Veelgestelde vragen

Veelgestelde vragen

Veelgestelde vragen

Onderzoeksrapport van Berenschot

Aanleiding

Herstel schade

Tijdelijke noodmaatregel

Schadeclaims

Algemeen

Welke focus heeft het onderzoeksrapport van Berenschot?

Het onderzoeksrapport van Berenschot gaat in op het geleverde crisismanagement van de betrokken partijen in de eerste 48-uur vanaf het moment van de aanvaring.

Berenschot heeft het onderzoek uitgevoerd in opdracht van Rijkswaterstaat, de drie betrokken veiligheidsregio’s (Gelderland-Zuid, Brabant-Noord en Limburg-Noord) en de betrokken waterschappen (Rivierenland, Aa en Maas en Limburg).

Welke conclusies staan in het onderzoeksrapport?

Het incident heeft plaatsgevonden onder unieke en zeer moeilijke omstandigheden, waarbij alle betrokkenen zich tot het uiterste hebben ingespannen voor een goede crisisbeheersing.

Meer specifiek concludeert Berenschot het volgende over de werkwijze van Rijkswaterstaat, de drie betrokken veiligheidsregio’s (Gelderland-Zuid, Brabant-Noord en Limburg-Noord) en de betrokken waterschappen (Rivierenland, Aa en Maas en Limburg):

  • De melding is met beperkte urgentie behandeld.
  • Bij de melding en alarmering is onvoldoende geanticipeerd op de interregionale effecten.
  • De opschaling van de betrokken organisaties is niet integraal afgestemd.
  • Het coördinatieplan vaarwegen Brabant-Noord en het Incidentbestrijdingsplan vaarwegen Oost-Nederland zijn ‘papieren tijgers’.
  • De coördinatie op tactisch niveau is onvoldoende tot stand gekomen.
  • Het beeld van de coördinatie bij een multidisciplinaire crisis verschilt per organisatie.
  • In de eerste twee uur na de aanvaring van de stuw bij Grave verliep de uitwisseling van de beschikbare, operationele informatie ter plaatse effectief.
  • Een gezamenlijk beeld had sneller tot stand kunnen komen; een eerste gedeeld totaalbeeld was 12 uur na de aanvaring van de stuw bij Grave beschikbaar bij de betrokken partijen.
  • Het gebruik van LCMS heeft onvoldoende bijgedragen aan effectieve informatievoorziening.
  • In de acute fase was er geen sprake van op elkaar afgestemde crisiscommunicatie.

Welke aanbevelingen staan in het onderzoeksrapport?

Op basis van de conclusies doet Berenschot de volgende aanbevelingen.

Aanbevelingen voor Rijkswaterstaat en de veiligheidsregio’s:        

  • Er is een Handboek Incidentbestrijding op het Water, vastgesteld in 2015. Zorg dat de regionale plannen aansluiten op dit plan, waarbij Rijkswaterstaat en de veiligheidsregio’s eigenaarschap tonen.
  • Overweeg om direct na een crisis een nabespreking te beleggen met alle betrokkenen van de betrokken partijen met aandacht voor het uitwisselen en leren van ervaringen.

Aanbevelingen voor Rijkswaterstaat:       

  • Tref maatregelen om de crisisorganisatie van Rijkswaterstaat robuuster te maken.

Aanbevelingen voor veiligheidsregio's:

  • Organiseer op uitvoerend niveau de operationele-, en tactische interregionale incidentbestrijding waarbij één veiligheidsregio de afhandeling coördineert.
  • Tref maatregelen om de multidisciplinaire crisisorganisatie robuuster te maken.
  • Vraag landelijk aandacht voor het vraagstuk over de rol van de veiligheidsregio als coördinerende organisatie ten behoeve van alle crisisorganisaties bij ieder type multidisciplinaire crisis.

Wat heeft Rijkswaterstaat al gedaan in afwachting van het onderzoeksrapport?

Vooruitlopend op de conclusies en aanbevelingen van Berenschot heeft Rijkswaterstaat al verbeteringen opgepakt.

