Strooien en zout

Strooien en zout

Het landelijk dekkend Gladheidmeldsysteem waarschuwt automatisch wanneer er kans op gladheid ontstaat. Vanuit die informatie besluiten we of we moeten strooien. Ook de weersverwachting en de hoeveelheid strooizout, dat mogelijk al op de weg ligt, wegen mee in die beslissing.

Strooikaart

Op de strooikaart kunt u live zien waar onze strooiwagens rijden.

Naar de strooikaart (LIVE)

Het strooien van zout gebeurt, als er kans is op gladheid. Zo houden we de wegen veilig. Rijkswaterstaat zet hiervoor ruim 577 strooiwagens in, die we ook een sneeuwschuiver kunnen geven. Er zijn ook 350 sneeuwploegen actief. Daarnaast hebben we 630 sneeuwschuivers in bezit.

Met een aantal maatregelen bereidt Rijkswaterstaat zich goed voor op de volgende winter(s); het verhogen van de zoutvoorraad tot ruim 250 miljoen kg bijvoorbeeld. Rijkswaterstaat is hierdoor minder afhankelijk van ad hoc-contracten met leveranciers. Ook zijn de contracten met leveranciers aangescherpt als het gaat om levertijden en boetes, als zij zich niet houden aan de gemaakte afspraken.

Zout

We bestrijden wintergladheid door zout te strooien. Zout verlaagt het vriespunt met een aantal graden. Hierdoor wordt de weg minder snel glad en ontdooit bestaande sneeuw of ijzel.

Hieronder staan de veelgestelde vragen over strooien en zout. Alle veelgestelde vragen over winter op de weg vindt u hier.

Veelgestelde vragen over strooien en zout

Strooien

Zout