VOICE-OVER: Nederland is een belangrijk transportland, en een groot deel van dat transport gaat over ons water. Ons land heeft dan ook maar liefst zo'n 7.000 kilometer aan vaarwegen. (Een animatie.) Willen schepen kunnen blijven varen, dan moet het water in onze havens, rivieren en kanalen diep genoeg blijven, en dat gaat niet vanzelf. De stroming neemt namelijk vaak materialen mee. Denk aan zand, slib of klei. Ook oevers brokkelen soms af, waardoor grond in het water terechtkomt. Deze materialen noemen we sediment, en zakken na verloop van tijd naar de bodem. Elk jaar hoopt dit sediment zich op, van één tot meerdere centimeters hoog. Zo wordt de vaarweg steeds ondieper en hebben schepen minder ruimte om te varen. Bovendien heeft de rivier dan minder ruimte voor het water. Om deze schepen en het water meer ruimte te geven, verwijderen we het sediment. Dit noemen we baggeren. Hiervoor hebben we meerdere technieken. Zo kunnen we mechanisch baggeren door materiaal weg te scheppen. Of hydraulisch baggeren door het materiaal weg te zuigen zoals een stofzuiger. En soms gebruiken we beide technieken. Dan scheppen we eerst het materiaal los en zuigen we het daarna op. Baggeren is een klus die zorgvuldig moet gebeuren. Zo checken we vooraf of er geen oude auto's of bommen uit de Tweede Wereldoorlog op de bodem liggen. Daarnaast houden we rekening met de natuur eromheen. Zodra het sediment van de bodem is, neemt het baggerschip of een ander schip het sediment mee. Dit hergebruiken we zo veel mogelijk. Denk aan de kustversterking of wegenbouw. Of het opvullen van rivieren die juist te diep zijn geworden. Materiaal dat te vervuild is, brengen we naar een speciale opslagplaats. Zo komt het niet terug het milieu in. Wanneer het baggeren helemaal klaar is, zijn de vaarwegen weer diep genoeg voor schepen. Zo houden we Nederland veilig en bereikbaar voor al het vaarverkeer over ons water. Meer informatie? Ga naar rijkswaterstaat.nl. (Het Nederlandse wapenschild met daarnaast: Rijkswaterstaat. Ministerie van Infrastructuur en Waterstaat. Het beeld wordt geel met wit. Beeldtekst: Meer informatie? Kijk op rijkswaterstaat.nl. Een productie van Rijkswaterstaat. Copyright 2024.)
Baggeren kanalen
Op de hoofdvaarweg Lemmer-Delfzijl varen veel grote binnenvaartschepen. Om deze veilig te laten varen, moet de vaargeul 4,90 m diep zijn. Dat is nu niet overal het geval. Daarom gaan we op 14 plekken baggeren. Zo blijft de vaarweg ook de komende jaren veilig en goed bevaarbaar.
Wat gaan we doen?
De komende jaren werken we op verschillende plekken in de kanalen om de vaarweg weer op de juiste diepte te brengen. Dit doen we op de 14 locaties waar de problemen het grootst zijn. In 3 jaar tijd baggeren we in totaal ongeveer 180.000 tot 200.000 m3 zand en slib.
We voeren de volgende werkzaamheden uit:
- Baggeren van zoet water: we halen zand en slib weg, zodat de vaargeul weer diep genoeg is.
- Verwijderen van ondieptes en erosiegaten: dit zorgt voor een veilige doorvaart.
- Terugbrengen van klei: we gebruiken de vrijgekomen klei om plekken te versterken waar weggespoelde grond een risico kan vormen voor damwanden.
- Verwijderen van obstakels: zoals autowrakken of andere voorwerpen op de bodem die de scheepvaart kunnen hinderen.