Dit betreft het verbeteren van procedures rondom scheepvaart en voor incidenten en calamiteiten. Alsmede voor het landelijke professionaliseren van de meldkamerfunctie. Ook wordt onderzoek gedaan naar de duidelijkheid van elektronische kaarten, radarbeelden en bebording bij de stuwen.

Wat doen Rijkswaterstaat, de betrokken veiligheidsregio’s en waterschappen met de conclusies en aanbevelingen.

De betrokken partijen gaan de resultaten en aanbevelingen nader bestuderen. De komende tijd gaan zij gezamenlijk aan de slag met de conclusies uit het rapport.

Hoe is het onderzoeksrapport tot stand gekomen?

Berenschot heeft ongeveer 50 personen geïnterviewd. Tijdens de interviews is veel aandacht besteed aan de persoonlijke ervaringen van deze betrokkenen die tijdens de eerste 48-uur hebben meegewerkt.

Waar kan ik het onderzoeksrapport teruglezen?

Lees het onderzoeksrapport ‘Crisisbeheersing in de eerste 48 uur na de aanvaring van de stuw bij Grave’ (PDF, 1,28 MB) opgesteld door Berenschot. Er is ook een feitenoverzicht van de gebeurtenissen (PDF, 1,59 MB) in aanloop naar en na de aanvaring van de stuw

Hoe is de Tweede Kamer geïnformeerd?

Minister Schultz van Haegen (Infrastructuur en Milieu) en Minister Blok (Veiligheid en Justitie) hebben een brief gestuurd aan de Tweede Kamer.

Hoe verhoudt dit onderzoeksrapport zich tot het onderzoek van de OVV?

Het onderzoek van de Onderzoeksraad voor Veiligheid (OVV) is een op zichzelf staand onderzoek. Op de website van de OVV staat het volgende: ‘De OVV start een onderzoek naar de aanvaring bij de stuw bij Grave eind december vorig jaar. Het onderzoek richt zich op de aanvaring zelf, maar ook op de wijze waarop is omgegaan met de gevolgen. In de komende periode wordt de precieze onderzoeksvraag bepaald. In de voorbereiding op het besluit om al dan niet een onderzoek te starten, heeft de Raad in de afgelopen weken informatie over het ongeval opgevraagd bij verschillende instanties. Hiermee is gestart direct na de melding van de aanvaring op 29 december 2016. Meer info op de website van de onderzoeksraad.

Rijkswaterstaat is nauw betrokken bij het onderzoek van de OVV. De OVV heeft al meerdere keren de stuw en bedienruimtes kunnen zien. Ook heeft de OVV een Rijkwaterstaat patrouilleboot met geblindeerde ramen laten proefvaren.

Wat is er gebeurd?

Op donderdag 29 december 2016 is omstreeks 19.30 uur een binnenvaartschip (geladen met benzeen) in de dichte mist door de stuw in de Maas bij Grave gevaren. Hierbij is de stuw dermate beschadigd geraakt dat er een lekkage is ontstond. Het waterpeil tussen Grave en Sambeek daalde aanzienlijk, waardoor oevers droog vielen, woonboten scheef kwamen te liggen en de scheepvaart gestremd was.

Hoe ver zijn jullie met het definitief herstel?

Stuw Grave is hersteld en in de loop van juli 2017 weer volledig operationeel. Het eerder afgegeven halfjaar voor definitief herstel is daarmee gehaald. De stuw kan het Maaswater weer 100% reguleren.

Hoe zag het volledige proces van het definitief herstel eruit?

Na aanleg van de tijdelijke breuksteendam om de waterkerende functie van de stuw over te nemen, is eind januari de bodembescherming bij de stuw versterkt en verlengd. In die periode zijn ook de beschadigde jukken en schuiven gedemonteerd en naar een werkplaats gebracht. Tegelijk met de reparatie en productie van nieuwe jukken en schuiven vonden er reparaties plaats van andere herstelbare onderdelen.

