Heen en weer tussen Amsterdam en IJmuiden bij bouw nieuwe zeesluis

Nieuwsbericht

Heen en weer tussen Amsterdam en IJmuiden bij bouw zeesluis

Gepubliceerd op: 29 juni 2017- Laatste update: 29 juni 2017 10:42 uur

Aannemersconsortium OpenIJ werkt onvermoeibaar aan de nieuwe zeesluis bij IJmuiden. Maar wie in IJmuiden op zoek gaat naar een logistiek terrein, zoekt vergeefs. Daarvoor moet u naar het Westelijk Havengebied in Amsterdam. Daar, in de Alaskahaven, ligt het logistiek centrum van OpenIJ. Manager Logistiek & Maritiem Coördinator van OpenIJ, Reinier Duijneveld, vertelt waarom.

Sinds de zomer van 2016 heeft OpenIJ een eigen logistiek centrum in de Amsterdamse Alaskahaven. Dit centrum is 6 ha groot en heeft een eigen kade van 400 m. Er werken 60 mensen. ‘We bouwen de nieuwe zeesluis in een gebied waar het behoorlijk druk is. Het is niet de bedoeling dat bewoners, bedrijven en de scheepvaart hinder ondervinden van de werkzaamheden. Bovendien is vlak bij de sluis geen plaats voor voorbereidend werk, om dingen op te slaan of zelfs maar materialen aan te voeren', legt Reinier Duijneveld uit. ‘Daarom hebben we gekozen voor een logistiek centrum in het havengebied van Amsterdam, waar voldoende opslagruimte is.’

Precieze planning

Voor OpenIJ betekent dit dat de logistiek 2 fasen kent. Duijneveld: ‘Eerst komen alle materialen binnen bij ons logistiek centrum in Amsterdam. Daar gaat een heel precieze planning aan vooraf. We werken volgens het just in time-principe: het materiaal komt aan op het moment dat we het nodig hebben. Zo hoeven we zo min mogelijk op te slaan. Dat kost namelijk ook weer tijd: het moet van de vrachtwagen af, we moeten het in het magazijn opbergen en er weer uithalen als we ermee aan de slag gaan. Het is veel handiger als alles aankomt op het moment dat we het nodig hebben.’

Op pontons laden

Al het voorbereidende werk voor de sluis wordt zo veel mogelijk in dit logistiek centrum gedaan. ‘Wat we hier kunnen bouwen, bouwen we hier. Daarna verplaatsen we alles naar IJmuiden. Daar merken de omwonenden niets van, want dat gaat allemaal via het water. We laden vrachtwagens met materialen op pontons en varen die vervolgens naar het sluiseiland’, aldus Duijneveld. ‘Op 1 ponton passen 10 vrachtwagens. Als de lading te groot is voor vrachtwagens, zoals de buispalen van 35 m of de sluisdeuren die volgend jaar uit Zuid-Korea komen, bedenken we iets anders.’

Veel belangstelling

Deze logistieke dubbelslag kost wel extra tijd. ‘Maar in het Westelijk Havengebied kunnen we beter ons werk doen dan wanneer we naast de sluis zouden zitten. Er wonen hier geen mensen en het gebied is helemaal ingericht op werkverkeer. Daardoor hebben de bewoners van IJmuiden veel minder last van de bouw van de nieuwe zeesluis. En wij niet van de bewoners’, lacht Duijneveld. ‘Maar serieus: als iedereen tevreden is, werkt dat voor ons natuurlijk ook veel beter. We merken dat er veel belangstelling is voor ons werk. Juist omdat we met zo weinig ruimte ons werk doen, kunnen we geen bouwplaatsbezoeken bij de sluis op een veilige manier faciliteren. Gelukkig heeft het Sluis- en Haven Informatiepunt (SHIP) eind maart zijn deuren geopend. Daar kunnen alle belangstellenden terecht voor meer informatie, de tentoonstelling bezichtigen of uitkijken op het werk vanaf het dakterras daar’.

Onderliggende pagina's