Zeegras

Zeegras is een belangrijke graadmeter voor de ecologische toestand van intergetijdengebieden en een kwaliteitsindicator voor zoute wateren.

Op en in zeegras leven namelijk organismen die als voedsel dienen voor vogels en vissen. Veranderingen in de verspreiding van zeegras staan dan ook in de Kaderrichtlijn Water-rapportage aan Brussel.

Verschillende zeegrassen

Zeegrassen zijn planten die zijn aangepast aan het onderwaterleven in brakke en zoute wateren. In de Nederlandse zoute wateren komen 2 soorten voor: groot zeegras (Zostera marina L.) en klein zeegras (Zostera noltii Hornem). Zeegrassen zijn eigenlijk geen grassen maar behoren tot de familie der fonteinkruidachtigen (Potamogetonaceae). Het zijn de enige vaatplanten in onze streken die in zeewater groeien. Groot zeegras is een beschermde plant op grond van de Flora- en Faunawet.

Biobouwer

Zeegrassen zijn een mooi voorbeeld van zogenaamde biobouwers. Een biobouwer is een soort die niet alleen reageert op het milieu, maar ook dat milieu sterk weet te veranderen. Daardoor beïnvloedt hij allerlei andere soorten. Zeegrasvelden zorgen ervoor dat het water lokaal minder snel gaat stromen waardoor fijn slib wordt afgezet op de bodem.

Historie

Zeegras is in Nederland een bedreigde soort. Zo’n 100 jaar geleden was dit wel anders. Tot in de eerste helft van de 20e eeuw was zeegras van groot economisch belang. Veel eilandbewoners van Wieringen, Texel, Terschelling, Urk, Schokland en Elburg verdienden deels hun brood met het oogsten en verwerken van wier, het (breedbladig) groot zeegras. Begin 20e eeuw was er in het overgangsgebied van Waddenzee naar Zuiderzee sprake van duizenden hectares zeegrasvelden. Na de aanleg van de Afsluitdijk is dit in snel tempo verdwenen.

Ook in het zuidwestelijk Deltagebied kwam zeegras voor. Beide soorten werden in alle bekkens aangetroffen. Na de afsluiting van het Grevelingen en de Zandkreek breidde groot zeegras zich sterk uit in de nieuw gevormde meren. Maar ook hier is de zeegraspopulatie in de afgelopen jaren flink achteruitgegaan. Doordat het zeegras in dit gebied geen economische betekenis had zoals in de Waddenzee, besteedde men er tot de jaren '50 nauwelijks aandacht aan.

Huidige situatie

Tegenwoordig komt zeegras nog slechts op enkele plekken in kleine velden voor. In de Waddenzee zijn deze onder andere te vinden langs de kust van Terschelling, langs de Groninger kust en op de Hond/Paap in de Eemsmonding bij Delfzijl. Op Schiermonnikoog kwamen beide zeegrassoorten in wisselende hoeveelheden voor, maar inmiddels lijkt het daar verdwenen. In zuidwest-Nederland komt eigenlijk alleen nog klein zeegras voor op verschillende plaatsen in de Oosterschelde en in een klein veldje in de Westerschelde (Sloehaven). Groot zeegras komt hier en daar nog heel beperkt voor in de Oosterschelde. In het Grevelingenmeer en Veerse meer is het groot zeegras geheel verdwenen. In totaal rest er nog maar zo'n 150 hectare zeegras in Nederland.

Toekomst

Rijkswaterstaat is initiatiefnemer van verschillende projecten om zeegras te behouden. Voorbeelden hiervan zijn de herintroductie van groot zeegras in de westelijke en oostelijke Waddenzee en de migratie van zeegras in de Oosterschelde.