Begin maart is er hoogwater geweest. Deze verhoogde waterafvoer heeft voor oeverafkalving gezorgd. Na herstel van deze erosie is de situatie stabiel gebleven. In april is de betonnen constructie onder water uitgebreid gecontroleerd met (duik)inspecties en een droogzetkuip. In mei en juni heeft Rijkswaterstaat de 5 jukken (3 vakkundig gerepareerd en 2 volledig nieuwe) en 15 schuiven teruggeplaatst in de stuw. Hierna volgde een testperiode en bleek dat de stuw weer goed functioneert.

Waarom is de bodem versterkt?

Achter beide stuwopeningen is de bodembescherming versterkt en verlengd. Met name achter de kleine (zuidelijke) opening was dit nodig omdat de stroomsnelheden van het water door de kleine stuw veel zijn toegenomen, waardoor de bodembescherming zwaarder wordt belast. Deze toename komt doordat het stuwpeil nu alleen gereguleerd kan worden door de kleine stuw.

Wat zijn jukken en schuiven?

Een stuw in de Maas houdt het waterniveau op een constant peil, waardoor scheepvaart met een gegarandeerde diepgang kan varen. De jukken van een stuw vormen het raamwerk (of frame) waar de schuiven tegen aan worden geplaatst om het waterpeil op een constant niveau te houden. Het aantal geplaatste schuiven in de stuw, ook wel schotten genoemd, bepaalt de waterdoorlaatbaarheid.

Wat is een droogzetkuip?

Een droogzetkuip is een kokervormige constructie die op de betonnen onderwaterconstructie van de stuw kan worden geplaatst. Door middel van rubbers sluit deze aan op de bodem en daarna kan het water uit de koker gezogen worden, zodat het specifieke deel van de constructie en nokken (steunberen) die gerepareerd moeten worden droog komen te staan.

Wordt een droogzetkuip vaker ingezet (op andere locaties)?

Ja, het bovenste deel van de droogzetkuip kan ook bij de stuwen Sambeek en Belfeld worden gebruikt, enkel het onderste deel (passtuk) past specifiek op de betonnen onderwatersconstructie van Grave.

Met wat voor tijdelijke noodconstructie is de waterkerende functie van de stuw hersteld?

Om de waterkerende functie van de beschadigde stuw over te nemen hebben we een breuksteendam aangelegd, benedenstrooms van de stuw Grave. De breuksteendam is gelijkmatig opgebouwd, waardoor er een beheerst proces ontstond om uiteindelijk op de gewenste kerende hoogte van ca +7.90 m NAP te komen. Ook is de breuksteendam voorzien van een kraagstuk om de waterdoorlatendheid te beheersen en is de bodem achter de stuw extra verstevigd. Nu de stuw hersteld is, wordt de breuksteendam verwijderd.

Wanneer werd gestart met de bouw van de tijdelijke breuksteendam en wanneer was deze klaar?

De uitvoering van deze maatregel startte fysiek bij de stuw op dinsdag 10 januari 2017 en was maandag 23 januari 2017 afgerond.

Hoeveel scenario’s voor een noodmaatregel heeft Rijkswaterstaat onderzocht?

Deskundigen hebben 12 scenario’s doorgerekend. Belangrijke criteria zijn naast waterveiligheid waren onder andere de technische haalbaarheid met doorkijk naar definitief herstel, bodemgesteldheid, hinder voor scheepvaart en omgeving en snelheid in aan- en afbouw. De optie tot snelle afbouw is noodzakelijk omdat het waterpeil van de Maas snel kan stijgen bij regenval stroomopwaarts. Daarnaast kunnen in de bodem van de Maas niet-gesprongen explosieven zijn hetgeen bij de keuze voor de tijdelijke dam in de afweging is meegenomen. Zo is er bijvoorbeeld ook gekeken naar de mogelijkheid voor een mobiele dijk, pontons op big bags en een damwand voor de stuw. Een belangrijk voordeel van de tijdelijke dam benedenstrooms, is dat de stuwvloer en rivierbodem bovenstrooms beschikbaar blijven, zodat er voldoende ruimte is voor het definitieve herstel.

Wat is de doorslaggevende factor geweest om te kiezen voor deze specifieke noodmaatregel?

