Nieuwsbericht

Hoe droogte het waterbeheer compleet veranderde

Gepubliceerd op: 9 september 2026, 10.06 uur

Meer dan 225 jaar heeft Rijkswaterstaat ervaring met de bescherming van ons land tegen hoogwater. De laatste 50 jaar hebben we steeds vaker te maken met droge periodes. In vergelijking met hoogwaterbescherming is het omgaan met droogte een relatief nieuwe uitdaging. In dit artikel leest u hoe het Nederlands waterbeheer in 50 jaar compleet veranderde.

Recordjaar 1976

50 jaar later staat de zomer van 1976 nog altijd in de meteorologische recordboeken. Dat kwam door een combinatie van een uitzonderlijk lange hittegolf en een historisch neerslagtekort. Bert Veraart is nu met pensioen, maar in 1976 werkte hij als rivierhydroloog bij Rijkswaterstaat. Als rivierhydroloog onderzocht hij hoe rivierwater zich gedraagt.

Veraart: ‘In 1976 was er overal in het land een watertekort. Zelfs zo erg, dat het leger uitrukte om boeren te helpen met het beregenen van akkers. Er moesten dus maatregelen genomen worden om het water te verdelen. Om dat te doen, moesten we weten hoeveel water het land binnenkwam en waar er nog water was.’

Samenwerken

‘Rijkswaterstaat had vooral kennis over de grote rivieren, kanalen en het IJsselmeer (de Rijkswateren). Over de kleine rivieren en beken van de waterschappen wisten we veel minder. Rijkswaterstaat, provincies en waterschappen gingen meer samenwerken. Zo konden we gegevens uitwisselen en in overleg beslissingen nemen over de waterverdeling. Deze samenwerking was de voorloper van wat tegenwoordig de Landelijke Coördinatiecommissie Watertekort (LCW) heet.’

‘Het besef groeide dat deze droogtes vaker zouden voorkomen en dat we ons daarop moesten voorbereiden. Na 1976 kwamen er meer meetpunten in kleinere rivieren en beken. Rijkswaterstaat werkte al aan de ontwikkeling van een computermodel om de waterhuishouding en de waterverdeling in Nederland te berekenen en te beheren. De ontwikkeling ervan werd doorgezet na 1976.’

Dijkdoorbraak Wilnis 2003

Het neerslagtekort-record van 1976 is sindsdien niet meer verbroken. Maar droge zomers zagen we steeds vaker. In de nacht van 25 op 26 augustus 2003 bezweek een veendijk langs de Ringvaart in Wilnis. Door extreme droogte was het water in de dijk verdampt. Hierdoor was hij zo licht geworden, dat hij de waterdruk niet meer kon weerstaan. Daarom worden dijken tegenwoordig scherper in de gaten gehouden tijdens droogte. Indien nodig worden ze besproeid.

De droogte van 2003 maakte duidelijk dat het belangrijk was om heldere, landelijke afspraken te hebben over hoe het water wordt verdeeld bij een watertekort. Zo ontstond de verdringingsreeks, waarin is vastgelegd hoe we zoetwater verdelen bij een watertekort. Veiligheid, zoals het voorkomen van schade aan dijken, en drinkwater krijgen daarin de hoogste prioriteit.

Ook werd besloten om alle kennis en informatie op 1 plek te bundelen. Sinds 2010 functioneert het Watermanagementcentrum Nederland van Rijkswaterstaat als het landelijke informatie- en expertisepunt rondom het Nederlandse watersysteem. Daaronder vallen de LCW (actief bij droogte) en de Landelijke Coördinatiecommissie Overstromingsdreiging LCO (actief bij hoogwater).

Droge zomers: het nieuwe normaal

De jaren 2018-2020 lieten zien dat droogte structureel terugkeert. Ook de zomers van 2022 en 2025 waren droog. De lessen uit 1976: samenwerken, meer gegevens verzamelen en uitwisselen, zijn inmiddels vaste praktijk.

Bas de Jong, manager van het Programma Slim Watermanagement: ‘De Sinterklaasstorm van 2013 (officiële naam: Xaveer) bevestigde hoe belangrijk het is om het geheel van het watersysteem te kunnen overzien. En om met dezelfde informatie op hetzelfde moment de juiste beslissingen te kunnen nemen over waterverdeling bij droogte en de afvoer van water bij wateroverlast.’

Het programma Slim Watermanagement ontstond daarna. Hierin werken Rijkswaterstaat en de waterschappen samen aan een zo goed mogelijk waterbeheer. Ook als er geen watertekort of wateroverlastsituatie is.

Een nieuw record: 2026

In augustus 2026 werd een nieuw record gevestigd: nooit eerder stroomde er zo weinig water door de Rijn. Veraart: ‘De droogte van 2026 lijkt in zekere zin wel op die van 1976, maar we zijn nu veel beter voorbereid. Zo was er voorafgaand aan deze droogte veel meer water vastgehouden in het IJsselmeer dan toen.’

De Jong beaamt dat: ‘De droogte van dit jaar bevestigt dat we ons moeten blijven voorbereiden op weerextremen: droogte en wateroverlast. Dat betekent water opslaan als er te veel is, zodat we dat kunnen gebruiken als er te weinig is. Het IJsselmeer speelt daarbij een belangrijke rol, maar we kijken ook naar wateropslagplaatsen in de regio. Dat doen we samen met de waterschappen, provincies en gemeenten en grote watergebruikers zoals bedrijven, land- en tuinbouwers en natuurbeheerders. Samenwerken dus, zoals we in 1976 leerden.

Meer informatie