Nieuwsbericht

Nederland voorlopig veilig voor stijgende zee, maar moet leren omgaan met verzilting

Gepubliceerd op: 9 november 2023 - Laatste update: 9 november 2023, 16:04

Technisch is het mogelijk om Nederland te beschermen tegen een zeespiegelstijging tot aan 3 m. In het slechtste scenario bereiken we die stijging iets na 2100, in het beste scenario wordt die stijging in 2300 nog niet gehaald. Het stijgende zeewater dringt nu al in toenemende mate het binnenland in, wat de beschikbaarheid van zoetwater onder druk zet. Daarop moet Nederland zich voorbereiden.

Dat blijkt uit de publicatie van een reeks technische onderzoeken die het Ministerie van Infrastructuur en Waterstaat en de Deltacommissaris hebben laten uitvoeren onder het zogenoemde ‘Kennisprogramma Zeespiegelstijging’. Hierin wordt met kennisinstellingen bekeken hoe we ons in de toekomst kunnen beschermen tegen zeespiegelstijging, en wat we daarvoor nu al moeten doen.

Op de website van Kennisprogramma Zeespiegelstijging vindt u een samenvatting van de onderzoeken tot nu toe.

Minister Mark Harbers (Infrastructuur en Waterstaat): 'De zeespiegel stijgt en gaat in de toekomst nog sneller stijgen. Tegelijkertijd ligt ons hele Koninkrijk aan zee. Dat maakt het voor mij cruciaal om boven op de laatste kennis te zitten. Nederland loopt daarin nu voorop, want met onze modellen kunnen we kijken naar de gevolgen van meerdere meters zeespiegelstijging. Met die kennis houd ik continu de vinger aan de pols, om wanneer dat nodig is de maatregelen te nemen die ons land veilig houden.'

Deltacommissaris Peter Glas: 'Vanuit het Deltaprogramma richten we ons op de lange termijn, omdat we op klimaatverandering voorbereid moeten zijn en blijven. Voorbereid zijn betekent dat we op tijd verschillende maatregelen op de plank hebben liggen voor de veiligheid tegen overstromingen en voor voldoende zoetwater in de toekomst. Zodat de volgende generaties nog wat te kiezen hebben en zo veilig en in welvaart in onze delta kunnen blijven leven.'

Nederland veilig houden tegen zeewater

Er zijn verschillende manieren waarop Nederland het stijgende zeewater buiten kan houden. Sinds 1990 versterkt Rijkswaterstaat, vanuit het programma Kustlijnzorg, de kust met extra zand. Gemiddeld zo'n 12 miljoen m3 zand per jaar. De duinen en stranden zijn onze belangrijkste bescherming tegen de zee en bieden ruimte aan natuur, recreatie, economische ontwikkeling en drinkwatervoorziening.

Deze belangrijkste verdedigingslinie krijgt heel wat te verwerken. Wind, golven en stroming nemen voortdurend zand mee van de kust. Door nieuw zand aan te brengen houden we de kustlijn op zijn plaats, raken we geen land kwijt aan de zee en kan de kust meegroeien met de huidige (gemeten) zeespiegelstijging.

