Minder files en betere doorstroming

Minder files en betere doorstroming

De Nederlandse snelwegen behoren tot de meest intensief gebruikte wegen ter wereld. Door de aantrekkende economie neemt het aantal voertuigen en daarmee de files op de rijkswegen toe. Rijkswaterstaat pakt files op verschillende manieren aan.

Welke soorten files kennen we?

Voor de verkeersinformatiedienst hanteert Rijkswaterstaat de term ‘file’ als een verzamelbegrip voor 3 soorten stagnerend verkeer, namelijk:

  • langzaam rijdend verkeer: verkeer dat over minstens 2 km nergens harder rijdt dan 50 km/h, maar vaak wel sneller gaat dan 25 km/h
  • stilstaand verkeer: verkeer dat over tenminste 2 km bijna overal minder dan 25 km/h rijdt
  • langzaam rijdend tot stilstaand verkeer: langzaam rijdend verkeer over grotere lengte met op sommige stukken stilstaand verkeer

Hoe ontstaat een file?

Het ontstaan van een file kan verschillende oorzaken hebben en het valt niet zomaar op te lossen. Het fileprobleem is een karakteristiek verschijnsel van de 20e en 21e eeuw. Files kunnen ontstaan:

  • als er in 1 keer een heleboel auto’s op de weg komen, waardoor het verkeer vast komt te staan (in de piekuren)
  • door tijdelijke verstoringen in het verkeer (veroorzaakt door ongevallen, pech, wegwerkzaamheden, gladheid, slecht zicht enzovoorts)

Maatregelen voor een betere doorstroming

Het verkeer op de rijkswegen wordt vanuit regionale verkeerscentrales bewaakt, geleid en geïnformeerd. De verkeersleiders zorgen dat het verkeer optimaal en veilig kan doorrijden. Dit doen zij bijvoorbeeld door het informeren van weggebruikers over alternatieve routes en reistijden. Maar ook door het dynamisch aanpassen van de maximumsnelheid, het inzetten van toeritdoseerinstallaties en spits- en bufferstroken.

Daarnaast neemt Rijkswaterstaat een aantal praktische aanvullende maatregelen om hinder door incidenten zoveel mogelijk te beperken, zoals: 

  • Het eerder opstarten van de versnelde berging door weginspecteurs om zo de incidentduur zoveel mogelijk te verkorten. Rijkswaterstaat verplaatst voertuigen dan naar een veilige locatie. Ook kan de rijstrook vrijgemaakt worden door het voertuig de berm in te schuiven en de berging uit te stellen. Het voertuig veroorzaakt hierdoor minder hinder meer voor het verkeer. 
  • Het beperken van files door gestrande vrachtwagens met pech en tunnelsluitingen door op strategische punten de bandenspanning en hoogte van vrachtwagens te meten. 
  • Het positioneren van weginspecteurs op strategische punten tijdens de ochtend- en avondspits. Doordat de snelwegen steeds intensiever worden gebruikt nemen spitsfiles toe. Hierdoor stijgt ook de kans op incidenten, zoals kop-staartbotsingen, met nieuwe files als gevolg. Doordat weginspecteurs sneller ter plaatse zijn, kan Rijkswaterstaat incidenten ook sneller afhandelen. 
  • Het eerder openstellen van spitsstroken bij verstoringen als mist. Hiermee bevordert Rijkswaterstaat de doorstroming. 
  • Het consistent en gegarandeerd uitwisselen van informatie door nieuwe technologie. Rijkswaterstaat zet zich hier als landelijk wegbeheerder, samen met de regionale wegbeheerders en marktpartijen, voor in. Realtime rij- en reisadviezen aan individuele weggebruikers kan voorkomen dat er abrupt wordt geremd en er schokgolven files of botsingen ontstaan. Denk hierbij aan een tijdige waarschuwing aan automobilisten als ze inrijden op een filestaart of bij een lokale mistbank of gladheid.

Maatregelen bereikbaarheid ringwegen bij grote steden en knooppunten

Om de ringwegen bij grote steden en knooppunten de komende jaren bereikbaar te houden, ontwikkelt Rijkswaterstaat extra maatregelen bovenop de diverse spitsstroken die worden aangelegd. Door bijvoorbeeld op toeleidende wegen 1 rijstrook tijdens de spits af te sluiten, komt het verkeer gedoseerd op de ringweg. Daardoor kunnen de automobilisten op de ringweg blijven rijden. Zouden deze maatregelen niet worden genomen, dan blokkeert de ringweg, waardoor files zich als een olievlek uitbreiden over een veel groter gebied.

Bij diverse opritten wordt gebruik gemaakt van hetzelfde principe: door toeritdosering wordt het verkeer 1 voor 1 op de snelweg toegelaten. De doorstroming op de snelweg is hierdoor beter. Voor de automobilist betekent het dat het langer duurt voordat je op de snelweg bent, maar als je eenmaal op de snelweg zit, dan kun je ook doorrijden.

Beter Benutten

Werken aan bereikbaarheid kan op veel manieren. Rijkswaterstaat doet dit onder andere door wegen aan te leggen en uit te breiden. Maar ook slimme, goedkopere maatregelen hebben veel effect op de doorstroming. In het programma Beter Benutten werken Rijkswaterstaat, het ministerie van Infrastructuur en Waterstaat, regionale overheden en het bedrijfsleven samen aan een beter gebruik van de bestaande infrastructuur.

VERDER

In VERDER werken gemeenten, provincie en het Rijk samen om de bereikbaarheid van de regio Midden-Nederland te verbeteren.