13 Ultimo

Ultimo is een onderhoudsmanagementsysteem (OMS). Het wordt door opdrachtnemers gebruikt om allerlei onderhoudsprocessen mee te managen, bijvoorbeeld storingsafhandeling, onderhoudswerk, planningen en inspecties. Rijkswaterstaat gebruikt Ultimo als beheermanagementsysteem.

Rijkswaterstaat gebruikt Ultimo in aangepaste vorm, vooral om de kwaliteit van het areaal te registreren. Ultimo wordt daarom door Rijkswaterstaat ook wel een beheermanagementsysteem (BMS) genoemd. Zo geeft de naam aan dat het vooral gaat om gegevens waarmee Rijkswaterstaat haar beheertaken goed kan uitvoeren.

Doel gebruik Ultimo

Rijkswaterstaat gebruikt Ultimo om: 

  • inzicht te krijgen in de actuele status van het areaal ten behoeve van wettelijke verplichtingen 
  • onderhoudsadviezen te maken 
  • (toekomstige) onderhoudsopdrachtnemers te informeren 
  • verbeteringsvoorstellen van opdrachtnemers te beoordelen 

Met Ultimo voorziet Rijkswaterstaat tijdelijk in de aangegeven informatiebehoefte. Zo doen we ervaring op tijdens de nieuwe contractvorm waarmee we sinds medio 2009 het areaalonderhoud op de markt zetten.

Informatiewensen in kaart

Rijkswaterstaat zet steeds meer werk op de markt en draagt hierbij ook bepaalde verantwoordelijkheden over. De opdrachtnemers kunnen daardoor het werk ook zo efficiënt mogelijk doen. Hierbij is het belangrijk om te bepalen welke informatie Rijkswaterstaat nog zelf nodig heeft en welke gegevens de opdrachtnemers het beste zelf kunnen beheren. Zodra deze informatiebehoefte duidelijk is, zal er een BMS worden ingericht dat diverse beheerapplicaties, waaronder Ultimo, zal vervangen.

Inhoud database Ultimo

De basis in de database van Ultimo is een decompositie van het areaal: een opdeling van de rijkswegen en rijkswateren in onderhoudbare en inspecteerbare onderdelen. Aan de areaalonderdelen worden unieke kenmerken gekoppeld, zoals locatie, omvang, type, adresgegevens en contactpersonen. 

Ook worden de kwaliteitsgegevens van het areaal gekoppeld aan het de areaalonderdelen. Dat zijn bijvoorbeeld de resultaten van conditiemetingen, inspectieresultaten, storingen en de onderhoudshistorie. Dit geeft inzicht in de verwachte activiteiten en kosten in de komende jaren.

Areaaldecompositie

Rijkswaterstaat maakt voor de decompositie gebruik van de drie niveaus van de NEN2767-4-decompositie. Deze zijn nader gespecifieerd en uitgebreid met drie bovenliggende niveau’s. Dat resulteert in deze zes niveau’s: 

  • niveau 1: hoofdsysteem, te weten rijkswegennetwerk of rijkswaterennetwerk 
  • niveau 2: systeem, bijvoorbeeld rijksweg N33 of de Waal 
  • niveau 3: systeemdeel, bijvoorbeeld rijksweg A2 van knooppunt Everdingen tot knooppunt Deil of het Wilhelminakanaal van Den Bosch tot Helmond 
  • niveau 4: beheerobject, bijvoorbeeld een viaduct of een sluis 
  • niveau 5: element, bijvoorbeeld het landhoofd en de sluisdeur 
  • niveau 6: bouwdeel, bijvoorbeeld de oplegging en de ophanging

Documenten

U kunt hier per releasedatum de documenten, behorende bij deze pagina downloaden. In het contract is terug te vinden welke versie van documenten u dient te hanteren.