Kanalen

Dat kanalen door de mens zijn aangelegd, is goed te zien aan de rechte lijnen, het grote aantal stuwen en sluizen en de steile oevers. Ze vragen daarom om een eigen beheeraanpak. Scheepvaart staat hierin centraal, maar waar mogelijk wordt het onderhoud gecombineerd met natuurvriendelijke maatregelen zoals het aanleggen van natuurvriendelijke oevers en vispassages.

De Nederlandse kanalen zijn de afgelopen eeuwen aangelegd voor twee dingen:

  • Scheepvaart. Belangrijke waterwegen konden zo met elkaar verbonden worden. Het Amsterdam-Rijnkanaal en het Noordzeekanaal bijvoorbeeld, verbinden de Noordzee met de belangrijkste economische centra van Nederland en Duitsland.
  • Aanvoeren en afvoeren van water. Het Amsterdam-Rijnkanaal maakt bijvoorbeeld deel uit van de belangrijke aanvoerroute van rivierwater naar West-Nederland. Het overtollige water wordt via het Noordzeekanaal afgevoerd.

Peilbeheer

De meeste kanalen hebben een vast peil. Zo’n ‘streefpeil’ zorgt er voor dat er altijd genoeg water in de kanalen staat om er te kunnen varen. Om het peil te kunnen handhaven is het in droge periodes soms nodig om water in het kanaal te pompen. Dit is bijvoorbeeld het geval bij de Brabantse kanalen en een deel van de Twentekanalen, die hoger liggen dan de omgeving.

Onderhoud

Rijkswaterstaat zorgt ook voor onderhoud aan bruggen, sluizen en stuwen. Als het nodig is, worden de kanalen verruimd of verdiept. Dit om te voorkomen dat schepen vastlopen, of om ervoor te zorgen dat kanalen ook geschikt zijn voor grotere binnenvaartschepen.Via het vaarwegenoverzicht (links in het menu) vindt u meer informatie over de kanalen die Rijkswaterstaat beheert en de projecten die worden uitgevoerd.

Natuur en waterkwaliteit

Van oorsprong behoren de kanalen niet tot het landschap; ze zijn immers aangelegd door de mens.Dit is duidelijk te zien aan de oevers. Deze worden vrijwel overal beschermd tegen de golfslag van schepen door stortsteen, damwanden of betonplaten.

Natuurvriendelijke oevers
Voor een meer natuurlijke inrichting legt Rijkswaterstaat tegenwoordig natuurvriendelijke oevers aan waar het kan. Dat gebeurt bijvoorbeeld op verschillende locaties in de Twentekanalen.

Vispassages
Rijkswaterstaat investeert veel in de aanleg van vispassages bij boezemgemalen. Vissen kunnen dan zonder belemmeringen vanuit rivieren, beken of de zee naar de kanalen zwemmen en andersom. De gemalen en sluizen in het Amsterdam-Rijnkanaal en het Noordzeekanaal bijvoorbeeld, krijgen vispassages.

Waterbodemsaneringen
Om de waterkwaliteit te verbeteren, saneert Rijkswaterstaat vervuilde waterbodems. Dit kan bijvoorbeeld door vuil slib weg te baggeren of af te dekken. De komende jaren gebeurt dat in onder ander het Noordzeekanaal en de Twentekanalen.

Meer informatie over natuurvriendelijke oevers, waterbodemsaneringen en de aanleg van vispassages vindt u onder ‘Maatregelen waterkwaliteit’.