Gierend heen en weer

Deze film laat zien hoe het vervangen van een veerpont met een kabel voor een gierpont, de veiligheid op de vaarweg aanzienlijk vergroot.

Het grote voordeel van de gierpont ten opzichte van de huidige kabelpont is het ontbreken van de staalkabel. In de oude situatie werd tijdens de overtocht van het pont de staalkabel strak getrokken. Deze kabel werd regelmatig door de scheepvaart stukgevaren met daarbij aanzienlijke kans op verwondingen en ongevallen met de passagiers op de pont en mensen aan de wal. Een ander voordeel van de gierpont is de mogelijkheid voor de veerman om tijdens de overtocht voorrang te verlenen aan de scheepvaart.

Video: gierend heen en weer

28-04-2009

Fragment uit video
  • Download deze video

  • Uitgeschreven tekst

    [Intromuziek] Schipper FLAVA [over marifoon]: Maar ik ging 16, zo'n 16 kilometer. Maar hij ging wel voorbij, dus ik stop daar gewoon, want anders ga jij weer tekeer. Schipper Leo Meeusen: Ja, oké, ik blijf even zo draaien. Dat is een schip wat groter is. Zet hem maar even vol aan FLAVA als je wil. Schipper FLAVA [over marifoon]: Oké. Schipper Leo Meeusen: Wat zijn de pk's van u? Schipper FLAVA [over marifoon]: Dertien vijftig, ik ga naar 7 toe. Schipper Leo Meeusen: Oké, hoor. Dat je natuurlijk 1350 pk hebt of die 500 van mij... Maar je ziet dus dat... ja, hij heeft natuurlijk nu ook behoorlijk wat golfslag. …maar dat het type schip dus een rol speelt in de golfslag. Voice-over: Meer schepen, snellere schepen, krachtiger motoren, grotere tonnages en een toename van het containervervoer. Als de voorspellingen uitkomen zal het vervoer over water in de komende jaren nog flink groeien: schepen die varen op de grote en kleine vaarwegen. De toename van het aantal schepen op bijvoorbeeld de Maas mag niet betekenen dat de veiligheid wordt aangetast. Schipper: Toen bleef het schip aan de kabel hangen en dan trekt die die lier los en dan spatten die tandwielen helemaal uit elkaar. Dan vliegen de stukken door de lucht. Jo de Bont: En dan zie je de kabel knappen en dan is het over meestal. Dan vliegen er wat delen door de lucht van schijven, blokken en stukken dwarskabel nog. Marnix de Bakker: De meeste schades zijn toch volgens de schadestatistieken terug te voeren op het niet op tijd laten zakken van de kabels. Ton Paulussen: We zijn inderdaad al een paar keer door het oog van de naald gekropen dat er gelukkig bij de wegvliegende kabel geen mensen bij stonden. Bert Oldekamp: De scheepvaart die ging te hard. Er staat een bord van 9 kilometer: de snelheidsbeperking. Leo Meeusen: Harder varen dan 9 kilometer wil nog niet zeggen dat het onveilig is. Voice-over: De pont, voor velen de dagelijkse heen en weer: passagiers met de blik naar de overkant. De verbinding tussen huis, werk of school. Naar schatting nemen jaarlijks in Nederland 37 miljoen mensen de pont. Pontwachter: Een zestig, alstublieft. En de rekening, alstublieft. Voice-over: Op de Maas tussen Maastricht en Mook varen dagelijks 9 autoponten, goed voor 250.000 passagiers per jaar. Het is een vertrouwd en veilig vervoermiddel. Jo de Bont: Als je wat afvoer hebt op de rivier en de pont verlaat een van beide oevers, dan komt die als het ware te hangen als een kabelbaan aan de dwarskabel, waardoor die heel strak, zo goed als aan de oppervlakte van het water komt te staan totdat die heel de oversteek gemaakt heeft en dan komt die weer tot rust en zakt die naar de bodem. Ton Paulussen: Hier zien we dus de kabel door de rol en zo'n zelfde rol zit aan de andere kant van de pont ook en zo loopt die door helemaal naar de andere kant van de rivier. En als er snelvarende schepen voorbij komen, dan zuigen die de pont weg en daardoor komt de kabel omhoog want dan gaat de pont dus trekken aan de kabel. De kabel wordt meegenomen, de verankeringen trekken kapot en dan op een gegeven moment komt die zo strak dat de kabel zelf ook kapot springt en dan dus wegvliegt. Marnix de Bakker: Wat we een paar keer hebben meegemaakt is een schip