Er zijn meerdere tijdelijke maatregelen onderzocht. Relatief snel de kerende hoogte van +7.90m NAP weer bereiken was erg belangrijk bij de keuze, zodat scheepvaartverkeer over de Maas snel weer mogelijk werd. Daarnaast kon met deze variant het definitief herstel ongestoord (conform huidige onderhoudstechniek) en direct worden uitgevoerd. Verder zijn er tijdens de afweging voor een tijdelijke maatregel meerdere scenario’s onderzocht, waarbij rekening gehouden is met de volgende factoren:


  • Hinder voor scheepvaart zo spoedig mogelijk opheffen
  • Beïnvloeding omgeving (trillingen, niet gesprongen explosieven) minimaliseren
  • Belemmering van de werkruimte voor definitieve herstel van de stuw wegnemen
  • Raakvlak met de sterkte van de bestaande constructie in beeld brengen
  • Veiligheid van de noodvoorziening en van het definitieve herstel waarborgen
  • Kwaliteit van de noodvoorziening en het definitieve herstel waarborgen
  • Keerhoogte van de maatregel dient afdoende te zijn
  • Hergebruik materialen is een bijkomend voordeel
  • Budget van de noodmaatregelen en definitief herstel zijn meegenomen in afweging
  • IJsgang en hoogwater

Stroomde het water niet door de losse stenen van de breuksteendam heen?

Nee, de breuksteendam was voorzien van een kraagstuk om de waterdoorlatendheid te beheersen.

Wat waren de afmetingen van de tijdelijke breuksteendam?

De hoogte van de dam was 5,60 m en de breedte 30 m. Achter de stuw ligt een vloer met NAP-hoogte +2,30 m (de vloer ligt hoger dan de stuw zelf). Op deze vloer werd een dam aangelegd van 5,60 m hoog. Hiermee bereikten we een hoogte van 7,90 m.

Kunnen jullie de werkwijze van de noodmaatregel in lekentaal uitleggen?

De breuksteendam achter de beschadigde stuw nam de functie van de stuw over, zodat het waterpeil en waterhuishouding in stuwpand Grave weer op orde gebracht werd en er weer stabiliteit in het watersysteem kwam.

Tevens is de breuksteendam een maatregel waardoor er direct gestart kon worden met definitief herstel van de beschadigdede stuw. Werkruimte bovenstrooms voor herstelwerkzaamheden aan de stuw was hierdoor gewaarborgd. De breuksteendam is gelijkmatig opgebouwd, waardoor er een beheerst proces ontstond om uiteindelijk op de gewenste kerende hoogte van +7.90 m NAP te komen. Ook was de breuksteendam  voorzien van een kraagstuk om de waterdoorlatendheid te beheersen. 

Ook hebben we de bodembescherming benedenstrooms van de stuw Grave uitgebreid om zo een robuust geheel te realiseren, ook omdat er door de hogere stroomsnelheden bij kleine stuw schade aan bodembescherming kan ontstaan.. Nu de reparatie van stuw Grave geheel voltooid is, kan de resterende breuksteen afkomstig van de breuksteendam worden hergebruikt voor reparatie / herstel / robuust maken van overige bodems van de stuwen in de omgeving.

Wat heeft Rijkswaterstaat gedaan met ingediende suggesties voor noodmaatregelen?

Rijkswaterstaat heeft iedereen bedankt voor de vele suggesties voor noodmaatregelen die zijn binnengekomen omtrent stuw Grave. Diverse noodscenario’s zijn uitgewerkt, waarin goede ideeën meegenomen zijn.

Hoe kan ik schade verhalen?

Claims met betrekking tot schade die het gevolg is van de beschadiging van de stuw bij Grave kunnen niet bij Rijkswaterstaat worden ingediend. Wilt u een claim indienen? Wendt u zich dan tot uw verzekeraar.

Waar is het schip dat de aanvaring veroorzaakte naartoe gesleept?

Nadat inspectie heeft plaatsgevonden door Inspectie Leefomgeving en Transport (ILT) is het schip onder begeleiding naar de overslaghaven van Moerdijk gesleept. Daar is op een veilige overslaglocatie de lading uit het beschadigde schip gepompt.

