Programmabureau Verkenningen en Planstudies
Begeleiden, kennisdelen en adviseren, dat zijn de kerntaken van het Programmabureau Verkenningen en Planstudies. ‘Ons doel is de verkenningen en planstudies van projecten voor het hoofdwegennet en hoofdvaarwegennet zo goed mogelijk laten verlopen’, aldus Tomas de Laat, hoofd van het programmabureau.
Het Tracé MER-centrum, het Programmabureau Hoofdvaarwegennet en de Programmadirectie Planstudies droog zijn per 1 januari opgegaan in het Programmabureau Verkenningen en Planstudies. De Laat: ‘We begeleiden projecten aan de voorkant, zorgen dat er afspraken worden gemaakt en dat het bevoegd gezag opdracht verleent. Ook adviseren we de projectleider over aanpak, procedures, kaders en handreikingen.’
Eensgezind over aanpak
Maar het programmabureau doet meer. ‘Zo toetsen we een tracébesluit op juridische gronden, milieuaspecten en uitvoerbaarheid. Door meer aan het begin van een project te investeren, zijn eventuele knelpunten eerder te ondervangen en ontstaat er eensgezindheid over aanpak en uitgangspunten. Zo voorkom je een discussie achteraf. Ook het proces van het voorbereiden tot het vaststellen van het tracébesluit door de minister begeleiden we.’
Antenne voor ontwikkelingen
Het programmabureau houdt de DG van Rijkswaterstaat op de hoogte van de vorderingen. Lopen alle verkenningen en planstudies volgens planning en begroting? Wat zijn de risico’s voor het Meerjarenprogramma Infrastructuur Ruimte en Transport, ofwel de MIRT-projecten van het kabinet, en hoe worden deze bewaakt? Het programmabureau heeft een antenne voor ontwikkelingen die van invloed kunnen zijn op de projecten en doet daar waar nodig onderzoek naar. Kennisoverdracht is ook een belangrijk aandachtgebied. ‘We delen onze kennis onder meer door cursussen en workshops te geven.’
Dakpansgewijs werken
Ligt de focus in de verkenning- en planstudiefase vooral op milieu, draagvlak van de omgeving en bestuurlijke afspraken, in de realisatiefase gaat het om techniek, het voorkomen van hinder en kostenbeheersing. ‘Door dakpansgewijs te werken, kijken we tijdig vooruit naar de volgende fase en ontstaat er een vloeiende overgang.
