Nieuwsbericht

Start proef met bestuursrechtelijke handhaving snelvaren op Waddenzee

Gepubliceerd op: 12 mei 2026, 09.10 uur

Rijkswaterstaat startte op 11 mei 2026 met bestuursrechtelijke handhaving van snelheidsovertredingen op de Waddenzee. De pilot duurt voorlopig een jaar en heeft als doel het aantal overtredingen terug te dringen en de veiligheid op het water te vergroten.

De handhaving richt zich op alle schepen die de snelheidsregels overtreden. In de praktijk ligt de nadruk echter op bedrijfsmatig gebruik van de vaarweg, omdat daar vaker sprake is van structurele overtredingen. Er wordt geen onderscheid gemaakt naar type schip of naar type vervoer.

De last onder dwangsom

We zetten hiervoor het instrument van de last onder dwangsom in. Overtreders krijgen daarbij niet direct een boete, maar eerst een bestuursrechtelijke waarschuwing. Als vervolgens opnieuw een snelheidsovertreding wordt vastgesteld, moet alsnog een vooraf vastgesteld geldbedrag worden betaald.

De bestuursrechtelijke handhaving richt zich daarbij op het bedrijf of de eigenaar achter het schip en niet uitsluitend op de individuele schipper. We kunnen de hoogte van de dwangsom daarbij zelf vaststellen. Daardoor kan deze hoger uitvallen dan bij strafrechtelijke handhaving.

De bestaande strafrechtelijke handhaving blijft naast deze pilot bestaan. De pilot is een extra maatregel.

Bestuursrechtelijke handhaving

Bestuursrechtelijke handhaving wordt ook door andere overheden toegepast, bijvoorbeeld door de gemeente Rotterdam bij hardnekkige verkeersovertredingen en door de Inspectie Leefomgeving en Transport bij andere overtredingen op het water. De bestuursrechtelijke aanpak van ons is gericht op het voorkomen van herhaling en het afdwingen van naleving.

De Waddenzee is gekozen als startgebied omdat daar structureel snelheidsovertredingen worden geconstateerd. Door de omvang en openheid van het gebied is het lastig om schepen direct staande te houden.

De nieuwe aanpak maakt het mogelijk om ook achteraf te handhaven richting de eigenaar of het bedrijf achter het schip wanneer een overtreding is vastgesteld. Daarbij is het, anders dan bij strafrechtelijke handhaving, niet nodig om een schip direct staande te houden.

Meldingen en waarnemingen

Bij de handhaving maken we eerst gebruik van meldingen en waarnemingen. Na een melding of waarneming kan eventueel worden teruggevallen op scheepvaartverkeersdata als ondersteunende informatie. Ook informatie van andere overheden, organisaties en vaarweggebruikers kan worden meegenomen. De beoordeling gebeurt zorgvuldig en op basis van een samenhangend geheel aan bewijsmiddelen.

We zien de aanpak als succesvol wanneer het aantal snelheidsovertredingen aantoonbaar afneemt, vaarweggebruikers hun gedrag aanpassen en de veiligheid op de Waddenzee verbetert.

De ervaringen worden gebruikt om te beoordelen of deze vorm van handhaving ook op andere locaties kan worden ingezet.