‘Landmeten op de Waalbrug is gevoelswerk’

Interview

‘Landmeten op de Waalbrug is gevoelswerk’

Gepubliceerd op: 29 juni 2020- Laatste update: 29 juni 2020 17:19 uur

Wie goed kijkt, ziet op de Waalbrug allerlei vreemde tekens: cijfers op het beton. Cirkelvormige stickertjes met 2 witte en 2 zwarte kwadranten. Het lijkt wel geheimtaal.

Landmeetkundige Maarten Nijhuis van Team Waalbrug is degene die het perfect kan lezen. Hij gebruikt ze onder andere om te zorgen dat straks een zo volmaakt mogelijk asfaltdek op de brug komt.

Strak asfalt op de Waalbrug

De voorbereidingen voor de asfaltering zijn in volle gang op de Waalbrug. ‘Het complete betondek hebben we in de afgelopen anderhalf jaar vervangen’, vertelt hij. ‘Daarop komt straks een hechtlaag en daarop het asfalt. Op een normale weg worden meestal meerdere lagen asfalt aangebracht, vaak 1 onderlaag, 2 tussenlagen en 1 deklaag. Maar dit is geen normale weg, maar een weg op een brug: hier komt alleen een deklaag. In die laag moeten alle oneffenheden van het beton worden weg gepoetst.’

Dat is geen kwestie van asfalteren en walsen maar: wordt het asfalt te dik, dan wordt het dek te zwaar. Wordt het asfalt te dun, dan is het niet sterk en waterdicht genoeg. Daarbij komt dat het nieuwe beton, dat onder het asfalt ligt, niet vlak genoeg is, terwijl het nieuwe wegdek voor de verkeersveiligheid en het comfort van weggebruikers zo strak mogelijk moet zijn. Voor al deze uitdagingen heeft Maarten een asfaltplan gemaakt. Onder andere door deze goede voorbereiding leggen zijn collega’s van Team Waalbrug straks een perfect asfaltbaan aan.

Hoogteprofiel

Maarten richt zijn landmeter (’tachymeter’), kijkt er even door en loopt dan met spiegel en veldboek naar een plek verderop. De tachymeter herkent de spiegel en plaatst de locatie in een driedimensionaal meetkundig stelsel. Die gegevens kan Maarten uitlezen en vertalen naar een hoogteprofiel. Hij weet dan tot op de millimeter nauwkeurig hoe dik overal het asfalt moet worden. Zulke metingen vormden ook de basis van het asfaltplan. ‘Over de hele lengte van de brug hebben we nu een hoogteprofiel. In getallen geven we op de betonlaag per plek aan hoe dik het asfalt er moet worden. Dat scheelt soms echt wel meerdere millimeters.’

Het beweegt allemaal

Maarten rijdt al ruim een jaar 1 à 2 keer per week naar Nijmegen voor allerlei landmeetkundige werkzaamheden. Hij wijst op een naderende stadsbus. ‘Als die voorbij dendert, als ik net aan het meten ben, dan beweegt het allemaal en moet je opletten dat het de meting niet beïnvloedt.’ Ook weet hij dat weersomstandigheden invloed hebben. Zeker in de afwisseling van warmere en koelere periodes, zoals de afgelopen tijd. ‘Het materiaal werkt gewoon. Het zet uit, het krimpt. Wat ik vandaag meet, kan bij wijze van spreken morgen anders zijn. Hier houden we dan ook rekening mee in het asfaltplan. Werken op de brug blijft toch ook gevoelswerk.’

Op de brug en eronder

Maarten komt niet uit de buurt van Nijmegen, maar toch heeft hij in de loop van de tijd iets met de Waalbrug gekregen. ‘Het is sowieso bijzonder om een keer op een brug te werken: boven het water in plaats van op land. En op de brug, maar ook eronder. Zo leer je zo’n object wel echt goed kennen. Bijvoorbeeld zijn constructie en historische waarde’, vertelt hij enthousiast. Over Nijmegen weet hij dan weer minder. ‘Mijn werk gaat meestal tot de brug’, lacht hij luid. ‘Over de brug ben ik nog niet geweest.’

Onderliggende pagina's