Nieuwsbericht

Inzaaien en inplanten zeegras in Waddenzee weer van start: focus op duurzaam terugbrengen en nieuwe locaties

Gepubliceerd op: 22 maart 2024, 11.13 uur - Laatste update: 18 april 2024, 15.48 uur

Rijkswaterstaat is weer gestart met het inzaaien en inplanten van zeegrasvelden in de Waddenzee. In 2024 vinden de werkzaamheden plaats bij Ameland, Ballastplaat, Griend en de Waardgronden.

Op basis van wetenschappelijk onderzoek zijn de locaties bij Ameland en op Griend in 2023 geselecteerd, waarna proefvelden met groot en klein zeegras zijn gezaaid en aangeplant om te zien waar herstel het meest kansrijk is. Vooral het gebied ten zuiden van Ameland lijkt veel potentie te hebben om zeegrasvelden terug te brengen.

Nieuw in 2024 zijn proefvelden bij Ballastplaat en de Waardgronden. In 2024 wordt er zeegras ingezaaid en aangeplant op 4 locaties. Bij Griend en Ameland worden de bestaande zeegrasvelden versterkt met zo’n 840.000 zeegraszaden. Bij Ballastplaat en de Waardgronden worden nieuwe proefvelden aangelegd om te onderzoeken of dit geschikte locaties zijn voor zeegrasherstel.

Ballastplaat lijkt vooral een interessante locatie te zijn, omdat hier in 2023 een aantal zeegrasplantjes gevonden zijn (gemeld via onder andere de website Waarnemingen). Bij Griend, een eiland tussen Harlingen en Terschelling, is de afgelopen jaren al volop geëxperimenteerd. Met succes, want in 2022 groeide het zeegrasveld al naar zo’n 650 ha. 

In 2023 had het zeegrasveld zelfs een omvang van zo’n 1250 ha en zijn er meer dan 1,5 miljoen zeegrasplanten geteld. Daarmee is Griend momenteel zelfs het grootste herstelde droogvallende zeegrasveld ter wereld.

Zaden ‘van eigen bodem’

Bijzonder is dat het inzaaien in 2024 voor het eerst ook met geoogste zaden van het zeegrasveld bij Griend gebeurd. Om zeegras terug te brengen op het wad zijn namelijk zeegraszaden nodig. Het groot zeegras (Zostera marina) is in de Waddenzee een eenjarige plant, die in de herfst afsterft en zaden loslaat. 

Het water verspreidt vervolgens de zaden en in de lente ontkiemt er in de buurt weer nieuw zeegras. Grote gezonde zeegrasvelden zijn in Noord-Duitsland nog te vinden. Daar werden in de afgelopen jaren zeegraszaden geoogst die weer in het Nederlandse deel van het wad worden geïnjecteerd. 

Dankzij de succesvolle groei op Griend is het afgelopen jaar voor het eerst gelukt om daar zeegraszaad te oogsten. Door een klein deel van de zaden in de herfst te oogsten en in het voorjaar op kansrijke locaties te injecteren wordt de natuur een handje geholpen. 

Zeegras wordt zo sneller verspreid over het wad en het natuurlijke winterverlies, door bijvoorbeeld stormen, wordt hierdoor gereduceerd. Met het terugzaaien van 300.000 zeegraszaden 'van eigen bodem', wordt een belangrijke stap genomen in het duurzaam terugbrengen van zeegras in de Waddenzee.

Zaaimachine

Het inzaaien van zeegraszaden gebeurde de afgelopen jaren vooral handmatig, met een kitspuit. Tegelijkertijd werd er geëxperimenteerd met een handaangedreven zaaimachine. Na vele doorontwikkelingen werden in 2023 met de zaaimachine dezelfde resultaten aangetoond die behaald kunnen worden met handmatig zaaien, waardoor er nu efficiënter en gemakkelijker gezaaid kan worden. 

De handaangedreven zaaimachine is daarom vanaf 2024 een van de methoden om zeegras in te zaaien. Het apparaat bevat een mix van sediment en zaadjes, dat geïnjecteerd wordt in het zand. Op die manier kunnen de zaadjes ongestoord ontkiemen en uitgroeien tot zeegras.

Kaderrichtlijn Water

Zeegrasherstel is als doel opgenomen in de Kaderrichtlijn Water (KRW). Rijkswaterstaat heeft nu de opgave om daar aan te werken, zowel in de Waddenzee als de Zeeuwse Delta. Voor het creëren van zelfredzame zeegrasvelden is veel kennis en expertise nodig. Daarom werken Witteveen+Bos, Rijksuniversiteit Groningen, The Fieldwork Company en Altenburg & Wymenga aan het 5-jarige zeegrasherstelproject.

De onderzoekers monitoren dit jaar de ontwikkelingen van de zeegrasvelden om op basis daarvan weer de aanpak voor volgend jaar te bepalen. Zeegras biedt veel voordelen, zo legt het onder meer ronddwarrelend slib vast, vormt het leefgebied voor vis en slakken, en legt het veel CO2 vast.