De Groote Zaag: goed opgroeigebied voor vissen

Interview

De Groote Zaag: goed opgroeigebied voor vissen

Gepubliceerd op: 25 januari 2019- Laatste update: 25 januari 2019 13:40 uur

Bij een visexcursie op De Groote Zaag kwamen honderden vissen van diverse soorten boven water. Veldmedewerker Jöran Janse van RAVON: 'Het is een klein natuurgebied, maar heeft een grote impact op de visstand.'

Op 25 augustus 2018 organiseerde RAVON samen met de Natuur- en Vogelwerkgroep Krimpenerwaard (NVWK) een visexcursie op De Groote Zaag, een eiland in de Nieuwe Maas. Veldmedewerker Jöran Janse was erbij. 'RAVON staat voor Reptielen Amfibieën Vissen Onderzoek Nederland', vertelt hij. 'De stichting zet zich in voor onderzoek en bescherming van deze drie soortgroepen. Wij inventariseren welke dieren er in een bepaald gebied leven. In dit geval gingen we met een groep van zo’n 10 tot 15 mensen onder leiding van een beheerder van het Zuid-Hollands Landschap de visstand onderzoeken in een grote nevengeul van de Nieuwe Maas.' Die geul is door Rijkswaterstaat aangelegd als onderdeel van een project op De Groote Zaag om de waterkwaliteit in het gebied te verbeteren.

Honderden vissen van diverse soorten

'We vingen de vissen met een zegen', vervolgt Janse. 'Dat is een groot sleepnet met een soort trechter in het midden. Daarmee vang je vooral kleinere vissoorten en jonge vissen van grotere soorten. We vingen er honderden. Daar was ik erg blij mee. In totaal troffen we 16 soorten aan. Algemenere, zoals brasem en zeelt, maar ook 5 of 6 die typisch zijn voor rivierengebied. Bijzonder is bijvoorbeeld de sneep: een vis met een rechthoekig mondje om algen van de stenen te schrapen. Maar we vonden ook palingen, jonge windes en roofblei. En botjes: deze jonge dieren migreren vanuit zee de rivier op om daar op te groeien. Daarnaast zaten er exoten bij, zoals de pontische stroomgrondel. Die is zo’n 15 jaar geleden vanuit het Donaugebied via het Main-Donaukanaal in het Rijngebied gekomen.'

Klein natuurgebied, grote invloed

'Uit die grote aantallen en vele soorten blijkt wel dat zo’n beschutte nevengeul een ontzettend goed opgroeihabitat is. Bovendien zijn er veel paaimogelijkheden. Door normalisatie van de rivieren - dijken, kribben, stuwen en gemalen - zijn er nog maar weinig van dit soort plekken. Het is een klein natuurgebied, maar heeft een grote impact op de visstand. Daar zouden er best meer van mogen komen.'

Janse zou het geweldig vinden om de visexcursie volgend jaar te herhalen en zo de stand te blijven volgen. Wilt u ook mee? Neem dan contact met hem op via de e-mail.

Meer nieuws Uitvoering Kaderrichtlijn Water

Onderliggende pagina's