Afhandeling containerramp met de MSC Zoe

Afhandeling containerramp met de MSC Zoe

In de nacht van 1 op 2 januari 2019 verloor containerschip MSC Zoe 342 containers in de verkeersbaan op het Nederlandse en Duitse deel van de Noordzee boven de Waddeneilanden. Van 299 containers zijn één of meerdere geïdentificeerde containerdelen met unieke containernummers uit de Noordzee en Waddenzee geborgen. De berging op de Noordzee is afgerond, maar daarmee is het dossier MSC Zoe nog niet afgesloten.

De definitieve afronding en décharge van Mediterranean Shipping Company (MSC) door de minister van Infrastructuur en Waterstaat komen pas in beeld als:

  • de zogenoemde Master Target List (MTL) volledig is afgewerkt. Deze lijst bevat een overzicht van locaties op de zeebodem waar mogelijk nog containerdelen liggen.
  • de verwerking en afvoer van al het geborgen containerdelen en lading(resten) gereed is
  • de controles door Rijkswaterstaat zijn uitgevoerd, de eindrapportage van MSC is ontvangen en door Rijkswaterstaat is goedgekeurd
  • de 2 lege containers op het Rif, de zandplaat tussen Ameland en Schiermonnikoog, zijn weggehaald
  • er in een overeenkomst afspraken met MSC zijn gemaakt over de nazorgmaatregelen (zoals bijvoorbeeld een bijdrage Fishing for Litter en het opruimen van mogelijk later nog aan te spoelen/aan te treffen materiaal)
  • de claims van 26 partijen waaronder de rijksoverheid, gemeentes en terreinbeherende natuurorganisatie zijn afgehandeld

Bergen en opruimen, de rol van Rijkswaterstaat

Voor zowel de Noordzee als de Waddenzee is Rijkswaterstaat verantwoordelijk voor de waterkwaliteit en zijn we beheerder van de bodem. Vanuit deze rol heeft Rijkswaterstaat de Mediterranean Shipping Company (MSC) direct na het overboord slaan van de 342 containers aansprakelijk gesteld voor schade van de containerramp en afspraken gemaakt met de verzekeraar van MSC over het bergen van de containers en ladingen.

Alles is er op gericht om de schade van de containerramp voortvarend en goed af te handelen, want de veroorzaker betaalt. Dat is ook de boodschap van Rijkswaterstaat in het intensief contact met MSC over de afhandeling, waaronder de betaling van schade en de berging van de resterende containers en lading.

Werkwijze bergingsoperatie

De bergingsoperatie op de Noordzee en de Waddenzee is door MSC en zijn verzekeraar uitgevoerd. Rijkswaterstaat heeft daarvoor een zogeheten incidentgebied bepaald, dat qua oppervlak zo’n 3.000 km2 beslaat. Dat is 2 keer de provincie Utrecht.

Begin 2019, vlak nadat de containers overboord zijn gegaan, hebben surveyschepen in het gebied de zeebodem in kaart gebracht en objecten op de zeebodem geïdentificeerd die mogelijk van de MSC Zoe afkomstig zijn. Op deze manier zijn bijna 6.000 objecten op de Nederlandse en Duitse zeebodem geïdentificeerd en vastgelegd op de MTL. Vervolgens zijn met behulp van een onderwaterrobot voorzien van camera’s de verschillende objecten beter onderzocht en, als het object inderdaad afkomstig is van de MSC Zoe, geborgen. Voor de berging van de circa 1.800 objecten die daadwerkelijk afkomstig bleken van de MSC Zoe, zijn in het begin van de operatie door MSC grotere schepen ingezet. De verkeersbaan moest vrijgemaakt worden van mogelijke containerdelen om zo het vaarverkeer een veilige doorgang te bieden. Later is gebruikgemaakt van schepen met een kleinere diepgang, die ook in de ondiepere wateren vlak onder kust kunnen werken.

Tijdens de bergingsoperatie zijn behalve containerdelen en lading ook explosieven uit de Tweede Wereldoorlog en onbekende wrakken aangetroffen. Een bijzondere archeologische vondst betrof een koperwrak uit de 16de eeuw.

Opruimen stranden en dijken Waddengebied

In de eerste weken na de containerramp werd door zowel professionals als vele vrijwilligers aangespoelde lading van de stranden en de dijken verzameld, zodat deze afgevoerd kon worden. Rijkswaterstaat nam de coördinatie van het opruimen op de eilanden vervolgens over. Regelmatig vinden nog inspectie en monitoring van de stranden en kustzone plaats.

Fishing for Litter

Veel vissers nemen (ook al voordat de containers van de MSC Zoe overboord sloegen) belangeloos deel aan het project 'Fishing for Litter'. Deelnemende vissers nemen opgevist zwerfvuil mee naar land, waar het wordt ingenomen, afgevoerd, gemonitord en verwerkt. Deelnemende vissers krijgen als gevolg van het incident met de MSC Zoe, waarschijnlijk meer afval in de netten. Hoeveel meer is nog onduidelijk. Hierdoor gaan de verwerkingskosten voor het vuil dat door het Fishing for Litter-project wordt betaald naar verwachting stijgen. Dit is onderwerp van gesprek tussen Rijkswaterstaat en de eigenaar/verzekeraar van de MSC Zoe.

Schade-afhandeling

Rijkswaterstaat coördineert de schade-afhandeling voor overheidspartijen en terreinbeherende natuurorganisaties. Vissers die schade aan hun netten of de kotter ondervinden door de containers of items uit de containers, kunnen dit melden via het schadeformulier bij de door MSC aangestelde experts. Wilt u schade melden? Meld dan de exacte positie waar de schade is ontstaan en maak zoveel mogelijk foto’s van het beschadigde onderdeel en het plotterscherm.

Onderzoek naar ecologische gevolgen

Rijkswaterstaat is na het incident met MSC Zoe samen met de Waddenacademie een onderzoek naar de (middel)langetermijneffecten van de plasticverontreiniging op de Waddenzee gestart. Hierdoor zijn op de eilandstranden, wadplaten en kwelders onder andere kleine plastic deeltjes aangespoeld. Uit onderzoek moet blijken wat de effecten hiervan zijn op de fauna. Ook moet het onderzoek aantonen welke maatregelen genomen moeten worden om de waarden van het UNESCO Werelderfgoed Waddenzee te behouden en ontwikkelen. In het najaar van 2020 wordt een integrale eindrapportage van dit onderzoek verwacht.

Onderliggende pagina's