Rijkswaterstaat kijkt samen met TU Delft hoe zandige oevers Houtribdijk zich gedragen

Nieuwsbericht

Rijkswaterstaat kijkt samen met TU Delft hoe zandige oevers Houtribdijk zich gedragen

Gepubliceerd op: 28 maart 2019- Laatste update: 28 maart 2019 11:46 uur

Rijkswaterstaat start samen met de TU Delft een monitoringsprogramma langs de nieuwe zandige oevers van de Houtribdijk. Gedurende 2 jaar meten we de golfslag, stroming en zandverplaatsing bij de schuin aflopende oevers in het IJsselmeer en Markermeer.

Rijkswaterstaat meet de stroming en zandontwikkeling van de nieuwe Houtribdijkoevers. Deze meetpaal is 16 m lang en staat in de bodem van het IJsselmeer.

De inzichten worden gebruikt bij het toekomstig onderhoud van de Houtribdijk, maar ook bij andere projecten waar deze natuurvriendelijke oplossing kan worden toegepast in binnen- en buitenland.

Zandstort Houtribdijk

De Houtribdijk is in de afgelopen maanden versterkt met 10 miljoen m3 zand. De brede oevers breken bij storm de kracht van de golven en beschermen zo het dijklichaam. Aan de kust wordt zand wel vaker gebruikt om keringen te versterken. Maar als dijkversterking in binnenmeren zonder eb en vloed, zoals bij de Houtribdijk in het IJsselmeergebied, is deze vorm van Building with Nature nog nooit toegepast.

Installatie van de meetpalen

Kennis over zandversterking

Voordat de zandige oevers zijn aangelegd is in samenwerking met EcoShape al een uitgebreide pilotstudie uitgevoerd en een proefvak aangelegd. Hieruit kwam naar voren dat de zandige oevers een goede, natuurlijke optie zijn om de Houtribdijk mee te versterken. Voor het nieuwe monitoringsprogramma heeft Rijkswaterstaat de afgelopen weken geavanceerde meetpalen geplaatst in het Markermeer en IJsselmeer. Die meten tot april 2021 de golfslag, stroming en zandverplaatsing. De onderzoekers gebruiken de data om een goed beeld te krijgen van de ontwikkeling van de zandige oevers in een binnenmeer.

Samenwerking met TU Delft

Rijkswaterstaat voert het onderzoek uit samen met de TU Delft. Promovenda Anne Ton werkt aan het project onder begeleiding van professor Stefan Aarninkhof en is dus dagelijks bezig met het reilen en zeilen van de Houtribdijk.

Enkele maanden geleden was hier nog water, maar nu ligt er 10 miljoen kuub zand langs de oevers van de Houtribdijk. Dat zand komt uit het Markermeer en is een natuurvriendelijke manier om de dijk te beschermen tegen de kracht van de golven. Nergens ter wereld is een dijk versterkt met zand in een gebied zonder eb en vloed. Aan de kust weten we heel goed hoe we dat moeten doen. Maar in zo’n meren systeem is het eigenlijk een heel nieuw concept. Daarom ga ik onderzoeken, hoe het zand zich hier ontwikkeld. De afgelopen weken hebben we voor het onderzoek meetapparatuur neergezet. En die kunnen we nu even van dichtbij gaan bekijken met het schip. Ja, we zijn een stukje uitgevaren. En je ziet hier een van de zes grote meetpalen staan, die Rijkswaterstaat de afgelopen weken langs de Houtribdijk heeft neergezet. Er staan twee van dit soort palen aan de IJsselmeer kant, en vier palen aan de Markermeer kant. Nou, wat je hier ziet is dat hij een stukje boven water uitkomt. Maar in totaal is hij 16 meter lang en staat ‘ie dus in de IJsselmeerbodem. Je ziet dat het volhangt met instrumenten. Daarmee gaan we meten: de golfhoogte en allerlei stromingen die rondom die paal gebeuren. Die data wordt dan vervolgens weer uitgezonden via de antenne en via de satelliet. En komt allemaal terecht in een datacenter. Zodat ik daar in Delft, er achter mijn computer weer bij kan. En die data kan gaan analyseren. Als onderzoeker kun je natuurlijk niet alleen achter de computer blijven zitten in Delft. Soms moet je ook naar de meetpalen toe. We gaan nu naar het ondiepe gedeelte. Dus we gaan met een kleiner bootje, naar de kleine meetpalen die hier verder op staan. Dus laten we gaan. We hebben 10 miljoen kuub zand tegen de Houtribdijk aangelegd om hem te beschermen. En we hebben dat van tevoren goed doorgerekend, met allemaal modellen en een proefvak. Maar we willen nu ook in de praktijk kijken, hoe dit ondiepe stuk zich houd. Het blijft misschien een vlakke helling, of komt er meer een kuil in? Dat zijn dingen die we hier aan het onderzoeken zijn. De komende twee jaar gaan we alle processen hier tot in detail meten. En die metingen allemaal interpreteren. Maar wat gaan we met al die kennis doen? Nou we kunnen dan iets zeggen over het onderhoud van de Houtribdijk. Zowel boven water als onder water. Maar we kunnen die kennis ook gebruiken in andere projecten, in Nederland of in het buitenland. Waar ze ook geïnteresseerd zijn in zo een zandige versterking. Daarom ga ik in mei, ook iets vertellen op een wetenschappelijk congres in Florida. Over dit project ‘de Houtribdijk’.

Anne Ton, promovenda TU Delft: ‘De gegevens van de meetpalen komen realtime binnen op m’n computer. Maar als onderzoeker moet je natuurlijk ook naar het gebied toe. De kennis die we hier opdoen kunnen we als waterbouwers straks ook gebruiken in andere projecten, in Nederland of in het buitenland. Daarom ga ik in mei over de Houtribdijk vertellen op een wetenschappelijk congres in Florida.’

Onderliggende pagina's