Veelgestelde vragen

onderliggende pagina's

Veelgestelde vragen

Op deze pagina vindt u een overzicht van veelgestelde vragen aan Rijkswaterstaat rondom wegbeheer.

Staat het antwoord op uw vraag er niet bij, neem dan contact met ons op.

Wegwerkzaamheden

Files

Wegmarkering

Snelheid en controles

Ongevallen

Sommige wegwerkzaamheden staan niet op het overzicht van geplande werkzaamheden. Hoe kan dat?

In het overzicht met geplande werkzaamheden staan de geplande werkzaamheden van Rijkswaterstaat op rijkswegen. Werkzaamheden aan provinciale en gemeentelijke wegen vindt u hier niet. Deze vindt u bij de aanbieders van deze informatie. Benieuwd welke weg in beheer is bij welke wegbeheerder? Bekijk daarvoor de kaart Wegbeheerders. Op de website VanAnaarBeter vindt u een overzicht met routeplanners die data van alle wegbeheerders gebruiken.

Worden ook afgelaste werkzaamheden in het overzicht van geplande werkzaamheden vermeld?

We verversen elk uur het overzicht met geplande werkzaamheden. Afgelaste werkzaamheden worden verwijderd.

Hoe ontstaat een file?

Het ontstaan van een file kan verschillende oorzaken hebben en het valt niet zomaar op te lossen. Het fileprobleem is een karakteristiek verschijnsel van de 20e en 21e eeuw. Files kunnen ontstaan:

    • als er in één keer een heleboel auto’s op de weg komen, waardoor het verkeer vast komt te staan (in de piekuren)
    • door tijdelijke verstoringen in het verkeer (veroorzaakt door ongevallen, pech, wegwerkzaamheden, gladheid, slecht zicht et cetera)

Welke soorten files kennen we?

Voor de verkeersinformatiedienst hanteert Rijkswaterstaat de term ‘file’ als een verzamelbegrip voor drie soorten stagnerend verkeer, namelijk:

    • langzaam rijdend verkeer: verkeer dat over minstens twee kilometer nergens harder rijdt dan 50 kilometer per uur, maar vaak wel sneller gaat dan 25 kilometer per uur
    • Stilstaand verkeer: verkeer dat over tenminste twee kilometer bijna overal minder dan 25 kilometer per uur rijdt
    • Langzaam rijdend tot stilstaand verkeer: langzaam rijdend verkeer over grotere lengte met op sommige stukken stilstaand verkeer

Wat is een spitsstrook en waar dient hij voor?

Een spitsstrook is een extra rijstrook die opengaat op drukke momenten (vooral in de spits). Een spitsstrook kan zowel aan de linkerkant als aan de rechterkant van de weg liggen. U herkent de spitsstroken aan de speciale borden. Deze geven aan wanneer een spitsstrook begint en eindigt. Is de spitsstrook open, dan branden er altijd groene pijlen boven de weg. Als een spitsstrook aan de linkerkant gesloten is, dan staat er een rood kruis boven.

Als de spitsstrook open is, gaat de maximumsnelheid omlaag. Bevindt de spitsstrook zich aan de rechterkant van de weg, dan is de spitsstrook een vluchtstrook die tijdelijk dienst doet als rijstrook. Deze spitsstrook heeft om de 500 à 1000 meter een pechhaven.

De aanleg van spitsstroken draagt bij aan een betere doorstroming. De files zullen niet compleet verdwijnen, maar de wegen kunnen wel meer auto's aan. Proeven hebben duidelijk gemaakt dat door aanleg van slimme stroken op autosnelwegen met twee rijstroken tot 30% meer auto's kunnen doorstromen.

Wanneer gaat een spitsstrook open?

Wanneer een spitsstrook open gaat, hangt af van het aantal motorvoertuigen dat per uur passeert:

    • Bij 2 rijstroken moeten er minimaal 2700 motorvoertuigen per uur passeren.
    • Bij 3 rijstroken moeten er minimaal 4050 motorvoertuigen per uur passeren.

De spitsstrook rechts (op de vluchtstrook) of de spitsstrook links gaat alleen open bij een bepaalde verkeersintensiteit (minimaal 1.350 voertuigen per uur per rijstrook). Er mogen geen obstakels op de spitsstrook zijn. Bij slecht zicht - door mist, sneeuw of hevige regenval - moet de chauffeur meer dan 200 meter vooruit kunnen kijken.

Wat doet Rijkswaterstaat, naast de spitsstroken, nog meer om ringwegen bij grote steden en knooppunten bereikbaar te houden?

