Help, onze kust verdwijnt! Wat kunnen we doen?

Interview

Help, onze kust verdwijnt! Wat kunnen we doen?

Gepubliceerd op: 12 juli 2019- Laatste update: 12 juli 2019 11:50 uur

Ieder jaar brengt Rijkswaterstaat miljoenen m3 zand aan op de Nederlandse stranden en vlak voor de kust. Daarmee zorgen we dat Nederland niet kleiner wordt. Ook gebruiken we het zand om ervoor te zorgen dat het totale zandgebied rondom de kust kan meegroeien met de zeespiegelstijging. Hoe komt het dat onze kust steeds verder ‘wegkwijnt’ en wat doet Rijkswaterstaat hieraan? Gert Jan Harpe van het kustonderhoudprogramma legt het uit.

Video Hoe dan?! Kustonderhoud

BART KUIJPERS: Ik ben hier vandaag op Ameland, even lekker uitwaaien. Maar door werkzaamheden mag ik een deel van het strand niet op. Ik heb hier een afspraak met Gert Jan Harpe van Rijkswaterstaat en hij weet alles over het onderhouden van de Nederlandse kust. Want zonder al deze werkzaamheden verdwijnt het strand. Hoe dan? (In 3D-letters verschijnt: #hoedan?! Op het strand staat een bord dat waarschuwt voor drijfzand. Bart trekt een oranje hesje aan en zet een veiligheidshelm op.) OPGEWEKTE MUZIEK BART: Gert Jan, jullie zijn flink bezig hier. Wat doen jullie hier eigenlijk precies? GERT JAN HARPE: Ja, Bart, we zijn hier bezig met het beschermen van het eiland Ameland. Hier is veel zand weggeslagen de laatste jaren en nu, door middel van zandwinning vanuit de Noordzee wordt dat via schepen naar de kust gebracht en brengen we het hier op het strand aan om het weer veiliger te maken. (Aldus Gert Jan Harpe. Grote machines verdelen het nieuwe zand over het strand. Een plukje duingras.) DE OPGEWEKTE MUZIEK SPEELT VERDER BART: Ik zag net dat dit gebied is afgezet. Waarom is dat precies? Dit is voor de veiligheid, want we brengen hier zand en water aan en daardoor kunnen nog gebieden ontstaan waar je dus drijfzand houdt. Zoals hier eigenlijk. Ja, je voelt het al onder je voeten. Ja, we zakken weg en zie er nou maar eens uit te komen. (Her en der op het strand liggen grote, metalen buizen.) Hé, Gert Jan, waar zijn die buizen voor? (Een auto van Rijkswaterstaat rijdt over het strand.) VROLIJKE MUZIEK GERT JAN: Kijk, hier zien we een buis die het zand gelijkmatig transporteert richting het strand, drie kilometer verderop. Ah, dus daar zijn die buizen voor. En het kustonderhoud doen we niet alleen hier, maar ook op zee. Wat gaat hier zo meteen gebeuren? We hebben vandaag gezien hoe we die strandsuppletie aanleggen. Het schip achter ons ligt nu nog gekoppeld en brengt een nieuwe lading zand weer naar het strand toe maar straks als die los is, dan zal die gaan rainbowen waarbij die dus het zand-watermengsel tachtig meter voor zich uit spuit. BART: Waarom doet hij dat? Door zandbanken aan te brengen onder water waardoor dat de golven en stroming gebroken worden krijgen we minder afkalving van de stranden zelf. BART: Het opspuiten van dat zand wat betekent dat eigenlijk voor het leven op de bodem van de Noordzee en voor het duingebied erachter? Rijkswaterstaat heeft ecologie hoog in het vaandel dus we doen ook onderzoeken naar de effecten van die zandwinning maar we houden ook rekening met de natuurgebieden hierachter met broedvogels, maar ook bijvoorbeeld met de zeehonden die liggen dus ook op het strand. BART: Dat lijkt me een mooie afsluiting. Tot de volgende aflevering van 'Hoe dan?!'. Later. (In 3D-letters verschijnt: #hoedan?! Het Nederlandse wapenschild met daarnaast: Rijkswaterstaat. Ministerie van Infrastructuur en Waterstaat. Het beeld wordt geel met wit. Beeldtekst: Meer informatie? Kijk op rws.nl/kustonderhoud. Een productie van Rijkswaterstaat. Copyright 2019.)

