Noordzeekanaal: vlot, veilig en duurzaam naar de toekomst

18-05-2009

Bekijk de informatieve film over de toekomst van het Noordzeekanaal.

Fragment uit video
  • Download deze video

  • Uitgeschreven tekst

    Voice-over: van de eeuwig golvende zee, langs de rust van de polders en de drukte van de havens is het 30 kilometer varen naar Amsterdam. Hoog torenen de schepen uit boven de landerijen, als drijvende flatgebouwen op het Noordzeekanaal. Wie niet beroepsmatig bij de scheepvaart is betrokken zal nauwelijks hebben opgemerkt dat diep onder de waterspiegel een groots project is afgerond: baggerwerkzaamheden. De hoofdvaarweg naar de zeehavens in het Noordzeekanaalgebied is nu op diepte en op breedte, een veelzijdig project van Rijkswaterstaat: het Noordzeekanaal en de IJ-geul. De geul is beter bevaarbaar voor diepstekende schepen en het Noordzeekanaal is schoner en veiliger geworden. Slib is verwijderd, aanpassingen aan de wal zijn gemaakt. Onze tocht, die eindigt bij de Petroleumhaven in Amsterdam, begint 43 kilometer uit de kust op zee. Ver uit de kust, vanaf het strand onzichtbaar, ruim 20 meter onder de golven, beginnen de baggerwerkzaamheden. In de bodem is de vaargeul met 20 kilometer verlengd tot 43 kilometer: ruim de afstand van een marathon. Deze IJ-geul biedt een veilige toegang voor bulkcarriers met een diepgang tot 17 meter en 80 centimeter, elke decimeter diepgang goed voor 2500 ton lading: bijvoorbeeld de kolen die de hoogovens van Corus draaiende houden. Met deze geul vangt een megaproject aan, dat niet alleen bijzonder is in zijn omvang, maar ook vanuit het meervoud van invalshoeken waarmee de opdracht is uitgevoerd. In afstemming met partners als Corus en de havenbedrijven van Amsterdam, Zaanstad, Beverwijk, Velsen, en met vertegenwoordigers van milieubelangen. Economie, natuur en veiligheid hebben een plaats gekregen in een totaalplan dat nu fysiek tussen Amsterdam en de Noordzee is uitgerold. De stuurman die de Noordzee achter zich laat en de voorhavens bij IJmuiden binnenvaart stuit op de eerste zichtbare veranderingen. Het Middensluiseiland, bij zeevarenden bekend als obstakel, bij de wandelaar bekend om zijn konijnen en vogels, is aan de westzijde met 500 meter ingekort om aan de scheepvaart meer manoeuvreerruimte te bieden, vooral van belang voor de grootste schepen die de voorhavens van IJmuiden aandoen: zij kunnen veilig draaien en keren. Voor de vogels van het Middensluiseiland is een geschikte habitat gecreeerd op het resterende deel van het eiland: het blijft dus een broedplaats. Ten noorden van het Middensluiseiland is het gemaal van IJmuiden duidelijk zichtbaar, in 2004 uitgebreid met twee krachtige reuzenpompen: samen met de sluizen de scheidslijn tussen het brakwatermilieu van het Noordzeekanaal en het zoute water van de zee. Het gemaal IJmuiden is het grootste van Europa en houdt samen met de spuisluizen Midden-West Nederland droog. Zoet water uit de omliggende polders en het Markermeer wordt naar zee afgevoerd via de spuisluis. Wanneer bij harde westenwind de zee wordt opgestuwd en de waterstand te hoog is, worden de pompen aangezet om het water uit het Noordzeekanaal weg te malen. Met de uitbreiding van vier naar zes pompen kan elke 30 seconden een olympisch wedstrijdbad worden leeggepompt. Hiermee wordt geanticipeerd op zeespiegelstijging en het veranderende klimaat. Zwaardere buien zorgen voor meer water. De 6 pompen en de 7 spuisluizen houden de waterspiegel van het Noordzeekanaal op het gewenste peil. In Amsterdam en wijde omgeving kan men broeken met lange pijpen dragen. Op het kanaal kan worden gevaren en gevist. Naast