Inzet drones door Rijkswaterstaat gaat volgende fase in

Nieuwsbericht

Inzet drones door Rijkswaterstaat gaat volgende fase in

Gepubliceerd op: 04 april 2019- Laatste update: 04 april 2019 12:22 uur

De Drone Challenge van Rijkswaterstaat gaat de volgende fase in. De focus is verlegd van lokaal en automatisch vliegen naar een opschaalbare en operationele toepassing van drones. Met als uitdaging om de inzet van automatisch en op lange afstanden vliegende drones mogelijk te maken voor incident- en verkeersmanagement bij onder andere scheepvaart.

In de zomer van 2018 streden drie teams om winst in de Drone Challenge 2018 en ging Robor Electronics er uiteindelijk met de eerste prijs vandoor. Met deze challenge wil Rijkswaterstaat samenwerken met marktpartijen bij het vinden van oplossingen en innovaties als het gaat om de inzet van drones. Afgelopen maandag kwam een groot gezelschap bestaande uit ontwikkelaars, beleidsmensen, dronepiloten en -bouwers en mensen van onze partners bij politie, marine en ProRail samen bij Rijkswaterstaat in Utrecht om te brainstormen over de volgende stap in de Drone Challenge.

Waardevolle informatie Drone Challenge

‘Er wordt nu gekeken hoe scheepvaart de huidige Rijkswaterstaat-drone-inzet kan versterken met de resultaten van de Drone Challenge’, vertelt Karin Visser, HID Verkeer- en Watermanagement. ‘De waardevolle informatie die we hebben opgedaan willen we gebruiken om binnen 2 jaar een Rijkswaterstaat experimenteerruimte in te richten aan de Waal–Nijmegen Tiel. We willen in de komende jaren de uitdaging aangaan om over langere afstand (Beyond Visual Line Of Sight (BVLOS)) te kunnen en mogen vliegen. Voor Rijkswaterstaat is ook dit een voorwaarde om drones goed in de operatie te kunnen inpassen.’

‘We hebben een ambitie en vragen aan de markt om ons te helpen om die haalbare volgende stap te maken, en hoe we dat het beste kunnen invullen’, vertelt William Vermeulen, binnen Rijkswaterstaat de trekker van het programma Smart Patrol. ‘Op basis daarvan gaan wij kijken wat voor vervolgstappen wij gaan zetten, wat voor soort samenwerkingen en allianties we aangaan, hoe we dit op de markt gaan zetten.’

Deskundigheid en expertise drones op elkaar aansluiten

De vraag naar de markt richt zich op meerdere vlakken. Rijkswaterstaat stelt bepaalde eisen aan de drones. Zo moet het apparaat onder andere beschikken over detect-and-avoidtechnologie waarmee het objecten kan ontwijken, het moet tegen wisselende weersomstandigheden kunnen en het moet over langere afstanden kunnen vliegen. Dat alles heeft ook met regelgeving vanuit de overheid te maken. Er mag op dit moment maar in selecte gebieden en op bepaalde hoogtes gevlogen worden met een drone. Deze challenge is ook bedoeld om dit soort obstakels weg te nemen en de regelgeving waar nodig aan te passen.

Verschillende partijen doen mee aan de challenge en iedere partij brengt zijn eigen deskundigheid en expertise met zich mee. Vermeulen: ‘Partij A is goed in het ontwikkelen van sensoren, terwijl partij B goed is in het ontwikkelen van drones. De kracht zit hem erin dat die twee op elkaar aansluiten. Daar zit echt nog een uitdaging in. Daar gaan we nu mee aan de slag. Hoe gaan we dat realiseren? Hoe combineren we dat tot een geheel?’

Nancy Scheijven, directeur Scheepvaartverkeer- en Watermanagement, is daar positief over. ‘Wij zijn de ogen en oren op de (vaar)weg en met drones heb je zoveel beter, zoveel makkelijker en zoveel sneller inzicht in de situatie. Op basis van het eerste inzicht kun je essentiële stappen in de beoordeling van het incident en te nemen maatregelen veel sneller en gerichter nemen. Dat betekent dat we bij een incident sneller weten wie we waar en hoe kunnen redden of waar precies schade is. Met deze technologie redden we mensenlevens, beperken we de schade en zorgen we voor de doorstroming. We maken nu een roadmap van stappen tot 2025, maar eigenlijk hoop ik dat ik hier over drie jaar, in 2022, sta en zeg: Oké, we zijn al klaar voor de volgende stap!’

Onderliggende pagina's