Om de ringwegen bij grote steden en knooppunten de komende jaren bereikbaar te houden, ontwikkelt Rijkswaterstaat extra maatregelen bovenop de diverse spitsstroken die worden aangelegd. Door bijvoorbeeld op toeleidende wegen één rijstrook tijdens de spits af te sluiten, komt het verkeer gedoseerd op de ringweg. Daardoor kunnen de automobilisten op de ringweg blijven rijden. Zouden deze maatregelen niet worden genomen, dan blokkeert de ringweg, waardoor files zich als een olievlek uitbreiden over een veel groter gebied.

Bij diverse opritten wordt gebruik gemaakt van hetzelfde principe: door toeritdosering wordt het verkeer één voor één op de snelweg toegelaten. De doorstroming op de snelweg is hierdoor beter. Voor de automobilist betekent het dat het langer duurt voordat je op de snelweg bent, maar als je eenmaal op de snelweg zit, dan kun je ook doorrijden.

Wat is de functie van de groene belijning/streep tussen twee rijbanen?

Als u in Nederland op een weg rijdt met verkeer in beide richtingen, is het soms niet duidelijk of men hier 80 km of 100 km per uur mag rijden.

De 80 km wegen lijken qua uiterlijk sterk op autowegen waar men 100 km mag rijden. Landelijk is besloten hier meer duidelijkheid te scheppen. Aan het uiterlijk van de weg moet in de toekomst veel gemakkelijker te zien zijn wat voor een soort weg het is en daarmee wat de maximumsnelheid is.

De komende jaren worden de autowegen voorzien van een belijning midden op de weg die ze een eigen identiteit geeft: twee (on)doorbroken strepen met daar tussenin een dikke groene streep betekent dat u 100 km per uur mag rijden. Als er echter een verkeersbord staat met een lagere maximum snelheid, dan moet u zich aan de op het bord aangegeven snelheid houden.

Voor alle duidelijkheid: een groene streep is een herkenbaarheidsteken. Op het moment dat beide witte strepen ononderbroken zijn mag men hier niet inhalen. Bij onderbroken strepen mag dit wel.

Wat is trajectcontrole en hoe werkt het?

Trajectcontrole is een systeem waarbij op een bepaald traject de gemiddelde snelheid van alle voertuigen wordt gemeten. Als een voertuig gemiddeld te hard rijdt, dan krijgt deze overtreder een bekeuring thuis gestuurd. Aan het begin van het traject maken camera’s boven of naast de weg digitale opnames van elk passerend voertuig, op alle rijstroken (inclusief de vluchtstrook). Ook voertuigen die van rijstrook wisselen worden gefotografeerd. Aan deze digitale opnames wordt een nauwkeurig tijdstempel gekoppeld.

Aan het eind van het traject maken camera’s nogmaals een opname met tijdstempel van elk passerend voertuig. Het systeem rekent op basis van de twee tijdstempels en de trajectafstand de gemiddelde snelheid uit van ieder voertuig. Is de maximumsnelheid niet overschreden, dan worden de opnames direct gewist. Is er wel te hard gereden, dan worden de opnames (inclusief kentekennummer) automatisch doorgestuurd naar de politie. De politie haalt naam en adresgegevens van de kentekenhouder uit het centraal kentekenbestand en stuurt de gegevens door naar het Centraal Justitieel Incassobureau (CJIB). Het CJIB stuurt de bekeuring op.

Plegers van grote snelheidsovertredingen krijgen geen boete, maar moeten voor de rechter verschijnen. Dat geldt ook voor recidivisten.

Wat is de taak van Rijkswaterstaat bij een ongeval?

Bij een ongeval is meestal maar één weginspecteur van Rijkswaterstaat aanwezig. Hij zorgt er voor dat de veiligheid van alle betrokkenen zoveel mogelijk gewaarborgd wordt. Ook zorgt hij er voor dat het overige verkeer zo goed mogelijk door kan stromen. Na afloop ruimt hij eventueel de rommel op. Zolang de politie bezig is met de afhandeling van het ongeval wachten de berger, de weginspecteur en anderen, tot dit is gebeurd. Pas dan mogen zij in actie komen.

De weginspecteur zet na een ongeval, als hij als eerste ter plaatse is, de voertuigen alleen op de vluchtstrook als de betrokkenen daarmee instemmen. Indien betrokkenen niet instemmen, moet er gewacht worden op de politie. Lees meer op de pagina Ongeval en schade.

Gerelateerde onderwerpen

Stuur door