01 Geluidwetgeving

Geluidwetgeving

In hoofdstuk 11 van de Wet milieubeheer staan de regels voor geluid langs rijkswegen vastgelegd.

Wet milieubeheer

Met de Wet milieubeheer is geregeld wat de maximale geluidbelasting op bijvoorbeeld gevels van woningen langs rijkswegen mag zijn. Ook worden zogenoemde geluidproductieplafonds geintroduceerd. Deze plafonds stellen een grens aan de geluidproductie van rijkswegen. Rijkswaterstaat is verantwoordelijk voor het uitvoeren van de Wet milieubeheer en zorgt er zo voor dat het geluid van rijkswegen niet onbeheerst kan groeien.

Geluidproductieplafonds

Hoe hoog het geluidniveau langs een rijksweg mag zijn, hangt af van de locatie. Aan beide kanten van de rijkswegen zijn ongeveer 60.000 referentiepunten ingesteld. Dat zijn geen fysieke punten waar we geluid meten, maar virtuele punten in een digitaal rekenmodel. Voor ieder punt is een maximaal toegestane geluidproductie berekend. Dit maximum noemen we het geluidproductieplafond of GPP. De referentiepunten liggen steeds op 50 m afstand van de weg, op 4 m hoogte en 100 m uit elkaar.
Ieder referentiepunt heeft een eigen geluidproductieplafond.
Passende bij de verkeerssituatie ter plaatse, heeft ieder referentiepunt zijn eigen geluidproductieplafond. Factoren die van invloed zijn op de hoogte van het geluidproductieplafond zijn verkeersdrukte, of er wel of niet geluidschermen- of wallen staan en hoe hard het verkeer er rijdt. De hoogte van alle geluidproductieplafonds zijn te zien in het Geluidregister.

Geluid bij woningen

Het geluid van rijkswegen komt ook terecht bij woningen die in de buurt van de weg staan. De hoeveelheid geluid die op de gevels (de buitenmuren en het dak) van woningen terecht komt, mag volgens de Wet milieubeheer niet boven 50 dB uitkomen. Dat is de voorkeurswaarde. Bij de aanleg van nieuwe wegen streven we ernaar dat de geluidbelasting niet boven die voorkeurswaarde komt. Voor woningen langs bestaande wegen is dat moeilijker. Daar mag de geluidbelasting soms boven de 50 dB liggen.

Het absolute maximum voor geluidbelasting op de gevel van een woning is 65 dB. Een toename van de geluidbelasting tot bóven 65 dB is alleen mogelijk als de minister van Infrastructuur en Waterstaat dat uitdrukkelijk toestaat. Dat is tot december 2018 nog niet gebeurd. Woningen die voor 2012 al een geluidbelasting boven de 65 dB ondervonden, komen in aanmerking voor geluidsanering.

Eenmalige aanpak van geluidoverlast bij woningen

Al voor de inwerkingtreding van de hierboven genoemde geluidproductieplafonds waren geluidknelpunten langs de rijkswegen bekend. Voor woningen bij deze locaties pakt het Meerjarenprogramma Geluidsanering (MJPG) de geluidoverlast éénmalig aan. Op basis van geluidonderzoek wordt bepaald waar welke maatregelen tegen geluid, zoals bijvoorbeeld stiller asfalt, geluidschermen en gevelisolatie bij woningen, worden toegepast.

Wet geluidhinder

Behalve de Wet milieubeheer is er ook de Wet geluidhinder. Deze wet geldt sinds 2012 alleen nog voor gemeentelijke en provinciale wegen. In de Wet geluidhinder zijn ook regels opgenomen over geluid bij de bouw van woningen in de buurt van een (rijks)weg.