(Beeldtitel: Kustlijnzorg. Met zand de kustlijn in topconditie houden zodat Nederland beschermd blijft tegen de zee! Voice-over:) STUWENDE MUZIEK VOICE-OVER: Nederland strijdt al eeuwen tegen de Noordzee. Ja, wij Nederlanders zijn wereldberoemd om het buiten de deur houden van de Noordzee met duinen, dammen en dijken. PETER GLAS: Duinen, dijken en Deltawerken, dat blijft het antwoord voor de veiligheid van onze delta. Ik kan iedereen die hier vlak bij de kust woont, zeggen: Jullie zitten echt veilig. Maar veiligheid is nooit gegarandeerd, dus we zijn ook kwetsbaar. (Brekende golven.) VOICE-OVER: We werken met de zee samen en moeten ons er soms tegen verdedigen. Dat doen we met waterbouwkundige wonderen als de Afsluitdijk en de Deltawerken. (De kustlijn vanuit de lucht.) Maar de belangrijkste troef in ons treffen met het water zijn het strand en de duinen. We staan het strand en de duinen onvermoeibaar bij in hun onstuimige taak de zee buiten te houden. Dat doen we al sinds 1990 vanuit het programma Kustlijnzorg. ANKIE BRUENS: Wij beheren onze kust door te zorgen dat we voldoende zand hebben en daar steeds beter en meer inzicht in hebben, dus ook precies weten op welke plekken we hoeveel zand nodig hebben. Als wij zorgen dat we de hoeveelheid zand op peil houden, dan hoeven we ons ook minder zorgen te maken om de toename van de hoeveelheid water van de Noordzee. Het succes van het Nederlandse kustbeheer zit echt in het ons richten op de goede zandvoorraad. VOICE-OVER: Onze belangrijkste verdedigingslinie krijgt heel wat te verwerken. Wind en stroming, bodemdaling en zeespiegelstijging. Een worstelpartij met de elementen. ANNA SPRENKELING: Dankzij die Kustlijnzorg verdwijnen de duinen niet in de zee. De wind krijgt de kans om het duingebied te versterken in plaats van dat het verloren gaat. Vers zand stuift dus het gebied in en die dynamiek is van levensbelang voor een gezond duingebied vol diversiteit, zoals duinviooltjes en parelmoervlinders. VOICE-OVER: We versterken de kustlijn ieder jaar met tien miljoen kubieke meter zand. Al dat zand beschermt Nederland tegen overstromingen vanuit zee en houdt ons veilig en droog. Maar het klimaat verandert. We krijgen steeds meer water te verduren door een hogere zeespiegel. Dankzij Kustlijnzorg zijn we daarop voorbereid. (Een vrouw bij een microscoop.) MARTIN BAPTIST: Het programma Kustlijnzorg, daar ben ik en mijn collega's bij betrokken. Bij de gevolgen van kustsuppleties, strandsuppleties, vooroeversuppleties, voor de gevolgen op de natuur. Met de bedoeling om dat zo goed mogelijk te kunnen plannen. Hoe vaak wil je terugkomen op een bepaalde plek zodat de natuur weer de tijd krijgt om te herstellen. Daarbij onderzoeken we de bodemdieren hier in het water en de vissen die hier leven, want het is ook nog eens een heel belangrijke kinderkamer, onze kust. Heel veel vissen groeien hier op. Daar leven ook weer allemaal vogels van, dus we kijken naar de verbanden tussen zandsuppleties, bodemdieren, vissen en vogels. Zo kijken we naar het hele ecosysteem, om dat zo goed mogelijk te plannen. HESTER LOEFF: Ik verzamel fossielen die ik op het strand vind. Ik kan niet over het strand lopen zonder op zoek te zijn naar dingen, dus altijd kijk ik naar de grond, wat er te vinden is. Vooral veel schelpmateriaal, maar ook botmateriaal, archeologisch materiaal... Eigenlijk is er gewoon ontzettend veel te vinden op het strand. Onze kust is natuurlijk ontzettend mooi, het is echt een stuk natuur. Ik hoop dat door de suppleties steeds weer nieuw, mooi materiaal terechtkomt op het strand. DIEDERIK VEERMAN: De Haagse duinen en het Scheveningse strand voelen echt als een thuis voor mij. Eb en vloed, stroming en wind bepalen eigenlijk elke dag weer opnieuw de grenzen en de oppervlakte van mijn natuursportschool. En omdat de kust in topconditie wordt gehouden kan ik mijn werk als PULLKA-trainer er perfect uitvoeren. Het is langs en dankzij de kust dat ik mensen hier relaxter, energieker en sterker kan maken. (Peter) GLAS: We kijken ook naar de toekomst. Met het Deltaprogramma en met het Kennisprogramma Zeespiegelstijging om ook de opties voor de toekomst te verkennen en later om te kunnen zetten in een nieuwe aanpak, nieuwe projecten en nieuwe veiligheid. (Een zeehond gaat het water in.) RUSTIGE MUZIEK VOICE-OVER: Dankzij het harde werken van heel veel mensen genieten we met een gerust hart van de zee. Al decennialang houden we met trots onze kustlijn intact. En dat blijven we doen met eerbied voor onze geduchte tegenstander, de prachtige, maar woeste Noordzee. (Het Nederlandse wapenschild met daarnaast: Rijkswaterstaat. Ministerie van Infrastructuur en Waterstaat. Het beeld wordt geel met wit. Beeldtekst: Meer informatie? Kijk op rijkswaterstaat.nl/kustonderhoud.) DE RUSTIGE MUZIEK EBT WEG (Samen met de waterschappen houden we de kustlijn op z'n plek. Met ruimte voor de natuur, drinkwaterwinning, toerisme en recreatie. Een productie van Rijkswaterstaat. Copyright 2023.)

