Hoe een RWS’er de Canadezen hielp bij de bevrijding van Noord-Nederland

Nieuwsbericht

Hoe een RWS’er de Canadezen hielp bij de bevrijding van Noord-Nederland

Gepubliceerd op: 05 mei 2019- Laatste update: 05 mei 2019 09:45 uur

In de laatste maanden van de Tweede Wereldoorlog wacht het noorden van Nederland hoopvol op de bevrijding. Canadese troepen rukken op tot de Drentsche Hoofdvaart waar ze tegen een natuurlijke barrière aanlopen.

Dankzij de hulp van een opzichter van Rijkswaterstaat en mannen van het verzet lukt het hen om de oversteek te maken en Noord-Nederland te bevrijden. De gewaagde actie staat beschreven in ‘De Vrije Pers’ van 14 mei 1945, maar noemt niet de namen van de betrokken verzetshelden. Dankzij het archief van de gemeente Diever achterhaalden we dat de Rijkswaterstater in kwestie R. Koers is. Hij is geboren in 1913, was sinds 1939 in dienst bij Rijkswaterstaat en werkte destijds als opzichter 2de klasse met standplaats Diever.

Moordpartij

Het Drentse plaatsje Diever was in april 1945 het toneel van een brute moordpartij waarbij de Duitse bezetters 9 mensen die op straat liepen, zonder proces, doodschoten. Ze dreigden de volgende dag terug te komen om nog meer mensen te vermoorden. Deze gruweldaad zorgde ervoor dat een aantal Dwingelers, waaronder meester Woudsma, hoofd van de Openbare Lagere School in Lheebroek en opzichter R. Koers, er bij de commandant van de Canadese troepen op aandrongen de Dievernaren te helpen.

Noodbrug

De Canadese soldaten stonden echter voor een kanaal zonder bruggen. Deze waren door zowel de Nederlanders (in 1940) als de Duitsers (in 1945) opgeblazen. Ook was er nog geen bevoorrading met materiaal gearriveerd waarmee de Canadezen een brug konden bouwen. Maar daar had Koers een oplossing voor: hij had het materiaal afkomstig van een van de opgeblazen bruggen bewaard en gaf aan hiermee een noodbrug te kunnen bouwen.

Er werd besloten om in de nacht van 11 april de noodbrug over de remmingswerken van de vernielde Dieverbrug te bouwen en op die manier Diever te bevrijden. Samen met 16 vrijwilligers maakte Koers een brug die geschikt was voor maximaal 9-tons wagens, waarbij ze een deadline hanteerden van half 7 ’s ochtends.

Geweerschot

De hele nacht zwoegden en ploeterden de vrijwilligers met behulp en onder bescherming van enkele Canadese militairen. Even leek het te mislukken toen een Canadees door de brug zakte en zijn geweer per ongeluk afging. De vrijwilligers vluchtten weg op zoek naar een veilige plek, gevolgd door de Canadees die, vanwege de taalbarrière, met handen en voeten probeerde duidelijk te maken dat het een misverstand was. 

Ondanks de onderbreking lukte het hen om in de ochtend de brug gereed te hebben. Alleen bleek de eerste wagen die eroverheen wilde niet 9 ton maar 14 ton zwaar. Opzichter Koers durfde het niet aan hier de verantwoording voor te nemen, maar de Canadese commandant wel en zo denderden na wat extra aanpassingen de stroom zware pantserwagens, carriers en vrachtauto’s over de noodbrug.

Bevrijding

Zo werd Diever in de vroege morgen van 12 april 1945 bevrijd dankzij de hulp en kennis van een Rijkswaterstater. Vanuit Diever zwermden de Canadezen uit door Noord-Nederland. De hoofdmacht trok ook de noodbrug over, waarna ze Friesland introkken om op 15 april de Waddenkust te bereiken. Onderweg bevrijdden ze grote delen van Friesland, Drenthe en Groningen. Door de noodbrug in Dieverbrug was het mogelijk om Friesland sneller te bevrijden dan gepland.

Onderliggende pagina's