Welk evaluatieonderzoek is Rijkswaterstaat met partners gestart?

Op de informatiebijeenkomst op 5 januari is in bijzijn van alle bestuurlijke partners besloten om te kiezen voor een gezamenlijk evaluatieonderzoek door een onafhankelijk onderzoeksbureau. Rijkswaterstaat faciliteert dit onderzoek mede namens de 3 veiligheidsregio’s die betrokken waren, te weten Gelderland-Zuid, Brabant-Noord en Limburg-Noord. Maar ook namens de 3 betrokken waterschappen: Rivierenland, Aa en Maas en Limburg. Het onderzoek wordt uitgevoerd door Bureau Berenschot.

Wat wordt er onderzocht?

Het onderzoek gaat in op het geleverde crisismanagement van betrokken partijen (in de eerste 48-uur vanaf het moment van het incident). 3 hoofdvragen die hierbij centraal staan:

  • Wat kan er geleerd worden van de (bovenregionale) samenwerking tussen de partijen?
  • Hoe zijn de informatie- en communicatielijnen verlopen?
  • Hoe is, in het kader van (bestuurlijke) verantwoordelijkheden, dit gemeente-, regio- en provinciegrensoverschrijdende incident opgepakt?

Rijkswaterstaat hield 5 januari een informatiebijeenkomst. Wat was het doel en wie waren er uitgenodigd?

Donderdag 5 januari gaf Rijkswaterstaat een toelichting op de situatie in Grave die was ontstaan na de aanvaring van stuw Grave en ging verder in op het plan van aanpak om het waterpeil van de Maas tussen Grave en Sambeek, en op het Maas-Waalkanaal, te herstellen. Tijdens deze bijeenkomst stonden zorgen en vragen van de genodigden centraal, die vooraf zoveel mogelijk telefonisch waren opgehaald.
Voor deze bijeenkomst waren diverse bestuurlijke partners uit de regio en brancheorganisaties uitgenodigd, zoals Koninklijke Schuttevaer voor de scheepvaartsector. Per jaar passeren 9.000 recreatievaartschepen en 11.000 binnenvaartschepen de sluis bij stuw Grave. Het is voor Rijkswaterstaat onmogelijk om al deze schippers persoonlijk bij te praten.

Rijkswaterstaat  heeft daarnaast ook diverse collega’s en handhavers ingezet die langs de Maas patrouilleren om in gesprek te gaan met burgers, omwonenden, woonbootbewoners en om de veiligheid langs de Maas bij deze lage waterstanden te waarborgen. Overige belanghebbenden en belangstellenden kunnen terecht op de pagina Aanvaring Stuwcomplex Grave. Daarnaast is het informatienummer 0800-8002 (gratis) beschikbaar voor vragen.

Hoe laat is donderdag 29 december sluis Heumen gesloten?

De keersluis van het sluiscomplex Heumen is op donderdag 29 december rond middernacht gesloten. De ebdeuren van de schutsluis zijn op vrijdag 30 december om 02.30 uur gesloten.
De eerste focus van het crisisteam bij het incident lag op het inventariseren van de situatie en de schade aan het vrachtschip geladen met benzeen en de schade aan de stuw Grave.
Toen de situatie duidelijker werd, is uiteraard meteen gekeken naar vervolgeffecten, zoals voor het waterpeil op het Maas-Waalkanaal en is geoordeeld dat de sluisdeuren gesloten dienden te worden. De keersluis is vervolgens gesloten, de schutsluis heeft echter ebdeuren die zeer zelden gesloten worden, enkel in geval van ijsgang. Deze ebdeuren zijn niet ingericht op een snelle sluiting, hiervoor dienen ter plaatse fysieke handelingen vanaf een schip te worden verricht. Met het sluiten van beide sluisdeuren is een verdere daling van het waterpeil van het Maas-Waalkanaal tussen Heumen en Weurt voorkomen. Op het moment dat deze dicht waren was het waterpeil 1,10 m gezakt.