Ook hebben we dijken, dammen, stormvloedkeringen en sluizen gebouwd om het zeewater buiten te houden. Uit de onderzoeken blijkt dat we met deze aanpak kunnen doorgaan, al is er een forse ingreep nodig voor wat betreft dijkversterkingen.

Er zijn wel ruimtelijke uitdagingen die deze opgave ingewikkeld maken. Om een voorbeeld te geven: als een dijk wordt verhoogd, moet deze ook worden verbreed om hem stevig genoeg te houden. Nu al is dijkversterking in bebouwd gebied geen eenvoudige opgave. Het is dan ook onverstandig om op dit moment vlak naast een bestaande dijk te bouwen. Daarom wordt nu met de waterschappen bekeken welke ruimte gereserveerd moet worden om in de toekomst de dijken verder te verbreden.

Omgaan met zouter water

Uit de onderzoeken blijkt verder dat er met zeespiegelstijging meer zout water ons land binnenkomt. Dat gebeurt via het grondwater, maar het gaat ook de rivieren op via de Nieuwe Waterweg en het komt binnen via zeesluizen zoals bij IJmuiden en de Afsluitdijk. Vroeger was er voldoende rivierwater en regenwater om het zout weg te spoelen. We merken de laatste jaren al dat dit steeds minder het geval is - langdurige perioden van droogte en lage rivierafvoeren zetten de zoetwaterbeschikbaarheid nu ook al onder druk.

In de buurt van de kust zitten veel natuur- en landbouwgebieden die zoet water gebruiken. Ook winnen drinkwaterbedrijven en industrie hier zoet water. Het Rijk wil dit zoete water zo goed mogelijk beschermen, bijvoorbeeld door bij sluizen instroming van zout water tegen te gaan. Ook wordt gekeken naar mogelijkheden om water beter vast te houden en naar zuiniger gebruik van het zoete water, bijvoorbeeld door andere manieren van landgebruik.

Verre toekomst

Bij een doorgaande zeespiegelstijging komen voor de hele lange termijn ook andere oplossingen in beeld. Het gaat dan bijvoorbeeld over het afsluiten van riviermondingen, of meebewegen met de zeespiegel en de bouwwijze daarop aanpassen. Het is nu nog niet nodig om daarin een keuze te maken, maar het is wel belangrijk te onderzoeken of dit technisch haalbaar is, hoe effectief dit is, hoe veel dit gaat kosten, en wanneer we die keuze wél moeten maken.

Kennisprogramma Zeespiegelstijging

De laatste kennis over zeespiegelstijging wordt verwerkt in het Kennisprogramma Zeespiegelstijging, dat in elk geval doorloopt tot en met 2026. De komende jaren wordt onder meer onderzocht wat er precies nodig is om de huidige aanpak voort te kunnen zetten en wat er organisatorisch en maatschappelijk nodig is om ons op een versnelde zeespiegelstijging aan te passen.

Zo wordt stapsgewijs gekeken welke aanpassingen nodig zijn om Nederland veilig te houden voor overstromingen en met zoetwatertekorten om te gaan.