met zijn roeren, dus de kabel is te kort onder het schip doorgegaan, die is achter de roeren en achter de schroef blijven hangen, waardoor dus één keer de kabel ook gebroken is met letsel aan iemand van de wal, doordat de kabel sprong. Wij hebben al meegemaakt dat de roeren krom zijn, de schroeven beschadigd, de schroefas ingelopen. Dat heeft natuurlijk gigantische consequenties voor het schip zelf: die moet naar de werf gebracht worden. Die moet daar droog, er moet gerepareerd worden, veel uitvaldagen, veel kosten zijn daar allemaal mee gemoeid en dat moet allemaal opgelost worden. Ton Paulussen: Ja, de kabel vliegt dan alle kanten op. Als een lantaarnpaal al middendoor geslagen wordt, dan kun je je afvragen wat er met mensen gebeurt, he? Voice-over: Sinds 2008 houdt de waterpolitie op de Maas in Limburg snelheidscontroles bij de verschillende veerponten. Uit deze controles blijkt dat veel schepen de ponten passeren met een snelheid die boven de toegestane 9 kilometer per uur ligt. Pieter Walschots: Geladen, je moet eventjes gaan klokken, want die gaat wel hard. Emanuel van Heumen: Eerst even klokken, een twee. Pieter Walschots: Even kijken. Hij is in ieder geval 75 meter lang. En nou moet ik eventjes gaan klokken, want ik heb een lijn. Als er blijkt in de tabel dat hij dus te hard heeft gevaren, dan geven wij dat door, of stroomopwaarts aan onze boot in Maasbracht of stroomafwaarts aan onze boot in Nijmegen. Bert Oldekamp: We hebben een aantal proeven gedaan en daarbij is gebleken dat er soms wel tot 20 kilometer per uur bij de veerponten wordt gevaren. Persoonlijk vind ik dat veel te hard gaan. Emanuel van Heumen: 24, 24 seconden. Pieter Walschots: Nou, daar gaan we weer. Het meeste aantal seconden wordt geteld. Dus dat is al in het voordeel van de schipper. Voor de rest wordt de stroomsnelheid meegenomen. We hebben een x aantal tabellen die we onderhouden om te kijken wat voor soort schip: langer of korter dan 70 meter, geladen, niet geladen, met de stroom, tegen de stroom in. Dus daar wordt allemaal rekening mee gehouden. Leo Meeusen: De KLPD kan het wel mooi vertellen, maar dat is niet altijd even waar natuurlijk. Dat hangt helemaal van het type schip af. Als er flink water stroomafwaarts komt en ik kom met een leeg schip aan dan draai ik bijna stationair al 9 kilometer. Bert Oldekamp: De schepen die gaan natuurlijk steeds harder: sterkere motoren. Dat houdt ook in dat van grote schepen meer zuiging komt. En we begrijpen best wel dat 9 kilometer soms, zeker voor afvarende schepen, niet helemaal gehaald kan worden en daar houden wij ook terdege rekening mee. Maar op een gegeven moment is er een keer een grens. En ondanks dat je marges aanhoudt, houdt het toch een keer op voor de snelheid. Leo Meeusen: Dat ben ik niet met hem eens. Als hier vijf of zes kilometer stroom op de rivier staat, en ik kom afvarend met laat ik zeggen een zuidwestenwind van 7, dan moet ik dat schip ook nog eens een keer uit de kant houden en dan heb ik die kracht nodig om dat schip uit de kant te houden. Dan red ik dat niet met 9 kilometer: dan moet ik harder varen. Dus dat is gewoon niet terecht. Maar dat wil niet zeggen dat het dan onveilig zou zijn voor die veerpont. Nee, dan wordt het onveilig voor de bemanning en het schip om met die wind het schip uit die kant te houden. Schipper [via marifoon]: Ja? Jo de Bont: We gaan hier werkzaamheden verrichten, staat er nog wat achter jou? Schipper [via marifoon]: Nee Jo, er staat niets achter mij. Jo de Bont: In de afgelopen jaren hebben we vele malen te maken gehad met het meenemen van die dwarskabel en vandaar dat we een proef gestart zijn, een pilot, in Broekhuizen, om te kijken: wat kunnen we daaraan doen. Voice-over: Het autoveer in Broekhuizen werd in 2008 als gezamenlijk experiment van de Koninklijke Schuttevaer, Rijkswaterstaat, het KLPD en de exploitant omgebouwd van kabel naar gierpont. Ton Paulussen: We hebben het bij het pont van Broekhuizen dus ook al gedaan en daar hebben we jaren proefgedraaid