Vleermuisvriendelijke verlichting (Batlamp)

Verlichting op wegen helpt de verkeersveiligheid. Tegelijk kan kunstlicht de natuur verstoren. Vleermuizen zijn namelijk gevoelig voor blauw en ultraviolet licht, dat in normale straatverlichting zit. Daardoor kunnen zij hun vliegroutes, jachtgebieden en verblijfplaats vermijden.

Om de leefomgeving van vleermuizen beter te beschermen, passen we sinds 2011 vleermuisvriendelijke verlichting toe. Deze verlichting kan rood- of amberkleurig zijn en verstoort vleermuizen minder dan gewone, witte straatverlichting.

Vleermuizen gevoelig voor licht

Vleermuizen zijn gevoelig voor lichtverstoring. Doordat ze licht zoveel mogelijk vermijden, kan straatverlichting een barrière vormen.

Een vorm van vleermuisvriendelijke verlichting is de Batlamp. Deze lamp gebruikt speciale verlichting met amberkleurige leds. Voor deze kleur licht zijn vleermuizen een stuk minder gevoelig. Hierdoor kunnen zij gewoon hun vliegroutes volgen en ’s nachts jagen op voedsel.

Kleur van het licht

Bij het bepalen van de lichtkleur hebben we rekening gehouden met de zogeheten Human-Bat Response Ratio: de verhouding tussen hoe mensen en vleermuizen licht waarnemen. We hebben een lichtkleur gekozen die vleermuizen zo min mogelijk hindert, terwijl weggebruikers de verkeerssituatie nog goed kunnen zien.

Naast de amberkleurige Batlamp gebruiken we op sommige locaties ook rode verlichting. Rode verlichting verstoort vleermuizen en andere dieren minder dan amberkleurig licht. Maar amberkleurig licht heeft als voordeel dat weggebruikers kleuren, verkeersborden en veiligheidskleding beter kunnen herkennen. Daarom kijken we per locatie welke vorm van vleermuisvriendelijke verlichting het meest geschikt is.

Toepassing vleermuisvriendelijke verlichting

De Batlamp is eind 2011 voor het eerst gebruikt bij de aanleg van een ecoduct over de snelweg A74 bij Tegelen. Inmiddels gebruiken we dit type verlichting op verschillende locaties. We zetten vleermuisvriendelijke verlichting vooral in op plaatsen waar wegen, fietspaden of andere infrastructuur belangrijke vliegroutes van vleermuizen kruisen.

Voor de natuur blijft geen verlichting de beste optie. Op locaties waar verlichting voor de verkeersveiligheid noodzakelijk is, kunnen we vleermuisvriendelijke verlichting gebruiken.

Naast een andere kleur verlichting, passen we ook andere maatregelen toe, zoals dimbare verlichting of het bewust weglaten van verlichting op locaties waar dat veilig kan. De komende jaren zullen steeds meer wegen worden voorzien van aangepaste of geen verlichting.

Aanvullende maatregelen

Om de lichthinder voor vleermuizen verder te beperken, kunnen we extra locatie specifieke maatregelen toepassen. Voorbeelden hiervan zijn:

  • Lagere lichtmasten, waardoor minder licht in de omgeving terechtkomt.
  • Afscherming van de lamp om strooilicht te verminderen.
  • Op sommige fiets- en wandelroutes kunnen we dynamische verlichting gebruiken. De verlichting brandt dan alleen wanneer een fietser of voetganger passeert.
  • Het dimmen of tijdelijk uitschakelen van verlichting tijdens perioden waarin dieren het meest actief zijn.

Naast aanpassingen aan de verlichting zelf passen we soms ook andere maatregelen toe voor vleermuizen. Denk aan het creëren van verblijfplaatsen en het verbeteren van natuurverbindingen, bijvoorbeeld met faunapassages.