‘Weten wat komt en daar tijdig naar handelen’

Interview

‘Weten wat komt en daar tijdig naar handelen’

Gepubliceerd op: 27 augustus 2018- Laatste update: 27 augustus 2018 11:23 uur

De Landelijke Coördinatiecommissie Waterverdeling (LCW) kwam de afgelopen tijd wekelijks bijeen om Nederland op de hoogte te houden van de situatie rond de droogte en de genomen maatregelen. Voor onze collega Bart Vonk, een van de voorzitters van de LCW, zijn het daarom drukke weken.

Wat is je rol tijdens de droogte- en hitteperiode?

‘Ik ben tijdens deze periode één van de 3 voorzitters van de Landelijke Coördinatiecommissie Waterverdeling (LCW). In het dagelijks leven ben ik adviseur waterkeringen bij Rijkswaterstaat, dus dit is echt puur een rol voor tijdens de droogte. Ik opereer vanuit Den Haag en zorg dat alle betrokken partijen, zoals de minister van Infrastructuur en Waterstaat en directeur-generaal Michèle Blom van Rijkswaterstaat, goed geïnformeerd zijn en weloverwogen besluiten kunnen nemen. Als voorzitter van de LCW heb ik dus geen Rijkswaterstaatpet op. Ik vertegenwoordig de Unie van Waterschappen, de provincies, het KNMI, het ministerie van Economische Zaken en Klimaat, enzovoorts. De LCW is een samenstelling van al die belangen en als voorzitter houd je met al die belangen rekening.’

Hoe heb je de afgelopen weken ervaren?

‘Intensief. Je maakt lange dagen en bent er constant mee bezig, bent constant alert. Maar het geeft ook een gevoel van “we hebben de regie”. Het overkomt ons niet. We weten telkens wat er aan gaat komen en op basis daarvan handelen we ook op tijd. En dat is wel een heel geruststellend gevoel. We hebben daardoor geen paniekmomenten gehad.’

Welke uitdagingen kwam je tegen in je werk?

‘Veel. Eigenlijk dateert de laatste grote droogte alweer uit 2003. We hadden natuurlijk het recordjaar van 1976, maar 15 jaar geleden hadden we de laatste echte droogte. Dat betekent dat de meeste mensen die hier nu werken dat niet hebben meegemaakt. Het is voor veel collega’s onbekend terrein. Dat is uitdagend. Je leert enorm veel in zulke weken en dat is ontzettend leuk. Collega’s weten heel goed wat er moet gebeuren en zijn zelfs bereid om dat op een zondag te doen. Dat is heel fijn. Je voelt echt de loyaliteit en het enthousiasme. Dit is hun vak, hun kennis die wordt benut, en dat is heel mooi om te zien.’

Hoe combineer je werk en privé tijdens deze drukke periode?

‘Dat gaat goed. Bij stormen en hoogwater gaat het veel sneller. Een storm die eraan komt - zeker op zee - kan zich in 24 uur ontwikkelen. De laatste keer dat ik dat heb meegemaakt zijn we hier blijven slapen in Lelystad in een hotel, want dan is het 8 uur op en 8 uur af. Dan is het heel hard doorwerken en ben je niet thuis. Maar deze droogte ontwikkelt zich heel geleidelijk en daarom hebben we het steeds prima onder controle. Ik ben ook gewoon ‘s avonds thuis, soms pas laat in de avond, maar kan naar huis. Het zijn wel intensieve dagen en weken waarbij de voorzitters van de LCW zo’n 60 uur in de week werken, als het niet meer is. Dus je maakt wel hele lange dagen en in de weekenden ga je door.’

Wat verwacht je de komende tijd?

‘Het is niet voorbij. Het warme weer lijkt nu voorbij, maar waar wij belang bij hebben is de aanvoer van zoet water. Dat kan via regen of aanvoer van rivieren. De regen komt er volgens het KNMI nog niet in grote hoeveelheden aan, dus dat geeft geen verlichting. En de rivierafvoer daalt nog steeds enigszins. We hebben juist een flinke stijging nodig. Als de rivierafvoer daalt, kan de verzilting makkelijker vanuit de zee ons land binnendringen en kunnen we veel minder onze systemen doorspoelen. Dus het waterverdelingsvraagstuk blijft de komende weken zeker op tafel liggen. We blijven daarom bij een feitelijk watertekort. Wat we zien aan de verzilting, maar ook aan de waterkwaliteit. Botulisme en blauwalg zijn nog steeds aanwezig. En de scheepvaart blijft ook heel veel last houden hiervan. Zeker als die rivierafvoer daalt, blijven ze nadeel ondervinden. De levering van water voor landbouw en natuur blijft natuurlijk ook een belangrijk aspect, maar zal met eindigen van het oogstseizoen wel om minder water gaan vragen.’

Onderliggende pagina's