02 Strooien en zout

onderliggende pagina's

Strooien en zout

Het landelijk dekkend Gladheidmeldsysteem waarschuwt automatisch wanneer er kans op gladheid ontstaat. Op basis van die informatie besluiten we of we moeten strooien. Ook de weersverwachting en de hoeveelheid strooizout dat eventueel al op de weg ligt, wegen mee in die beslissing.

Bij kans op gladheid wordt er preventief zout gestrooid om deze wegen veilig te houden. Rijkswaterstaat zet hiervoor ruim 500 strooiwagens in, die we ook kunnen voorzien van een sneeuwschuiver, en 350 sneeuwploegen.

Een strooiloods in Breda

Om goed voorbereid te zijn op komende winter(s) heeft Rijkswaterstaat een aantal maatregelen genomen. De zoutvoorraad is bijvoorbeeld verhoogd tot ruim 200 miljoen kilo. Rijkswaterstaat is hierdoor minder afhankelijk van ad hoc-contracten met leveranciers. Ook zijn de contracten met leveranciers aangescherpt wat betreft levertijden en boetes bij het niet nakomen van gemaakte afspraken.

Zout

Alle soorten wintergladheid worden bestreden door zout te strooien. Zout verlaagt het vriespunt met een aantal graden. Hierdoor wordt de weg minder snel glad en ontdooid bestaande sneeuw of ijzel.

Hieronder staan de veelgestelde vragen over strooien en zout. Alle veelgestelde vragen over winter op de weg vindt u hier.

Veelgestelde vragen over strooien en zout

Strooien

Zout

Van wanneer tot wanneer strooit Rijkswaterstaat zout?

Het gladheidseizoen voor Rijkswaterstaat loopt van 1 oktober tot 1 mei. Maar mocht het voor 1 oktober en/of na 1 mei glad worden, dan wordt natuurlijk ook gestrooid.

Wat voor methode gebruikt Rijkswaterstaat bij het strooien?

Rijkswaterstaat strooit preventief met nat zout: voordat we gladheid verwachten, strooien we. Het beleid is erop gericht om het ontstaan van gladheid bij winterse omstandigheden zo veel mogelijk te voorkomen.

Soms strooien we na een preventieve actie ook nog extra (curatief), dus als het al glad is. Bij veel sneeuw of ijzel is alleen een strooiactie vooraf (preventief) niet voldoende. Afhankelijk van de situatie moeten we vaker strooien, of bij hevige sneeuwval in korte tijd met sneeuwschuivers werken. Het overgrote deel van de strooiacties is echter preventief.

Waarom wordt er 'nat' gestrooid?

Door het zout vlak voordat het op de weg wordt gestrooid nat te maken met een zoutoplossing, blijft het zout beter op de weg liggen. Hierdoor verwaait het ook veel minder, kunnen we nauwkeuriger strooien en is de maximale strooisnelheid veel hoger (70 km/h in plaats van 40 km/h bij droog zout). Door nat te strooien besparen we op kosten en wordt het milieu minder belast.

Hoe hard rijden de strooiwagens, ze rijden vaak heel langzaam?

Er wordt preventief (met 'nat' zout) gestrooid met een snelheid tot 70 km/h . Dat lijkt langzaam, maar is erg snel. Dit is de maximale snelheid waarbij het zout nog goed over de weg kan worden verspreid. Bij hogere snelheden zou er teveel zout verdwijnen door verwaaiing.

Waarom zie je nooit strooiwagens in de spits?

Rijkswaterstaat strooit vooraf (preventief): voordat het glad kan worden, moet het zout al op de weg liggen. De spits is meestal niet de kritische tijd voor gladheid (de laagste temperaturen zijn meestal in de nacht). Daarnaast staat er in de spits vaak files, waardoor de strooiwagens zelf ook vast komen te staan.

Zijn er alternatieven voor het strooien met zout?

Er is een aantal alternatieven, maar die zijn duurder, en niet per definitie minder milieubelastend. Andere materialen zijn sterk vervuilend en duur.

