Kaderrichtlijn Water
Een goede waterkwaliteit vinden we belangrijk in Nederland. Omdat water zich weinig aantrekt van landsgrenzen, zijn internationale afspraken nodig. Sinds eind 2000 is daarom de Europese Kaderrichtlijn Water (KRW) van kracht. Deze moet er voor zorgen dat de kwaliteit van het oppervlakte- en grondwater in Europa in 2015 op orde is.
Om dit te bereiken moeten de landen van de Europese Unie een groot aantal maatregelen nemen. Enerzijds om de kwaliteit van de ‘eigen’ wateren op peil te brengen, anderzijds om er voor te zorgen dat landen die benedenstrooms liggen geen last meer hebben van de verontreinigingen die hun buurlanden veroorzaken.
Waterkwaliteit in Nederland
Voor Nederland staat het, net als voor de andere EU-landen, vast dat zij de richtlijn de komende jaren gaat naleven. De uitvoering ervan schept de nodige verplichtingen en biedt tegelijkertijd voor Nederland ook veel mogelijkheden. Nederland ligt immers benedenstrooms en is voor haar waterkwaliteit voor een belangrijk deel afhankelijk van het buitenland. Door de invoering van de richtlijn kunnen landen niet langer problemen van hun bord schuiven. Voor Nederland is de opgave om de richtlijn goed en doelmatig uit te voeren.
De Kaderrichtlijn Water in het kort
Maatregelen waterkwaliteit
Wat doet Rijkswaterstaat om de waterkwaliteit te verbeteren? U leest meer op de pagina 'Maatregelen waterkwaliteit' via de link rechts op deze pagina.
De Kaderrichtlijn Water.pdf