Waal: renovatie Waalbrug

In voorbereiding 2019 - 2030 Arnhem, Nijmegen, Gelderland

De Waalbrug is een belangrijke schakel voor het lokale verkeer in Nijmegen en het regionale verkeer tussen Nijmegen en Arnhem. De eerste fase van de renovatie is gestart in 2019 en afgerond in 2021. We vervingen het betonnen rijdek en pasten de busbaan aan naar een fietspad in twee richtingen. Het oostelijke fietspad is opgeknapt.

Heb ik last van de werkzaamheden?

U heeft (op dit moment) geen last van de werkzaamheden.

In de tweede fase verwijderen we de bestaande verflagen van de brug en schilderen we de brug opnieuw. Daarnaast brengen we delen van de brug terug naar de originele vormgeving. De tweede fase start in 2030 vanwege de kosten. Het veilig verwijderen van de chroom-6 houdende verf is namelijk duur.

Planning

Klaar: onbekend
  • Eerste fase renovatie

    Klaar
    2019 - 2021

    Het betonnen rijdek is in zijn geheel vervangen. Daarnaast maakten we van de busbaan een fietspad in twee richtingen en knapten we het oostelijke fietspad op.

  • Tweede fase renovatie

    Gepland
    2030

    In de tweede fase verwijderen we de bestaande verflagen van de brug en schilderen we de brug opnieuw. Daarnaast brengen we delen van de brug terug naar de originele vormgeving.

Deze planning kan nog veranderen.

Renovatie Waalbrug: een gloednieuw betondek

Bij de renovatie van de Waalbrug is het oude betondek vervangen door 360 nieuwe prefab betonplaten. In deze video zie je hoe dit precies ging. Het vervangen van het oude betondek gebeurde in drie stappen.

Eerst vond de productie van de nieuwe betonplaten plaats bij Westo in Coevorden. De nieuwe betonplaten zijn daar speciaal voor de Waalbrug op maat gemaakt. Daarna werd het oude betondek ingezaagd en in delen verwijderd. Op de lege plekken zijn de nieuwe platen geplaatst en met elkaar verbonden. Door het vervangen van het oude betondek kan de Waalbrug weer honderd jaar vooruit.

(Beeldtitel: Renovatie Waalbrug. Een gloednieuw betondek.) GERT JAN KOPPELMAN: De Waalbrug is echt een oude brug een historisch monument ook. Ze heeft wat dat betreft wel een mooie geschiedenis. Wij vervangen nu het rijdek. We repareren het staal dat direct onder het rijdek zit. Dat kan niet in een keer, want dan zou de hele brug moeten worden afgesloten en zouden wij moeten werken vanaf de parallelle rijbanen. Die ruimte is er niet, want al het verkeer moet nog wel stad in en stad uit kunnen inclusief de hulpdiensten. We beginnen de cyclus eigenlijk altijd met het inzagen van de platen die er in de komende nacht uit moeten. (In het donker zijn mensen aan het werk.) De platen die eruit gaan, die worden afgevoerd. Dan moet je het brugdek gaan vervangen, dat doen we met prefabplaten. De prefabplaten, die komen bij Westo in Coevorden vandaan. Westo maakt tien platen per week. In totaal hebben we 360 platen voor beide zijden. Het is betonkwaliteit met een hogere sterkte. Er zit heel veel wapening in zodat we een zo licht mogelijk dek hebben waar een maximale aslast op kan. (Een stalen raster wordt bedekt met beton.) De platen die we leggen, die wegen tussen de acht en negen ton per stuk. (Een plaat hangt aan kettingen in de lucht.) In feite wordt dan de hele brug vrijgemaakt, de kraanwagen rijdt het dek op. De nieuwe platen kun je niet zomaar op de stalen constructie leggen want ja, dat past niet omdat je toch weer met maatwerk zit. Dus daarom worden die nieuwe platen op kunststof oplegblokjes neergelegd. Daarmee kunnen we ze ook exact op hoogte leggen. (Mensen begeleiden een plaat naar z'n plek.) In feite hebben we een tolerantie van vijf millimeter onder een rij van drie meter. Want je legt de plaat neer alleen, dan moet je ze nog wel horizontaal richten in beide kanten en dat doen we dan eigenlijk met de krikker of wat we hier dan ook wel noemen 'de domme krachten'. Als we dan de platen op hoogte hebben liggen dan zie je aan de onderkant kunststof stootblokjes zitten. (Tussen de stalen liggers en nieuwe betonplaten zitten zwarte blokjes.) Nou, dan wordt aan de zijkanten een bekisting tussen de stalen liggers en het dek gezet en dan grouten we vanaf de bovenzijde alle ruimtes vol. Grout is een heel dunne cementmortel die vanaf de bovenzijde door de plaat met kunststof buisjes wordt gegoten en zo komt het onder de plaat tussen het beton en de stalen liggers terecht. Nou, als dat eenmaal hard is, dan gaan we verder met het storten van de natte knopen. Dat gebeurt door eerst de bekistingen te zetten en dan de wapening aan te brengen. Wapening die uit de prefabplaten komt, die worden met elkaar verbonden en daarna storten we dan in het werk de natte knopen per vak weer aan elkaar. (Een plaatrand wordt schoongemaakt.) Ik denk dat het mooi is dat je in feite met een historisch monument werkt. Je brengt daar een heel uitgekiend ontworpen betondek op aan en daarmee kan dus zo'n oud historisch monument gewoon weer honderd jaar verder. Ik ben Gert Jan Koppelman, projectleider bij de Waalbrug in Nijmegen. (Koppelman loopt weg en in de verte rijdt er verkeer over de Waalbrug. Het Nederlandse wapenschild met daarnaast: Rijkswaterstaat. Ministerie van Infrastructuur en Waterstaat. Het beeld wordt geel met wit. Beeldtekst: De opnames zijn gemaakt voor de start van maatregelen tegen het coronavirus. Meer informatie? Kijk op www.rws.nl/renovatiewaalbrug. Een productie van Rijkswaterstaat. Copyright 2020.) RUSTIGE MUZIEK DIE WEGEBT

Geschiedenis van de Waalbrug

De Waalbrug is op 16 juni 1936 door Koningin Wilhelmina geopend voor het verkeer. De hoofdoverspanning, 244,1 m lang, was destijds de grootste van Europa. De brug was tijdens Duitse aanval op Nederland op 10 mei 1940 opgeblazen, maar de brug werd hersteld en in 1943 heropend.

De Slag om Nijmegen was van 17 tot 20 september 1944, waarbij de geallieerden de Waalbrug en Spoorbrug intact te veroverden. In 1993 werd de busbaan aan de brug toegevoegd. De brug was tot de opening van de Oversteek in november 2013 de enige brug voor het onderliggend wegennet in de regio. Met de opening van de Oversteek werd de Waalbrug ontlast.

Sinds 22 april 2002 is de Waalbrug een Rijksmonument.

Foto: © Collectie Nederlands Instituut voor Militaire Historie

Nieuws