[Interview] Groot onderzoek oliebestrijding op 18 en 19 april 2018

[Interview] Groot onderzoek oliebestrijding op 18 en 19 april 2018

Nieuwsbericht - Gepubliceerd op: 16 april 2018- Laatste update: 16 april 2018 15:23 uur

Op 18 en 19 april 2018 vindt een tweedaags wetenschappelijk onderzoek plaats naar oliebestrijding op zee. Verdwijnt een olievlek op het water sneller onder invloed van golven en wind of sneller door het toepassen van chemische oplosmiddelen? Onderzoeker Marieke Zeinstra van NGL Stenden Hogeschool en nautisch adviseur Michiel Visser leggen uit waarom dit onderzoek zo belangrijk is.

Dr. Marieke Zeinstra, onderzoekster NHL Stenden Hogeschool

Wat gaat er precies gebeuren?

Voor een betrouwbaar en realistisch resultaat wordt tijdens het oliebestrijdingsonderzoek 2 vlekken van samen 5 m3 ruwe olie 13 mijl uit de kust van Scheveningen gecontroleerd geloosd. Tijdens de eerste onderzoeksdag wordt de snelheid gemeten waarmee olie van het wateroppervlak verdwijnt door alleen invloed van golven en wind. De tweede dag is bijna hetzelfde, maar worden chemische oplosmiddelen (detergenten) op de olie gespoten. De detergenten maken van de olie kleine druppeltjes die verdwijnen in het water.

Golf van Mexico

Tijdens de olieramp in de Golf van Mexico in 2010 zijn grote hoeveelheden detergenten gebruikt om de olievlek op te lossen. Deze ramp was voor dr. Marieke Zeinstra van NHL Stenden Hogeschool aanleiding om het effect van gebruik van detergenten in zee verder te onderzoeken. 'Er was toen geen eenduidig antwoord op wat het effect was van deze middelen. Dus dat ben ik verder gaan onderzoeken.'

Echte golfslag en wind

Zeinstra legt uit dat het noodzakelijk is om echte olie te gebruiken bij de oefening op de Noordzee. 'Er bestaan modellen over hoe snel je olie kan bestrijden met detergenten, maar om te onderzoeken of die modellen kloppen is het noodzakelijk om het met echte golfslag en wind te oefenen. Dit kan je niet simuleren in een laboratorium. En bij een echte olieramp moet je het zo snel mogelijk bestrijden en er is geen tijd voor onderzoek.'

Ander onderzoek

Omdat het lozen van olie voor onderzoek heel uitzonderlijk is, kijken ook meteen andere oliewetenschappers mee: het Koninklijk Nederlands Instituut voor Onderzoek der Zee, University of Essex, Wageningen UR en CEFAS. Marieke onderzoekt de snelheid van het oplossen van een olievlek en anderen kijken bijvoorbeeld naar toxiciteit of biologische afbreekbaarheid van de olie.

Zeinstra: 'In het buitenland wordt wel eens dit soort onderzoek gedaan met commerciële partijen, maar vaak kun je daar niet alle gegevens van terugvinden. Wij maken alle data openbaar, zodat wetenschappers over de hele wereld deze informatie kunnen gebruiken voor hun onderzoek. Ik ben erg blij dat Rijkswaterstaat dit faciliteert.'

Risico's van oliebestrijding

Rijkswaterstaat is met 3 oliebestrijdingsvaartuigen aanwezig tijdens het onderzoek. Kustwachtvliegtuigen (van Nederland en Duitsland) houden tijdens de oefening de vlek goed in de gaten. Mocht er iets fout gaan tijdens de oefening, dan kunnen onze schepen altijd ingrijpen. Maar de kans dat de olie naar de kust komt is nihil. Zeinstra: 'Het zou dagen duren voordat de olie bij de kust komt als de olie niet vanzelf zou verdwijnen. En met de schepen van Rijkswaterstaat kunnen we altijd eerder ingrijpen.'

Nautisch adviseur Michiel Visser vertelt dat er op dit moment waarschijnlijk een beperkt aantal zeevogels in het gebied zitten. April is volgens de statistieken een periode waarin maar een beperkte trek van zeevogels is. 'Mochten ze er toch op af komen, dan hebben alle 3 de schepen een geluid om vogels af te schrikken aan boord om ze te verjagen.'

Laatste ontwikkelingen

Rijkswaterstaat is als beheerder van de Noordzee verantwoordelijk voor oliebestrijding en heeft veel interesse in de resultaten. Visser: 'We gebruiken normaal gesproken geen detergenten, maar verwijderen de olie mechanisch uit het water met de beschikbare oliebestrijdingsvaartuigen. Het is wel goed om te weten wat het effect is van detergenten en wat de laatste ontwikkelingen op het gebied van oliebestrijding zijn. Daarom willen we dit onderzoek graag ondersteunen en faciliteren.'

Drukbevaren gebied

De kennis over oliebestrijding op peil houden is essentieel. Visser: 'De Noordzee is een druk bevaren gebied waar helaas ondanks alle voorzorgsmaatregelen soms toch nog een aanvaring plaatsvindt. De kustwacht vliegt zo'n 1200 uur per jaar boven de Noordzee om onder andere lozingen op te sporen. Dit zijn vaak kleine incidenten, maar vorig jaar was er op de Westerschelde een groot containerschip vastgelopen door motorstoring. Als zo’n schip ongelukkig droogvalt dan is er een risico op het scheuren van een brandstoftank. Op de effecten van dat soort risico’s moet je voorbereid zijn.'

Internationale samenwerking

Net als bij dit internationale onderzoek, staan we er bij een echte ramp niet alleen voor. Visser: 'Alle landen rond de Noordzee hebben de Bonn Agreement ondertekent waarin staat dat we samenwerken op het gebied van oliebestrijding en luchtsurveillance. Zo delen we bijvoorbeeld kennis en helpen we elkaar bij een echte ramp.'