en dat is prima gegaan: dus we hebben er vertrouwen in dat het hier ook lukt. Wij gaan het kabelpont ombouwen naar gierpont en we gaan nu eerst bepalen de plek waar het anker komt te liggen en daar gaan we het anker neerleggen en van daaraf ketting met kabel naar de pont toe en dan gaat de oude dwarskabel uit de rivier. Interviewer: Wat is hij nu aan het doen? Joep Smits: We zijn dus nu de lengteafstand op aan het zoeken. En als we die hebben, dan leggen we hier even vast en dan gaan we kijken hoever we in het midden zitten. En dan gaan we met een touwtje het midden van de Maas opzoeken met een luchtzak en dan laten we hem zakken. Ton Paulussen: Maar Roel heeft volgens mij net verkeerd om gekeken eigenlijk. Roel is het niet makkelijker om de haspel op de bak te houden en dat wij alleen het eindje naar de kant brengen? Dan kun jij het precies meten. Dan kun jij even aantekenen waar we zitten. Bert Oldekamp: Af en toe dan houden we toch nog eens een keer een controle en dan blijkt toch dat er een hele categorie is die toch weer te hard vaart. Pieter Walschots: Dus ze zijn wel te snel zeg maar. Met alle marges die wij inbouwen ten behoeve van de scheepvaart zijn ze dan uiteindelijk toch nog te snel. Leo Meeusen: Ik kan dat aan een kant wel begrijpen. Kijk, ze moeten natuurlijk een snelheidslimiet in gaan stellen. Dus ze hebben gewoon een gemiddelde gepakt. Bij 9 kilometer heb je eigenlijk bijna geen golfslag: standaard niet. Voice-over: Bij de pont in Broekhuizen wordt de maximumsnelheid losgelaten. Hiervoor in de plaats is een verbod op hinderlijke waterbeweging ingesteld. Schippers moeten zich hieraan houden, maar leidt dat niet tot oeverloze discussies? Bert Oldekamp: Hinderlijke waterbeweging is moeilijker te handhaven natuurlijk dan een snelheidsbeperking. Dat is heel duidelijk. Een hinderlijke waterbeweging dat is voor de een wel eens een beetje anders uitgelegd als bij de ander: wat is hinderlijk. Als mensen natuurlijk bijna ondersteboven vallen op een veerpont omdat het zo tekeer gaat, dan hoeft er niet altijd schade te zijn maar dan kan er toch wel heel veel hinder zijn en dan kunnen we daar toch een schipper gewoon op aanspreken. Ja, en als blijkt dat het toch niet kan, dan wordt het weer een kop en kont regeling. Interviewer: Er is in Nederland ook een roep om alleen maar vrijvarende ponten te hebben. Dus helemaal niets meer in de rivier: geen kabel, geen ketting. Wat vindt u daarvan? Ton Paulussen: Dat zou op zich een heel mooi plan zijn. Alleen we zitten dan met het probleem dat er altijd minimaal 2 man aan boord moeten zijn en dan gaan de centen een rol spelen. Dan is er bijna geen enkele pont op de Maas nog rendabel. Ik denk dat van de 18 er hooguit 2 nog in de vaart zouden kunnen blijven. Voice-over: Het KLPD te water handhaaft de wet. De schipper van de pont wil met zijn passagiers veilig naar de overkant. En de binnenvaartondernemer moet snelheid maken om veilig te kunnen varen. Het lijken tegenstrijdige belangen, maar er is één overeenkomst: iedereen streeft naar een veilige rivier. Jo de Bont: Je moet gewoon die discipline en dat samenspel op willen bouwen dat je zegt: we willen samen die vaarweg gebruiken en die willen we veilig gebruiken. En als het nodig is dat een schipper wat meer afstand houdt met zijn grote schip, dan moet hij dat gewoon doen. Interviewer: Die is niet meer nodig? Ton Paulussen: Nee, gelukkig niet. Zo verleden tijd en hopelijk blijft dat. Marnix de Bakker: Er zal toch rustiger gevaren moeten worden, beter gecommuniceerd moeten worden met elkaar en dat blijft altijd als een paal boven water staan. Interviewer: Bent u wel eens bekeurd? Schipper: Nee, want ik hou me ook netjes aan de regels. Ja, ik houd er ook wel best rekening mee, want je zal maar op die pont staan. Die veerbaas heeft natuurlijk de verantwoording voor zijn lading en dat is misschien wel een autobus met allemaal schoolkinderen. Je weet het maar niet. Natuurlijk is dat belangrijk: veiligheid is voor alles. [Afsluitende muziek]