Concreet gaat het om:

  • Calciumchloride: dit type zout heeft echter als nadeel dat het vriespuntverlagendeffect kleiner is dan bij strooizout.
  • Kaliumchloride: deze meststof is beperkt voorradig en milieubelastend en het is onduidelijk of het technisch toepasbaar is in de huidige strooiwagens.
  • Zand/grint: heeft niet de voorkeur aangezien 90% van de Nederlandse snelwegen is voorzien van zeer open asfalt beton (zoab). Voor dit type wegdek is zand als strooimiddel af te raden, omdat dit in de holtes van het zoab gaat zitten, waardoor de eigenschappen (geluidreductie en drainage) verloren gaan.
  • Sproeien met pekel: Rijkswaterstaat strooit 'nat' met een mengsel van droog zout waar zout water aan toegevoegd is. Voordelen hiervan boven sproeien met vloeibare oplossing als pekel zijn de prijs (de vloeibare oplossing is duurder) en de ruimte die opslag van tanks van zoutwateroplossing in beslag nemen. Die nemen meer ruimte in dan de huidige zoutopslag in loodsen.

Is dit gewoon zout?

Strooizout is gewoon keukenzout (NaCl), maar wel minder zuiver. Soms zie je ook roze zout. In het verleden werd zout soms gekleurd om het te onderscheiden van consumptiezout. Een meerderheid van de wegbeheerders vindt de kleur prettig, omdat daardoor beter zichtbaar is dat er gestrooid is.

Aan wegenzout is een antiklontermiddel toegevoegd. Zout is hygroscopisch (trekt vocht aan) waardoor het gaat klonteren. Als het dan lang in de zoutloods ligt is het zonder antiklontermiddel niet meer te verwerken. Een antiklontermiddel is niet schadelijk voor het milieu.

Waarom wordt er geen gebruikgemaakt van het zoute zeewater?

De zoutconcentratie in het zeewater is te laag, waardoor het alsnog bevriest als het in aanraking komt met de weg. Bovendien is ons huidige materieel daar niet geschikt voor. Rijkswaterstaat heeft geen sproeiwagens, maar alleen strooiwagens voor droog zout aangelengd met zout water.

Wat is een zoutloket?

Op het moment dat er een (landelijk) dreigend tekort aan strooizout ontstaat, kan de minister van Infrastructuur en Milieu besluiten tot het inwerking stellen van de zoutloketten. Dat doet de minister in overleg met het Interprovinciaal Overleg (IPO), de Verenging Nederlandse Gemeenten (VNG) en Unie van Waterschappen (UvW). Via de zoutloketten kan strooizout worden herverdeeld om de belangrijkste wegen in Nederland begaanbaar te houden.

Onder de belangrijkste wegen verstaan we:

  • hoofdwegennet 
  • belangrijke provinciale wegen 
  • belangrijke gemeentelijke wegen 
  • belangrijke OV-routes 
  • calamiteitenroutes

Wanneer worden zoutloketten ingesteld?

Het zoutloket wordt ingesteld wanneer:

  • de strooizoutvoorraden bij een groot deel van de wegbeheerders op dreigen te raken 
  • er door de markt geen of heel beperkt strooizout geleverd kan worden 
  • er aanhoudende kans op gladheid is door aanhoudend winterweer

Evenals in 2012 vindt er ook dit jaar geen voorinschrijving plaats voor het nationaal zoutloket. De wegbeheerders hebben hun zoutvoorraden na de afgelopen winter fors verhoogd. Ook zijn er op regionaal niveau veelal afspraken gemaakt tussen wegbeheerders over de onderlinge samenwerking bij de gladheidbestrijding. De noodzaak om een voorinschrijving voor het zoutloket te starten is daardoor sterk afgenomen.

Is het zoutloket een fysiek loket van waaruit het zout wordt uitgegeven?

Nee. Het zout blijft in depot bij de desbetreffende wegbeheerder en wordt door het zoutloket indien nodig op afstand herverdeeld.

Hoe werkt het zoutloket?

Het zoutloket beheert het zout, verzamelt actuele gegevens over de strooizoutvoorraden van de verschillende wegbeheerders, coördineert ingediende hulpvragen en neemt beslissingen hierover op basis van gezamenlijk gemaakte afspraken. Het zout blijft in depot bij de desbetreffende wegbeheerder en wordt door het zoutloket indien nodig op afstand herverdeeld.

Hoe kunnen wegbeheerders deelnemen aan het zoutloket?

Alle wegbeheerders kunnen op basis van vrijwilligheid deelnemen aan het zoutloket. De wegbeheerder blijft ook bij deelname aan het zoutloket zelf verantwoordelijk voor de gladheidbestrijding op de wegen die hij in beheer heeft. Dus ook voor de inkoop van strooizout.

Gerelateerde onderwerpen

Stuur door

onderliggende pagina's