Archeologen ViA15 ontdekken unieke sporen van eerste landbouwers in Nederland

Nieuwsbericht

Archeologen ViA15 ontdekken unieke sporen van eerste landbouwers in Nederland

Gepubliceerd op: 6 november 2020 - Laatste update: 6 november 2020, 12:06

Rijkswaterstaat laat als voorbereiding op de doortrekking van de snelweg A15 van knooppunt Ressen naar de snelweg A12 archeologisch onderzoek uitvoeren op het toekomstige traject.

Tijdens dit onderzoek hebben archeologen in Angeren op 1 plek zowel resten gevonden van jagers en verzamelaars, als van de eerste landbouwers. De vondsten zijn ongeveer 7.000 jaar oud. Het is zelden dat resten van beide samenlevingsvormen gevonden worden op dezelfde plek. De opgraving geeft nieuwe, bijzondere inzichten over hoe mensen zich op 1 plek vestigden en agrariër werden.

er zie je een stukje aardewerk van een pot of van een pan. Dat is heel mooi, want dit is eigenlijk zo'n beetje het oudste aardewerk dat je in Nederland kunt terugvinden. (Beeldtitel: Archief in de achtertuin. Opgravingen ViA15. René Isarin:) MYSTIEKE MUZIEK RENÉ ISARIN: We staan hier ten zuiden van Angeren op de plek waar straks de A15 zal worden aangelegd. En we zijn hier bezig met een archeologische opgraving. We hebben hier tijdens onderzoek een hele bijzondere vindplaats gevonden van ongeveer 7.000 jaar oud. (In het land is een graafmachine aan het werk.) Wat we hier gevonden hebben, zijn resten van de overgang van wat we dan noemen de middensteentijd naar de nieuwe steentijd. Dat is ook juist de periode waarin we overgingen in Nederland van een jagers-verzamelaarslevenswijze naar een meer agrarische levenswijze waarbij we op één plek gingen wonen. En je moet je voorstellen, dat hele proces is begonnen in het Midden-Oosten rond 12.000 jaar geleden ongeveer. Dus dat heeft er 5.000 jaar over gedaan om uiteindelijk hier ten zuiden van Angeren aan te komen. Hier zie je een maalsteen, wrijfsteen. Die typisch is voor die periode dus hiermee kunnen we ook heel goed de vindplaats nog verder dateren. En hiermee werden dus uiteindelijk graan of zaden gemalen. (Met een gehandschoende hand doorzoekt iemand modder in een kruiwagen.) De overgang van jagen, verzamelen naar agrarisch en op één plek uiteindelijk gaan wonen is, ja, samen met de uitvinding van het wiel en de beheersing van het vuur eigenlijk misschien wel de derde revolutie in de mensheid. Hier zie je een stukje vuursteen. Dat door mensenhanden gemaakt is, ongeveer 7.000 jaar. Je ziet hoe klein het is. Fantastische techniek om uiteindelijk een gebruiksvoorwerp te maken een mesje, pijlpuntje. (De graafmachine hijst een grote zak op.) Voor de omwonenden, de mensen van Angeren als je om je heen kijkt, je zou het niet zeggen maar hier in de bodem zit feitelijk 12.000 jaar aan geschiedenis. Een archief van 12.000 jaar met al z'n verhalen en al z'n informatie. Nogmaals, je ziet er niets van, maar het zit er wel en wij gaan proberen om dat verhaal hier te vertellen. (Het Nederlandse wapenschild met daarnaast: Rijkswaterstaat. Ministerie van Infrastructuur en Waterstaat. Het beeld wordt geel met wit. Beeldtekst: Meer informatie? Kijk op www.via15.nl. Een productie van Rijkswaterstaat. Copyright 2020.)

Nieuwe levenswijze

De overgang van jagen en verzamelen naar een agrarische levenswijze vindt zijn oorsprong in het Midden-Oosten, ongeveer 12.000 jaar geleden. De mens leerde tijdens deze overgang onder andere aardewerk maken en gebruiken en huizen bouwen. Die nieuwe levenswijze heeft er vervolgens ongeveer 5.000 jaar over gedaan om Nederland te bereiken. Hoe die nieuwe levenswijze precies tot stand is gekomen, daarover hebben archeologen nog altijd veel vragen.

Eerste vaste bewoners

Archeologen hebben in Angeren, gemeente Lingewaard, onder meer stukjes aardewerk en vuurstenen gebruiksvoorwerpen aangetroffen uit zowel de tijd van de jagers en verzamelaars (middensteentijd (Mesolithicum)), als de latere periode waarin de landbouw belangrijker wordt (nieuwe steentijd (Neolithicum)). Vanuit archeologisch en antropologisch oogpunt is dit een zeldzaamheid.

De vindplaats betekent dat archeologen nu kunnen onderzoeken, hoe onze voorouders in het Nederlandse rivierengebied de stap hebben gezet van een bestaan van jagen en verzamelen naar landbouw en veeteelt. Over de overgangsfase, waarbij onze voorouders zich voor het eerst in een gebied vestigden, is weinig bekend.

Oever van voorganger Rijn

De vindplaats ligt op een plek waar duizenden jaren geleden een oude, zeer brede zijarm van de Rijn lag. Tegenwoordig is in het landschap niets meer deze zijarm te zien. Geo-archeoloog Rijkswaterstaat René Isarin: ‘De eerste bewoners van dit gebied woonden aan de oevers van deze arm van de Rijn. Zij profiteerden van 2 landschappen: een hoog en droog gebied met een voorraad aan noten, fruit, zaden, wortels en mogelijkheden voor akkers. Daarnaast een nat gebied met vers water, vis en andere waterdieren. En niet te vergeten: mogelijkheden voor transport.’ Het team van archeologen heeft op deze plek onder meer vuurstenen, wrijfstenen om graan en zaden te malen en stukjes aardewerk van potten en pannen gevonden.

De archeologische grafwerkzaamheden bij Angeren zijn nog niet afgerond. Ze duren nog tot eind 2020, waarna alle vondsten bestudeerd gaan worden.

Tweede grote archeologische vondst ViA15

Archeologisch onderzoek maakt deel uit van de voorbereidende onderzoeken door Rijkswaterstaat, in het kader van de doortrekking van de A15 en de verbreding van de A12 en A15 (project ViA15). De vindplaats bij Angeren is niet de eerste bijzondere ontdekking die hierbij is gedaan. In 2018 was het enkele kilometers verderop in Bemmel ook al raak. Toen vonden ViA15-archeologen een vrijwel intact grafveld uit de Romeinse Tijd.