGD DOOR VREDIGE MUZIEK ELLIS DE BRUIN: We zijn hier in de Hedwige-Prosperpolder, daar wordt de natuur teruggegeven. Dat creëert een hele mooie speeltuin voor allerlei innovatieve proeven. Zo ook voor Waterschap Hollandse Delta, het HWBP, Fugro en Deltares. Wij voeren hier de praktijkproef 'piping in getijdenzand' uit. Nederland staat voor een enorme opgave in de waterveiligheid. Met deze proeven kunnen we die opgave verkleinen. Wetterskip Fryslân heeft al een proef gedaan. Wij doen hier de meer grootschalige proef. Daarmee kunnen we de data valideren, kunnen we echt de sterkte berekenen van getijdenzand. Getijdenzand is minder gevoelig voor piping. Daarmee kunnen we die opgave verkleinen. Wij doen dit als Waterschap Hollandse Delta samen met het HWBP voor alle waterschappen en dus voor heel Nederland samen, want getijdenzand is niet alleen bij Waterschap Hollandse Delta, het komt in heel Nederland voor. (Opnieuw een kaart van de provincie Zeeland. Beeldtekst: Waterschap Scheldestromen. Dijkversterking Hansweert. Werken in een bouwteam. Hans de Nooijer:) DE VREDIGE MUZIEK STOPT HET INTERMEZZO GEVOLGD DOOR INGETOGEN MUZIEK HANS DE NOOIJER: We zijn hier in Hansweert. Voor dit project met alle specialistische en moeilijke punten hebben we ervoor gekozen om dat in bouwteam-vorm te doen samen met het ingenieursbureau en met de beoogde aannemer. SAAR BIJMAN: In een bouwteam word je ook als ingenieursbureau gedwongen om te kijken naar wat er in de uitvoering gebeurt. Dat vergt ook een andere benadering. Ik denk dat wij als ingenieursbureau eerder geneigd zijn om te kijken naar de eindsituatie, wat dat bijvoorbeeld met milieueffecten doet, en dat je niet zo snel kijkt naar: wat is ervoor nodig in de uitvoering om dat te bereiken? DE NOOIJER: Het dorp is vrij klein. Er is eigenlijk één ontsluitingsweg door het dorp heen. Er moeten honderdduizenden, misschien wel miljoenen kuub grond vervoerd worden. Dan heb je een constante stroom van vrachtwagens gedurende een aantal jaar. Je kunt je wel voorstellen, als jouw kinderen over die weg moeten fietsen, wat dat voor gevaren en wat dat voor overlast met zich meebrengt. De aannemer heeft daarin meegedacht om dat over water te doen. LENNART BOOSTER: Wij hebben de aanlandingen in de Westerschelde uitgezocht en op basis daarvan is het nu mogelijk om de hinder voor het dorp tot een minimum te beperken, dat er geen grondtransporten door het dorp gaan. Met het inzetten van een bouwteam kijk je niet alleen naar de gebruiksfase, maar ook de bouwfase. Daarmee voorkom je gewoon verrassingen en bespaar je een heleboel kosten. (Aldus Lennart Booster. Een kaart van de provincie Noord-Brabant. Beeldtekst: Waterschap Aa en Maas. Dijkversterking Meanderende Maas. Samen met de omgeving. Peter van Dijk:) HET INTERMEZZO GEVOLGD DOOR LEVENDIGE MUZIEK PETER VAN DIJK: Het allerbelangrijkste van het project Meanderende Maas is natuurlijk de dijkversterking. Maar we nemen daar een hele hoop nevendoelen in mee. Een van de belangrijkste nevendoelen is de ontwikkeling van de natuur. Wij proberen de meanders, dus aan de rivierzijde, terug te geven zoals ze waren. Dus we proberen daar natuur te ontwikkelen. Tegelijkertijd daarmee proberen we ook de infrastructuur te versterken. Dus fietspaden aan te leggen, de verkeersveiligheid te verbeteren. Dat alles proberen we samen te doen met de bewoners. Dat hebben we gedaan door dijktafels, waarin we gezegd hebben: Als jij het voor het zeggen had, hoe zou jij dan de toekomst van je eigen achtertuin willen zien? LIESBETH PULLEN: Ik ben hier in 2015 komen wonen, samen met mijn man. Wij hebben inmiddels aan ons huis een bed and breakfast verbonden. Er werd gevraagd op die avond of wij ons dan wilden inschrijven voor die werkgroep. Een van de eerste dingen die aan de orde kwamen, dat waren toch wel de bomen hier aan de dijk, en ook de bomen hier in de uiterwaarden. Daar hebben wij ons wel hard voor gemaakt. Ik kan me voorstellen dat je als dijkenbouwer denkt van: goh, die bomen... Als je die op je tekentafel ziet, dat je denkt: hup, weg met die bomen. Maar als je hier woont, dan voelt dat natuurlijk heel anders. Dat is fijn als je dat op zo'n werkplaats kunt kenbaar maken. (Aldus Liesbeth Pullen. Uit een slang aan een bouwmachine spuit zand dat met een boog neervalt.) MEESLEPENDE MUZIEK WAGENER: Ik ben onder de indruk van de toewijding en de veerkracht van de alliantie HWBP. Dus dat geeft mij in ieder geval vertrouwen dat we het met elkaar echt gaan halen. VAN DIJK: Waterveiligheid is ontzettend belangrijk, dat mensen achter de dijk veilig zijn, maar tegelijkertijd ook gebruik kunnen maken van die waterveiligheid. Als we dat een stukje verder kunnen brengen in de toekomst, zodat iedereen, maar vooral onze kinderen daarvan kunnen genieten, dan denk ik dat we naar de toekomst toe ons doel gaan bereiken. DE BRUIN: Ik denk dat deze proef met alle marktpartijen en het HWBP juist aangeeft dat wij Nederland weer een stukje veiliger maken. WITHAAR: Ik heb er absoluut vertrouwen in dat we de doelen voor 2050 gaan halen. Als je kijkt waar we nu staan en de innovaties en de samenwerking die we nu hebben, dan gaan we het zeker waarmaken. Kortom, we versterken elkaar en we versterken de dijk. (Op een donkerpaarse achtergrond verschijnt het logo van HWBP, voor sterke dijken.) DE MEESLEPENDE MUZIEK SPEELT VERDER EN STOPT DAN