het gemaal ligt de spuisluis, voorzien van 7 spuikokers. In de meest zuidelijke daarvan is de bodem verruwd en zijn lage schotten aangebracht waarlangs trekvis naar binnen kan zwemmen tegen de stroom in. Gelokt door de spuistroom zwemmen onder andere stekelbaars, bot en paling het Noordzeekanaal op. Vanaf hier zwemmen zij verder gelegen wateren in om te paaien of om op te groeien. De waterkwaliteit in het Noordzeekanaal is verbeterd door de baggerwerkzaamheden. Vervuilde baggerspecie is afgevoerd naar het baggerspeciedepot De Slufter bij Rotterdam. Minder vuile specie is opgeslagen in grote putten in de bodem van het Noordzeekanaal. Het zand dat bij het graven van de putten vrijkwam is hergebruikt bij de verbreding van de A2. Op basis van proeven en onderzoek voor dit baggerwerk is verzekerd dat de vertroebeling van het water tijdens het baggeren minimaal is gebleven. Opmerkelijk zijn de natuurvriendelijke oevers, bij Zuiderpolder en Spaarnwoude halverwege het Noordzeekanaal, waar het Zuiderzeekrabje leeft. Een bijzondere flora, rode ogen troost, zilte rus, profiteert hier van het brakke milieu, waar de oevers met breuksteen plaatsmaken voor een vloeiende overgang van water naar wal. Er is ruimte voor de stekelbaars om te paaien. Vogels vinden aan het voedselrijke water een geschikte plek om te broeden. De voortdurende aanvoer van vers water, mede veroorzaakt door de waterverplaatsing van de schepen, toont op interessante wijze hoe scheepvaart en natuurontwikkeling kunnen samengaan. Het Noordzeekanaal is voor trekvissen een belangrijke verbinding tussen zoet en zout vanwege het zeldzame brakke watermilieu. En je zou het bijna vergeten, ook is het kanaal een motor van de economie. Van de baggerwerkzaamheden profiteert het gehele zeehavengebied rond het Noordzeekanaal, van de bulkoverslag bij IJmuiden tot de zeehavens bij Zaandam en Amsterdam. De sleephopperzuigers hebben hun werk gedaan. Met de uitdieping van het Noordzeekanaal door Rijkswaterstaat tot 15,5 meter en de verbreding van de vaargeul tot 170 meter, kunnen schepen elkaar nu gemakkelijker en veiliger passeren. In dit kader is ook gewerkt aan het verwijderen van de Hempukkel: resten van de fundering die de reeds lang gesloopte Hemspoorbrug ondersteunde. Deze hobbel op weg naar Amsterdam is geheel weggegraven. Ook daar is het Noordzeekanaal op breedte. Enkele kilometers verder ligt het oude Amsterdamse havengebied, waar de Petroleumhaven onderdeel van is, in gebruik genomen in 1887. Milieu had toen geen aandacht. Zeer ernstige vervuiling ontstond in 1940. Toen zijn de olieopslagtanks en vaten lek gestoken en opgeblazen zodat de Duitse bezetter niet de olievoorraden in beslag kon nemen. De zwaar vervuilde haven is gesaneerd door Rijkswaterstaat. Enkele dieper gelegen lagen van de vervuilde bodem worden langzaam gezuiverd door het grondwater met buizen omhoog te pompen. Jaar in jaar uit wordt de bodem zo zuiverder. Haven Amsterdam, beheerder van deze haven, heeft deze taak overgenomen van Rijkswaterstaat. Onder water, en aan de wal is gewerkt aan diepgang. In de breedte is het werk nog niet klaar. Rijkswaterstaat kijkt met zijn partners vooruit. De zeehavens in het Noordzeekanaal groeien door. Volgens prognoses is in 2020 het vrachtvolume bijna verdubbeld. Er wordt dan ook hard gewerkt aan intelligente systemen voor de verkeersbegeleiding. Rijkswaterstaat werkt samen met het Centraal Nautisch Beheer aan een veilige en vlotte doorvaart. Systemen als de walradar zullen het scheepvaartverkeer vanaf de wal beter begeleiden. De vaarweg is op diepte, de bodem is gelegd, en de horizon verbreed voor de toekomst.