Kennisprogramma Zeespiegelstijging

Kennisprogramma Zeespiegelstijging

Nederland is de veiligste delta ter wereld. Om dat zo te houden hebben we een uitgebreid Deltaprogramma. Tegelijk is er nog veel onzeker over de zeespiegelstijging. En over de gevolgen hiervan voor ons land. Met het Kennisprogramma Zeespiegelstijging (KP ZSS) verkleinen we deze onzekerheden.

Het Kennisprogramma Zeespiegelstijging

Animatie over het Kennisprogramma Zeespiegelstijging. Levert kennis voor het Deltaprogramma.

We weten dat de zeespiegel stijgt mogelijk met 1 meter aan het einde van deze eeuw. Met het Deltaprogramma is Nederland hierop voorbereid. Maar er is nog veel onzekerheid rondom de voorspellingen. Wat betekent de zeespiegelstijging voor onze bescherming tegen hoogwater, onze zoetwatervoorziening, ons ruimtegebruik, onze landbouw en natuur? Om deze onzekerheden te verkleinen, is het Kennisprogramma Zeespiegelstijging opgezet. Een samenwerking tussen overheden, kennisinstellingen, bedrijven en maatschappelijke organisaties die cruciale kennis leveren voor het Deltaprogramma. Het Kennisprogramma analyseert de mogelijke effecten van de zeespiegelstijging, en kijkt onder andere naar: waterveiligheid zoetwaterbeschikbaarheid en de inrichting van onze leefomgeving. We onderzoeken hoe we de zeespiegelstijging en de gevolgen voor Nederland nog beter kunnen voorspellen evalueren tot welke stijging onze huidige strategie‘n voldoen en verkennen alvast alternatieve strategie‘n voor de verre toekomst. Zo kunnen we de juiste beslissing nemen op het moment dat het nodig is en blijft Nederland ook in de toekomst de veiligste delta ter wereld. Meer weten? Kijk dan op deltacommissaris.nl

Belang

De zeespiegelstijging brengt vragen met zich mee over de gevolgen voor waterveiligheid, zandige kust en zoetwater. Tot 2050 volstaan de strategieën in het Deltaprogramma. Met name de periode hierna is onzeker. In de huidige plannen gaan we uit van een maximale zeespiegelstijging van 1 m in 2100. Ontwikkelingen op Antarctica zouden die stijging wel eens kunnen versnellen. Gelukkig is er voldoende tijd om ons hierop voor te bereiden.

Doel

In het KP ZSS, dat loopt van 2019 – 2025, werken overheid, kennisinstellingen, bedrijven en maatschappelijke organisaties samen. We willen meer te weten komen over de ontwikkelingen op Antarctica. En over de gevolgen hiervan voor Nederland. Ook voorzien we het Deltaprogramma van extra informatie. De bouwstenen worden meegenomen in de 6-jaarlijkse herziening van het Deltaprogramma in 2026.

Sporen

De uitvoering van het KP ZSS vindt plaats over 5 sporen. Binnen elk spoor staan een of meer vragen centraal.

  • Spoor I - Zeespiegelstijging en Antarctica
    Wat kunnen we verwachten en wat zijn de gevolgen hiervan voor de zeespiegelstijging in Nederland?
  • Spoor II - Systeemverkenningen
    Tot hoeveel stijging volstaan de voorkeursstrategieën uit het Deltaprogramma en zijn aanpassingen mogelijk om ze langer vol te houden?
  • Spoor III - Signaleringsmethodiek
    Hoe optimaliseren we de methodiek Meten-Weten-Handelen om signalen op te pikken en tijdig de nodige maatregelen te kunnen nemen?
  • Spoor IV - Lange termijn opties
    Wat is het handelingsperspectief: welke lange termijn oplossingsrichtingen zijn er voor als de huidige strategie niet meer houdbaar is? En hoe kunnen we daar nu al rekening mee houden?
  • Spoor V - Implementatiestrategie
    Wat is er nodig om alle relevante partijen te betrekken bij het kennisprogramma en hoe kun je een eventuele verandering naar een andere aanpak voor elkaar krijgen?

Spoor II

In spoor II - Systeemverkenningen, neemt Rijkswaterstaat de komende jaren het voortouw bij het in beeld brengen van de effecten van zeespiegelstijging. Samen met andere partijen verkennen we de grenzen van de huidige voorkeursstrategieën en de mogelijkheden om de veerkracht van het watersysteem te vergroten. De systeemverkenningen worden klimaatscenario-onafhankelijk uitgevoerd. We kijken naar de effecten bij een zeespiegelstijging van 0.5, 1, 2, 3 en 5 m. Daarnaast naar de verschillende stijgingsniveaus en de effecten ervan op onze zandige kust, keringen en kunstwerken, zoetwater, gebruiksfuncties en ruimtegebruik.

We werken toe naar een landelijk beeld en de effecten voor waterveiligheid, zandige kust en zoetwater. We doen dit door:

  1. te bepalen wat de waterstaatkundige effecten van zeespiegelstijging op de huidige watersystemen zijn;
  2. de mate van houdbaarheid van de voorkeursstrategieën te duiden door waterstaatkundige effecten en andere effecten op gebiedsfuncties in beeld te brengen;
  3. in beeld te brengen wat de mogelijkheden voor het oprekken van de huidige voorkeursstrategieën zijn en wat de kansrijkheid van de lange termijn oplossingsrichtingen is.

Planning spoor II

Het programmateam binnen WVL is verantwoordelijk voor een heldere en coherente aanpak van spoor II. Die aanpak bestaat uit 3 fases.

Fase 12020
  • Projectorganisatie opzetten
  • Scope uitwerken
  • Kennisagenda/vraagarticulatie
2021
  • Modellen ontwikkelen of aanpassen
  • Tests 1e waterstaatkundige analyses
2022
  • Waterstaatkundige analyses per regio, voor waterveiligheid en zoetwater
  • 1e landelijk beeld: waterstaatkundig overkoepelend
  • Effecten op andere functies in beeld brengen (start)
Fase 22023
  • Effecten op andere functies in beeld brengen (afronding)
  • 1e landelijk beeld: 1e duiding houdbaarheid per regio en landsbreed
  • Modellen aanpassen voor oprekken, verdieping of verbreding (ook i.r.t. spoor IV)
2024
  • 2e landelijk beeld op basis van waterstaatkundige analyses en duiding gevolgen voor andere functies, inclusief effect oprekken houdbaarheid
Fase 32025 e.v.
  • Inzicht in kansrijkheid lange termijn oplossingsrichtingen
  • Synthese met andere sporen en aanrijking naar regionale Deltaprogramma’s ten behoeve van herijking voorkeursstrategieën