Strengere veiligheidsnormen

Om een ramp voor te zijn, hanteren we nog strengere veiligheidsnormen. Om Nederland te blijven beschermen tegen overstromingen vanuit de grote rivieren, meren en de Noordzee worden de primaire waterkeringen regelmatig getoetst door de waterschappen en Rijkswaterstaat. Deze keringen bieden bescherming tegen overstromingen bij hoogwater vanuit de Noordzee, de Waddenzee, de grote rivieren Rijn, Maas en Westerschelde, de Oosterschelde, het IJsselmeer, het Volkerak-Zoommeer, het Grevelingenmeer, het getijdedeel van de Hollandsche IJssel en de Veluwerandmeren. Keringen die nog niet aan de norm voldoen, worden binnen het HWBP versterkt.

Bij het opstellen van het programma wordt gekeken naar urgentie. De meest urgente projecten komen het eerst aan de beurt. Zo kunnen die dijken als eerst verstevigd worden. Het definitief programmavoorstel wordt opgenomen in het Deltaplan Waterveiligheid van het Deltaprogramma.

Opgave Hoogwaterbeschermingsprogramma

Het doel van het HWBP is dat in 2050 alle primaire keringen op een sobere en doelmatige wijze zijn versterkt, zodat deze voldoen aan de wettelijke normen zoals die zijn vastgelegd in de Waterwet. Hiermee wordt de waterveiligheid van Nederland gewaarborgd. Het gaat hier om 1.500 km aan dijken en bijna 500 sluizen en gemalen die versterkt moeten worden.

Jaarbericht 2020

Ook in 2020 is er, ondanks corona, keihard gewerkt aan dijkversterking. Alle behaalde resultaten hebben we gebundeld in 1 jaarbericht. In dit jaarbericht kun je lezen hoe wij hard hebben doorgewerkt aan de uitvoering van het Hoogwaterbeschermingsprogramma. Ook vertellen wij over de resultaten (opgave en financiën), samenwerking, innovatie, duurzaamheid en de ontwikkeling van de lerende alliantie in 2020. Bekijk het jaarbericht 2020.

Video: hoogwaterdagboek Michèle Blom

Ruim 25 jaar na de overstromingen van 1993 en 1995 blikt directeur-generaal Michèle Blom in haar hoogwaterdagboek terug op de extreem hoge waterstanden van de Rijn, Maas en Waal. Ze legt uit waarom dijkversterkingen zo belangrijk zijn.

Michèle Blom is sinds 2017 de directeur-generaal van Rijkswaterstaat. In haar dagboek blikt ze terug op het hoogwater van 1995 maar legt ze ook uit waarom het zo belangrijk is dat we dagelijks werken om onze dijken sterker te maken. (Michèle Blom:) MICHÈLE BLOM: 1 februari 1995. De waterstanden van de Rijn, Maas en Waal zijn extreem hoog. Ik ben aan de buis gekluisterd. En ik niet alleen. Eigenlijk alle Nederlanders. Al die 10 miljoen anderen. De helikopterbeelden zijn indringend. Meer dan 250.000 mensen verlaten huis en haard. Boeren evacueren een miljoen dieren en rivierdorpen worden spookdorpen. Ongelooflijk, verbijsterend. 1 februari 2020. De overstromingen in 1993 en 1995 hebben de samenleving wakker geschud hebben de politiek wakker geschud. Iedereen is sindsdien weer met waterveiligheid bezig. Rijkswaterstaat en waterschappen werken samen aan de grootste waterveiligheidsopgave sinds de Deltawerken. Een maand geleden stond ik met een aantal mensen op een dijk tussen de Eemshaven en Delfzijl. Groter, breder en sterker dan de oude dijken. En in die dijk hebben we de nieuwste technologie toegepast. Sensoren in de dijken meten continu de stabiliteit. En als ik later in de tijd in mijn dagboek zou schrijven dan zou ik het waarschijnlijk hebben over het Deltaprogramma dat dan is uitgevoerd. Een Deltaprogramma met een nieuwe visie op waterveiligheid. Een Deltaprogramma waarin staat dat we tot 2050 nog eens ruim 900 kilometer dijk en bijna 600 kunstwerken versterken. Natuurlijk met innovaties en natuurlijk duurzaam en natuurlijk circulair. En natuurlijk, zoals altijd, schouder aan schouder. Want die les hebben we in dit land eigenlijk al geleerd sinds eeuwen. En natuurlijk ook weer bij de watersnoodramp in 1953. We moeten het samen doen. Ik ben van na de watersnoodramp en samen met al mijn waterpartners wil ik ervoor zorgen dat dat zo blijft. (Tegen een achtergrond van onstuimig water staat: #hohohoogwater.) KLOTSEND WATER