Spuikanaal Bath

Spuikanaal Bath doorsnijdt Zuid-Beveland (Zeeland) en is gegraven om water uit het Zoommeer en het Schelde-Rijnkanaal af te voeren. Er mag niet op het kanaal gevaren worden. In het noorden staat het 8,4 kilometer lange kanaal in verbinding met het zoete water van het Zoommeer. In het zuiden sluit het Spuikanaal Bath aan op de zoute Westerschelde. 

Langs het spuikanaal zijn brede rietbermen aangebracht zodat het er zo natuurlijk mogelijk uitziet en opgaat in het landschap. Het kanaal kruist op zijn weg richting het zuiden een aantal belangrijke snelwegen (zoals de A58) en de spoorlijn Vlissingen-Roosendaal.

Zoet en zout water

Tussen het kanaal en de Westerschelde, vlakbij het plaatsje Bath, is de Bathsespuisluis aangebracht. Via de sluis kan het teveel aan water uit het Zoommeer naar de Westerschelde worden afgevoerd. Als het water niet wordt weggesluisd, zou het waterpeil in het Zoommeer teveel stijgen. Het peil stijgt constant door grondwater dat vanaf het land het meer inloopt. 

De sluis zorgt er ook voor dat het zoute water uit de zeearm niet terecht komt in het Zoommeer. Het water uit het meer wordt namelijk ook gebruikt door boeren om hun land te bewateren. Door zout water kan het land verzilten en onbruikbaar worden.

Het Spuikanaal Bath vangt verder het zoete water op van het land ten oosten van het Schelde-Rijnkanaal. Ten zuiden van het Zoommeer / de Kreekraksluizen bestaat het Schelde-Rijnkanaal uit zout water. Om te voorkomen dat het water brak wordt door teveel grondwater, is onder het Schelde-Rijnkanaal een watergang gegraven. Via deze gang (ook wel sifon genoemd) wordt zoet grondwater naar het Spuikanaal Bath geleid.

Geschiedenis

Ten westen van het Zoommeer, achter de Oesterdam, ligt de Oosterschelde. Het aanleggen van een spuisluis in de Oesterdam zou op het eerste gezicht logischer zijn dan het graven van een spuikanaal. Het Oosterscheldegebied is echter een beschermd natuurgebied. Teveel zoet water zou de dieren en planten die hier leven in gevaar kunnen brengen. 

Rijkswaterstaat besloot dan ook om het zoete water uit te laten monden in de Westerschelde en liet in 1980 Spuikanaal Bath graven. De Westerschelde wordt daarnaast ook beïnvloed door het zoete water uit de rivier de Schelde. Verder wordt veel polder- en afvalwater in de zeearm geloosd. 

Bij het graven van het spuikanaal kwam 8 miljoen kubieke meter grond vrij. Een deel van deze grond is gebruikt voor de aanleg van het zuidelijke gedeelte van de Oesterdam. Ook is een deel gebruikt voor het opspuiten van de landtong in het Markiezaatsmeer.

Gegevens Spuikanaal Bath

  • Lengte: 8,4 kilometer
  • Breedte: 135 meter (oppervlakte) en 65 meter (bodem)
  • Diepte: 7 meter
  • Spuicapaciteit: 100m3/s (ongeveer 8,5 miljoen kubieke meter water per dag)