Hoe lang was scheepvaart op het Maas-Waalkanaal gestremd en hoe is dat weer mogelijk gemaakt?

De stremming voor de scheepvaart op het Maas-Waalkanaal tussen Heumen en Weurt, die na de aanvaring van stuw Grave op donderdag 29 december gold, werd zondagochtend 8 januari opgeheven vanaf sluis Weurt tot aan de loswal bij Malden.
Rijkswaterstaat heeft op 2 januari 3 grote pompen op een ponton in de oude sluiskolk in Heumen geplaatst om water te kunnen pompen vanuit de Maas naar het Maas-Waalkanaal. Nadat het waterpeil voldoende was gestegen is scheepvaart beperkt hervat. Vanaf 24 januari konden schepen vanaf het Maas-Waalkanaal ook weer de Maas bereiken.

Waarom was een mobiele dijk nodig tussen de Maas en de Rijksvluchthaven/Paesplas in Gennep?

Met de aanleg van een mobiele dijk zorgden we ervoor dat de woonboten en schepen die in de haven liggen, gecontroleerd en rustig los konden komen van de bodem. Als we de mobiele dijk niet hadden aangelegd, zou de stijging ongecontroleerd kunnen gaan waardoor de woonboten problemen konden krijgen en in het ergste geval niet konden loskomen en water de woonboten binnen zou kunnen lopen. De mobiele dijk heeft inmiddels zijn dienst bewezen en is donderdag 19 januari verwijderd.

Wat is de standaardbeveiliging bij stuwen?

Alle stuwen in de Maas zijn voorzien van een drijvende markering in de vorm van een ballenlijn. Deze markering geeft het verboden gebied aan tussen stuw en ballenlijn, dit wordt ondersteund met verkeerstekens ‘verboden in te varen’ op beide oevers. De ballenlijn is bij mist of slecht zicht goed herkenbaar op het radarscherm van de schipper. Daarnaast kunnen schippers via marifoon contact hebben met de Verkeerspost of bediencentrale. Een dergelijke ballenlijn was ook ten tijde van aanvaring aanwezig bij de stuw in Grave. Daarnaast worden schippers ruim voor de stuw al met diverse, verlichte, borden geattendeerd op de aanwezigheid van de stuw en geeft een verlicht bord de aanbevolen vaarrichting richting de sluis aan. De ingang van de voorhaven van de sluis is gemarkeerd met een rood en een groen havenlicht.

Is een dergelijke calamiteit ooit eerder voorgevallen?

Sinds de realisatie van de stuw Grave (1928) is een calamiteit van deze omvang niet eerder voorgekomen. Jaarlijks passeren zo’n 11.000 binnenvaartschepen de stuw bij Grave. Daarnaast passeren er jaarlijks nog zo'n 9.000 recreatievaartuigen.

Waarom zijn er stuwen in de Maas?

Vanwege het hoogteverschil in het Limburgse landschap en het feit dat de hoeveelheid water in de Maas sterk wisselt, wordt het waterpeil in de Maas in Limburg dagelijks kunstmatig op peil gehouden. Dit gebeurt door stuwen, waarmee Rijkswaterstaat het waterniveau in de Maas beheert en de rivier veilig en bevaarbaar houdt.
In de Maas liggen 7 stuwen, (van zuid naar noord) bij Borgharen, Linne, Roermond, Belfeld, Sambeek, Grave en Lith. Zonder stuwen zou scheepvaart op de Maas niet mogelijk zijn en zou het waterpeil sterk wisselen.

Er zijn opruimacties geweest. Wat is er met dat afval gebeurd?

Nadat delen van de Maas tussen Lith en Sambeek en het Maas-Waalkanaal tussen Heumen en Weurt op diverse plekken deels waren drooggevallen, werd afval zichtbaar dat Rijkswaterstaat heeft verwijderd. Handhavers brachten aangetroffen vuil, omgevallen bomen, erosie van de oevers en dumpingen in kaart waarna gericht opgeruimd worden. Het opgeruimde vuil is naar erkende verwerkers gebracht.

Gerelateerde onderwerpen

Stuur door