Ruim baan voor vis

Ruim baan voor vis

Sluizen, stuwen, gemalen, dijken en dammen zijn barrières in de trekroutes van vis. Dit heeft geleid tot een afname van de hoeveelheid en het aantal soorten vis in de rijkswateren. Rijkswaterstaat treft maatregelen waardoor de belangrijkste barrières omzeild kunnen worden door vis.

Een goede visstand draagt bij aan en hoort bij een gezond ecosysteem in en rond de Nederlandse wateren. Zij is ook van grote betekenis voor de beroeps- en sportvisserij, (overwinterende trek)vogels en andere viseters zoals de visotter.

Ruim baan voor de vis

Gemalen, sluizen, dijken en dammen zijn barrières in de trekroutes van de vis. Dit heeft een afname veroorzaakt van de hoeveelheid en het aantal soorten. Er zijn zelfs vissoorten die dreigen uit te sterven. Samen met andere waterbeheerders treffen we maatregelen, waardoor zij de belangrijkste blokkades kunnen passeren.

Schoon en gezond water is belangrijk. Voor mensen, planten en dieren. In de Europese kaderrichtlijn Water zijn afspraken gemaakt die er voor moeten zorgen dat het water van alle Europese landen van voldoende kwaliteit is en blijft. Rijkswaterstaat voert deze afspraken uit in Nederland. In deze serie laten we voorbeelden zien van maatregelen die we samen met partners nemen om de kwaliteit van ons water te verbeteren. Stel, je bent een vis en je moet in de rivier tegen de stroming in zwemmen om je verderop te kunnen voortplanten. Wanneer dan de weg wordt versperd door een gemaal, kun je niet verder. Gemalen, sluizen, dijken en dammen zijn barrières in de trekroutes van de vis. Dit heeft een afname veroorzaakt van de hoeveelheid en het aantal vissoorten. Er zijn zelfs soorten die dreigen uit te sterven. Rijkswaterstaat en de andere waterbeheerders treffen maatregelen waardoor blokkades gepasseerd kunnen worden. Zoals hier in Amsterdam. Daar heeft het Waterschap Amstel, Gooi en Vecht samen met Rijkswaterstaat een vispassage aangelegd. Vissen kunnen hierdoor migreren van het Noordzeekanaal naar de Noorder IJplas om te paaien. De feestelijke opening van de vispassage trekt veel bekijks. Met het vrijlaten van een aantal vissen vlak bij de nieuwe doorgang wordt de vispassage Noorder IJplas symbolisch geopend. Sprot. -Ja, kijk. Als de visstand goed is of verbetert verbetert ook de ecologische kwaliteit van het water. En dat is wat we met de kaderrichtlijn Water eigenlijk willen bewerkstelligen. Rijkswaterstaat en de waterschappen voeren in Nederland samen onderzoek uit naar het leefklimaat van vissen. Dit is Bram van Wijk. Ooit werd hij door zijn vader opgeleid tot palingvisser. Maar door de afname van de vispopulatie in Nederland werd het steeds moeilijker om rond te komen. Daarom besloot hij om zich om te scholen tot visonderzoeker. Een ruisvoorn van 21. Onbeschadigd. In verschillende wateren doet hij onderzoek naar de vispasseerbaarheid van gemalen. Ik kom wel eens bij gemalen, dan hang je het net ervoor en het gemaal gaat aan. En 80 à 90 procent van wat er doorheen komt, van groot tot klein is dan of door midden geslagen ze hebben kieuwdeksels die door drukverschillen om worden getrokken ogen die eruit getrokken worden door de drukverschillen die in die gemalen opgebouwd worden. Dat is funest voor een goede visstand. Dit soort onderzoek en eigen onderzoek van Rijkswaterstaat helpen bij het vinden van de juiste maatregelen. Zo kan er bijvoorbeeld worden besloten om een vispassage aan te leggen. Een vis zwemt van Noord-Amerika, via het Noordzeekanaal naar het achterland. Het maakt niet uit welke landsgrens of gebiedsgrens hij passeert. Maar bij ons maken die gebiedsgrenzen natuurlijk wel uit. De enige manier waarop we dit kunnen bereiken, dat die vis overal kan komen is als wij samenwerken. Mijn droom is dat mijn zoon van twee weer net als z'n opa, waar hij naar vernoemd is straks gewoon weer op paling kan vissen. Dat de populatie gezond is dat we weer ons voedsel uit het water kunnen halen. Dat zou ik het mooist vinden.

Doel

Door het omzeilen van barrières probeert Rijkswaterstaat de migratie van vis te bevorderen en, specifiek, om trekvissen weer terug te brengen. Dit zijn vissen die zowel zoet als zout water nodig hebben (afhankelijk van hun levensstadium) om te overleven. Denk aan paling/(glas)aal, spiering, zalm, zeeforel, bot, stekelbaars, fint, rivierprik en zeeprik.

Barrières en directe gevolgen

Door de barrières kunnen trekvissen moeilijk of niet migreren naar andere wateren. Denk aan landinwaarts gelegen zoet water, waar zich belangrijke paai- en opgroeigebieden bevinden. De obstakels zorgen er ook voor dat zoetwatervissen die (in een eerder levensstadium) zijn uitgespoeld naar zout water moeilijk of niet meer terug kunnen zwemmen. Onder ‘Omzeilen barrières’ leest u welke maatregelen er worden getroffen om deze problemen aan te pakken.