Innovaties in de Kustlijnzorg

Elk jaar onderhouden we onze kust met gemiddeld 10 miljoen m3 zand. Hierbij stoten we broeikasgassen uit. Met het programma Innovaties in de Kustlijnzorg willen we ons reguliere kustonderhoud duurzamer maken.

We streven ernaar om samen met marktpartijen 1 of meerdere duurzame en kosteneffectieve innovaties te ontwikkelen. Innovaties die het gehele programma succesvol doorlopen, past Rijkswaterstaat vanaf 2024 ten minste 1 maal toe in het reguliere kustonderhoud.

Achtergrond Innovaties in de Kustlijnzorg

we gebruiken 10 miljoen m3 zand om onze kust te onderhouden

We brengen elk jaar zand aan om ons land te beschermen tegen de zee. Hiervoor zijn baggerwerkzaamheden nodig. Deze werkzaamheden dragen voor een aanzienlijk deel bij aan de totale broeikasgasuitstoot van Rijkswaterstaat.

Duurzaamheidsambitie Innovaties in de Kustlijnzorg

Ons kustonderhoud moet duurzamer. Met het programma Innovaties in de Kustlijnzorg streven we ernaar om (uiterlijk) in 2030 geen broeikasgassen meer uit te stoten met ons kustonderhoud.

Innovatiepartnerschappen

Hiervoor is het nodig nog nieuwe technieken te ontwikkelen, of bestaande technieken geschikt te maken voor gebruik in het kustonderhoud. Voor de ontwikkeling van die technieken hebben we samen met de markt voor een nieuwe vorm van aanbesteden gekozen; het innovatiepartnerschap. 

In een innovatiepartnerschap ondersteunt Rijkswaterstaat een marktpartij bij het ontwikkelen van hun innovatie. We beoordelen ingediende innovatievoorstellen op duurzaamheid en kosteneffectiviteit. Positief beoordeelde voorstellen komen in een onderzoeks- en ontwikkelfase, bestaand uit 4 trajecten: verkennen, ontwikkelen, testen en valideren, implementeren

Fasering

Het programma startte in 2019 en loopt tot en met 2024. Op dit moment zijn er 7 initiatieven actief. Het gezamenlijk doorlopen van de verschillende trajecten duurt meerdere jaren. Elk traject eindigt met een go/no-go-moment waarop de innovatie aan de vooraf vastgestelde criteria voor milieuprestatie, kosteneffectiviteit en omgevingswaarde wordt getoetst. 

Rijkswaterstaat en de initiatiefnemer besluiten samen of de innovatie door gaat naar het volgende traject. Innovaties die alle trajecten succesvol doorlopen, past Rijkswaterstaat vanaf 2024 ten minste 1 maal toe in een opdracht in het reguliere kustonderhoud.

Innovaties

De innovaties zijn in verschillende stadia van ontwikkeling. Het merendeel van de initiatieven bevindt zich volop in het traject ‘ontwikkelen’ of in de afronding daarvan. Hier begint zich nu beter af te tekenen of een initiatief zal kunnen voldoen aan de criteria en welke investeringen nodig zijn voor implementatie. 

Traject 3 ‘Testen en valideren’: 

  • LEAF-Hopper (waterstofschip) van Royal IHC. Deze sleephopperzuiger is speciaal ontworpen voor de Nederlandse kust zodat er weinig energie nodig is. Het schip wordt volledig aangedreven door groene waterstof en brandstofcellen waarbij de enige uitstoot waterdamp is. De LEAF-hopper heeft dit traject inmiddels afgerond, momenteel brengen RWS en IHC de opties voor vervolg in kaart.

Traject 2 ‘Ontwikkelen’: 

  • Cable Hopper van Boskalis; een sleephopperzuiger die langzaam aan een kabel van wingebied naar suppletielocatie voortbeweegt. De benodigde energie is veel lager dan bij een reguliere sleephopperzuiger en komt uit een duurzame bron. 
  • Ultra Low Emission Vessels (ULEV) van Jan de Nul; sleephopperzuigers met filtersysteem voor het afvangen van stikstof en fijnstof, en werkend op hernieuwbare brandstof ter reductie van CO2. 
  • De Zandvleugel van Bureau Waardenburg, Waterproof B.V. en de Rijksuniversiteit Groningen. Dit is een grote vleugel die op de zeebodem geplaatst wordt. De stroming langs de vleugel zorgt voor opwerveling van zand en transport van dit zand naar de suppletielocatie.
  • Zandwindmolen van Sweco Nederland en Royal IHC. Een zandsuppletiesysteem dat volledig op windmolens werkt. De windmolens leveren de energie aan een elektrisch aangedreven winningswerktuig, dat zand via leidingen naar de kust transporteert. Zandwindmolens zorgen daardoor voor een continu, geleidelijk win- en suppletieproces. Het effect: veel minder uitstoot en minder impact op de biodiversiteit.

Traject 1 ‘Verkennen’ 

  • Slow Sailing van Sweco Nederland, met als principe dat de vermogensvraag voor het transport aanzienlijk afneemt als er constant en rustig gevaren wordt.
  • De Zandkrab van Arcadis, een constructie op de zeebodem die de energie van de getijdestroming ombuigt zodat er een kustwaarts transport van zand ontstaat. De zandkrab zorgt ervoor dat zowel bij de ebstroming als bij de vloedstroming sediment verplaatst wordt in de richting van de kust.

Verder zijn er 2 innovaties waarvan samen met de initiatiefnemer is besloten om het innovatiepartnerschap niet verder voort te zetten. De autonome baggeronderzeeër ‘ALERD’ van C-Job Naval Architects, een concept waarbij door onderzees te baggeren de energie behoefte sterk reduceert waardoor op kosteneffectieve wijze duurzame energievoorziening toegepast kan worden. 

Daarnaast de Groene (Ver)leiding van Boskalis waarbij het transport door de leiding versoepeld wordt met een speciale techniek. Niet alle bovengenoemde actieve innovaties zijn gereed voor 2024. De innovaties die niet op tijd klaar zijn, kunnen mogelijk in een ander programma of traject verder onderzocht en ontwikkeld worden.

Samenwerking

We werken samen met de initiatiefnemers verder aan het verkennen wat daarvoor de beste route is. Het IKZ team werkt daarin nauw samen met het programma Kustlijnzorg, Transitiepad Kustlijnzorg en Vaargeulonderhoud, het programma Klimaatneutrale en Circulaire Infrastructuur en Schoon en Emissieloos Bouwen.

Zie ook