Natuurlijke processen

We verliezen structureel zand langs onze kusten, maar hoe komt dat? ‘Dat zijn voornamelijk natuurlijke processen’, vertelt Harpe. ‘Eb en vloed, golven, wind en zeespiegelstijging zorgen ervoor dat de kust steeds verder afslijt, ofwel erodeert. Het zand langs de Nederlandse kust wandelt van zuid naar noord, richting de Wadden en verder richting Noord-Duitsland en Denemarken. Van nature wordt er geen zand vanuit de rivieren aangevoerd naar de Nederlandse kust, dus de totale zandaanvoer is kleiner dan de afvoer. Ook zware stormen dragen bij aan erosie’.

Extra erosie

Het erosieproces is een natuurlijk proces, maar hoe zit het met de menselijke ingrepen, zoals dijken of waterkeringen? Harpe: ‘Onder druk van het vloedgetij wil het water recht vooruit stromen, maar harde constructies zoals de pieren bij IJmuiden, de Tweede Maasvlakte of dijken voorkomen dat. Dit kan lokaal voor extra erosie zorgen. Zand haalt juist de kracht uit de golven. Het afvoeren van zand kost energie, waardoor golven afzwakken. Daarom zorgen we ervoor dat er voldoende zand blijft om mee te nemen.’

Basiskustlijn

Om te bepalen of en waar de kust erodeert, meet Rijkswaterstaat jaarlijks de ligging van de kust met vliegtuigen en schepen, van Schiermonnikoog tot aan Cadzand in Zeeland. Op basis van deze metingen vergelijken we de kustlijn met de basiskustlijn, die in 1990 is vastgesteld. De uitkomsten van deze vergelijking vormen de input voor onze gedigitaliseerde kustlijnkaart. Harpe: ‘Pas als er op zo’n locatie met overschrijding sprake is van structurele erosie, als er kustfuncties in het geding komen die baat hebben bij een suppletie en als het onderhoud economisch efficiënt uitgevoerd kan worden, wordt de locatie opgenomen in ons onderhoudsprogramma’.

Suppletie met zand uit de Noordzee

We halen het zand voor de suppleties uit de Noordzee. Dat gebeurt vanaf de -20 m NAP-lijn uit de Nederlandse kust. Het zand in de Noordzee ligt niet voor het uitzoeken, vertelt Harpe. ‘In de wet staat dat we niet onbeperkt zand mogen winnen. Daar zijn regels voor. Zo mogen we tot een afstand van 12 mijl (zo’n 20 km) vanaf de kust zand winnen. Ook de ruimtelijke inrichting van het kustgebied legt ons beperkingen op: windmolens op zee en kabels en leidingen in de zeebodem vormen voor zandwinning een obstakel, net als conventionele explosieven uit de Tweede Wereldoorlog.’

Ecologische effecten zandsuppletie

Een van de grote uitdagingen voor de komende jaren is om duidelijk te krijgen wat het effect van zandsuppletie op de natuur is. ‘We willen Nederland beschermen tegen de zee, maar daarbij zo min mogelijk de dieren en planten in en langs het water schaden. Dat vraagt om verstandig kustonderhoud, waarbij we monitoren wat het effect is van zandsuppletie. Wat gebeurt er bijvoorbeeld met het bodemleven op het moment dat we zand winnen en dichter aan land weer aanbrengen? Dat onderzoeken we samen met natuurorganisaties binnen het convenant Natuurlijk Veilig.’

Samenwerking met stichting LaMER

Ook vanuit de huidige vergunning voor zandwinning op de Noordzee – die loopt tot 2027 – doet Rijkswaterstaat onderzoek hiernaar met stichting LaMER. Harpe vertelt dat er bij een van deze onderzoeken is gekeken naar wat er allemaal op de zeebodem is afgezet, bijvoorbeeld aan zand en slib. ‘Hierdoor konden we zandwingebieden selecteren met heel weinig slib. Door op deze manier slim zand te winnen hopen we eventuele schade voor planten en beestjes in zee te voorkomen als gevolg van vertroebeling door vrijkomend slib.’

Goed beleid

Harpe besluit: ‘De komende jaren wordt nog meer onderzoek gedaan, zodat we nog beter zicht krijgen op het ecologische effect van kustonderhoud en als dat nodig is maatregelen kunnen nemen. Wij hebben 350 km kustlengte in Nederland met schitterende natuur. Voor het behoud daarvan is nu eenmaal onderhoud nodig, maar dit moet wel met goed beleid gebeuren. Een belangrijke opgave voor de komende jaren.’

Onderliggende pagina's