Zeegrasbehoud
Zeegras komt niet meer op zo’n grote schaal voor als honderd jaar geleden toen er nog sprake was van duizenden hectares zeegras.
In vroeger tijden heeft zeegras een zeer belangrijke economische rol gespeeld in Nederland. Veel mensen verdienden er hun brood mee.
Toepassingen
Sinds de middeleeuwen werd gedroogd zeegras al gebruikt voor versterking van de dijken. Aan de zuidzijde van Wieringen is nog zo’n zogenaamde wierdijk te vinden. De gangbare naam voor zeegras in die tijd was wier. Later werd zeegras ook wel gebruikt als vulling voor matrassen, kussens en canapés. In eerste instantie werd alleen het losgeslagen ronddrijvende wier verzameld. Later kwam men er echter achter dat het maaien van wier een beter product opleverde. Omdat men toen ook al de noodzaak zag om het wier te behouden, en zo nodig te beschermen, werd in 1867 een commissie in het leven geroepen om uit te zoeken of de wiermaaierij ‘onacceptabele schade’ aanbracht aan de zeegrasvelden. Deze commissie heeft de eerste Nederlandse zeegraskaart gepubliceerd.
Maatregelen
Aangezien er in Nederland nog slechts enkele zeegrasvelden over zijn, is het duidelijk dat het voortbestaan van gemeenschappen van de zeegrasklasse aan een zijden draad hangt. Om de oppervlakte van de zeegrasvelden weer te laten toenemen moeten een aantal belangrijke maatregelen genomen worden. Zo moet bodemerosie worden teruggedrongen, watervervuiling worden aangepakt en is herstel van het estuariumkarakter van zeearmen nodig.
Bescherming
Pogingen tot herstel van litorale zeegrasvelden in de Waddenzee door aanplant zijn tot nog toe weinig succesvol gebleken. Daarom heeft bescherming van de nog aanwezige populaties altijd de voorkeur. Zeegrasvelden kunnen op verschillende manier beschermd worden.
- Door waterkwaliteitaspecten, zoals het zoutgehalte en eutrofiëring, in de gaten te houden, en waar mogelijk in te grijpen.
- Door het voorkomen van beschadiging door de schelpdiervisserij en pierenspitten.
Experimenten
Momenteel wordt er ook geëxperimenteerd om de leefomstandigheden van zeegras ‘handmatig’ te verbeteren. Zo is in de Oosterschelde gebleken dat onder de huidige minder gunstige omstandigheden de laatste veldjes klein zeegras zich beter kunnen handhaven op plaatsen waar de bodem extra stabiel is door een kleilaag vlak onder het oppervlak of door de aanwezigheid van veel schelpen. Bij enkele experimenten met groot zeegras is gebruikgemaakt van stabiliserende materialen zoals schelpen, netten en trottoirbandjes. Toevoeging van schelpen had een positief effect, de overige maatregelen hadden in het algemeen weinig effect.
Minimumpopulatie
Het is helaas nog niet voldoende duidelijk welke rol de minimumpopulatie speelt bij handhaving en herstel van zeegraspopulaties. Grotere zeegrasvelden hebben de eigenschap dat ze de kracht van stroming en golven aanzienlijk reduceren, waardoor de kans op erosie en het weg slaan van het zeegras sterk afneemt. Het is mogelijk dat voor duurzaam herstel een populatie met een minimumomvang essentieel is.
Herstel
Herstel van het eertijds belangrijkste bolwerk van de Zosteretea in Nederland, het sublitorale breedbladige groot zeegras in de westelijke Waddenzee, is vooralsnog echter niet te verwachten. Eerst moet duidelijk worden of er in dit gebied überhaupt nog geschikte groeimogelijkheden zijn. Als dat zo is dan zal het van elders geïntroduceerd moeten worden.
De afgelopen jaren zijn er twee grootschalige projecten geweest om zeegras te behouden. Namelijk de herintroductie van groot zeegras in de Waddenzee en de migratie van klein zeegras in de Oosterschelde.
