Nieuwsbericht

Rijkswaterstaat start opnieuw met inzaaien zeegras in Waddenzee

Gepubliceerd op: 31 maart 2026, 12.32 uur

Rijkswaterstaat is in de week van 23 - 29 maart 2026 gestart met een nieuwe ronde zeegras zaaien in de Waddenzee. Dit jaar ligt de focus vooral op locatieonderzoek en het verder vergroten van de kennis over zowel groot als klein zeegras. 

Zeegras speelt een belangrijke rol in de Waddenzee: het biedt voedsel, schuilplekken en kraamkamers voor veel dier- en vissoorten. Met de start van een nieuwe inzaaironde werken we verder aan het herstel van deze waardevolle natuur.

Terugblik op 2025 laat wisselend beeld zien

Het zeegrasjaar 2025 liet een wisselend beeld zien. Het zeegrasveld bij Griend werd afgelopen jaar iets kleiner, vermoedelijk doordat zich nieuwe mosselbanken in het noordoosten van het veld hebben gevormd. Deze nemen ruimte in die anders door zeegras wordt benut.

Bij Ameland bleef het zeegrasveld stabiel, met een lichte groei van 34 naar 36 ha. Het grote zeegras kende iets minder planten, maar de plantdichtheid nam juist weer iets toe. De oorzaken hiervan worden nog onderzocht en kunnen onder meer samenhangen met de grote hoeveelheid zeewier, temperatuurverschillen en de aanwezigheid van Wadpieren.

Daarnaast werd door een beperkte beschikbaarheid van zaden in 2025 minder ingezaaid dan in de jaren ervoor. Tijdens de monitoring in de zomer viel op dat de planten die uit deze zaden groeiden kortere bladen hadden, maar juist veel zaden produceerden. Deze zaden worden weer natuurlijk verspreid in het systeem. Met veel van deze zaden aanwezig in het systeem, is de hoop dat er aankomend jaar op meerdere plaatsen nieuwe planten opkomen.

Het onderzoek naar klein zeegras bevindt zich nog sterk in de experimentele fase. Proeven met zaden leverden nauwelijks kiemplanten op, vermoedelijk door de moeilijke kiemingsomstandigheden. Ook experimenten met kernen lieten wisselend succes zien: bij Ameland bleven maar een paar planten over, terwijl bij Griend vrijwel alle planten bleven staan en zelfs doorgroeiden van een diameter van 9 cm naar zo'n 70 cm.

Hierbij werd gekeken naar plantafstanden die voldoende bescherming en groeiruimte bieden. De schommelingen passen binnen de natuurlijke jaarlijkse variaties. Zeegrasvelden reageren op omgevingsfactoren, waardoor jaren met groei en afname elkaar kunnen afwisselen.

Plannen voor uitbreiding naar nieuwe locaties in 2026

Omdat de huidige zeegrasvelden bij Griend en Ameland stabiel zijn en de maximale omvang hebben bereikt, onderzoeken we nieuwe gebieden.

Ten westen en oosten van het bestaande veld bij Ameland worden dit jaar nieuwe zaai- en onderzoekslocaties aangelegd. Deze plekken scoren hoog op de kansenkaart en er is in eerdere jaren groot zeegras waargenomen. Anders dan één groot veld zoals bij Griend, kan bij Ameland mogelijk een netwerk van kleinere velden ontstaan.

Ook de Ballastplaat, ten noordwesten van Harlingen, wordt verder onderzocht. Hier groeide na een eerdere proef nog steeds zeegras. De grote oppervlakte maakt deze locatie interessant voor mogelijke uitbreiding.

Naast het inzaaien voeren we op alle locaties kleinere experimenten uit om de natuurlijke variaties beter te begrijpen.

Het 'QR-code'-experiment

De opschaling van klein zeegras krijgt extra aandacht op Griend. Op verschillende delen worden kernen geplaatst. Een deel volgepland met een optimale tussenafstand en een ander deel in een schaakbordpatroon met vakken die leeg blijven. Zo wordt onderzocht welke methode het snelst leidt tot uitbreiding.

Daarnaast wordt gekeken naar de wisselwerking tussen groot en klein zeegras. Klein zeegras vangt sediment en verhoogt lokaal de bodem, waardoor beschutte poeltjes ontstaan. Vorig jaar zijn vierkante patronen van klein zeegras geplant, met zo’n poeltje in het midden.

Dit jaar worden in die beschutte plekken zaden van groot zeegras geplant. Het doel: ontdekken hoe groot en klein zeegras elkaar kunnen beschermen en helpen. Vanuit de lucht lijkt het patroon op een QR‑code, een bijnaam die het experiment inmiddels heeft gekregen.

Vijfjarig herstelproject

We werken sinds 2022 aan een vijfjarig programma voor het herstel van zeegras in de Waddenzee en de Zeeuwse Delta. Witteveen+Bos, de Rijksuniversiteit Groningen, The Fieldwork Company en Altenburg & Wymenga voeren dit onderzoek uit in opdracht van Rijkswaterstaat. Het doel is om zeegras weer structureel terug te brengen in beide gebieden.