Bezuinigingen Rijkswaterstaat op beheer en onderhoud

Rijkswaterstaat is verantwoordelijk voor het beheer en onderhoud het Rijkswegennet, Rijksvaarwegennet en het Hoofd Waterssysteem. Het benodigde budget voor beheer en onderhoud was de afgelopen jaren hoger dan het budget dat beschikbaar was. Om te zorgen dat de wegen en vaarwegen ook in de toekomst zoveel mogelijk beschikbaar, betrouwbaar en veilig blijven, moet dit worden aangepakt.

  • Rijkswaterstaat krijgt daarom extra budget voor het beheer en onderhoud en zorgt er tegelijkertijd voor dat het beheer en onderhoud wordt versoberd en efficiënter wordt uitgevoerd. Dit doet Rijkswaterstaat door te werken met onder andere grotere en langlopende contracten voor beheer en onderhoudswerkzaamheden en door onderscheid te maken in het beheer- en onderhoudsniveau op basis van de intensiteit van gebruik.

    Maatregelen

    De besparing wordt deels gehaald door efficiënter werken, maar er moet ook gewoon minder worden gedaan. Dit laatste doet Rijkswaterstaat door onder andere te versoberen op verlichting en het verminderen van actieve communicatie bij werkzaamheden. Daarnaast worden de bermen minder gemaaid, worden de voorzieningen voor schippers minder onderhouden, wordt er gesneden in de voorzieningen voor dynamisch verkeersmanagement en worden de tijden waarbinnen aan de weg gewerkt mag worden verruimd.


    Hieronder staat per maatregel beschreven wat de maatregel inhoudt en wat er verandert ten opzichte van de huidige situatie.

    naar boven
  • Versoberen verlichting

    Een groot deel van de Nederlandse snelwegen is verlicht. Om geld te besparen zet Rijkwaterstaat vanaf de zomer van 2013 het licht op het rijkswegennet uit tussen 21:00 en 05:00 uur. Op de drukste wegen wordt het licht vanaf 23:00 uur uitgezet. Het licht gaat niet overal standaard uit. Op de delen van het weggennet met zogenoemde ‘rijtaakverzwarende omstandigheden’, bijvoorbeeld omdat er sprake is van een scherpe bocht of een korte invoegstrook, blijft het licht gewoon aan. Ook in tunnels blijft het licht aan.


    Door het licht ’s nachts uit te zetten bespaart Rijkswaterstaat op de energiekosten. Daarnaast zorgt een aanpassing in de verbruikerscontracten ervoor dat RWS minder energiebelasting (vast recht) hoeft af te dragen.


    Wat verandert er ten opzichte van de huidige situatie? Delen van het hoofdwegennet zijn ook nu al onverlicht, daar verandert er niets. Na het doorvoeren van de maatregel gaat op de overige punten het licht alleen nog aan in het donker op de drukste momenten van de dag, in de spits. Na 21:00 en op de drukke wegen na 23:00 uur- gaat het licht uit tot 5:00 uur.


    Op delen van de weg met rijtaakverzwarende omstandigheden blijft het licht aan. Ook op knooppunten blijft het licht voorlopig aan. Door een aantal pilots wordt vanaf medio 2013 verkend of ook hier het licht uit kan worden gezet en vanaf hoe laat.

    naar boven
  • Verminderen actieve communicatie bij werkzaamheden

    Rijkswaterstaat informeert weggebruikers over wegwerkzaamheden. Een belangrijke informatiebron hierbij is het internet. Vanaf 2013 worden weggebruikers alleen bij werkzaamheden met grote hinder aanvullend nog geïnformeerd via (kleine) advertenties in regionale en lokale bladen.


    Wat verandert er ten opzichte van de huidige situatie? In de maanden voorafgaand aan de uitvoering van de beheer- en onderhoudswerkzaamheden wordt via het internet, de VanAnaarBeterapp, bouwborden, persberichten en de serviceproviders gecommuniceerd over de werkzaamheden. Alleen bij werkzaamheden met grote hinder (A-categorie) wordt er aanvullend gebruik gemaakt van kleine advertenties in regionale en lokale bladen. Er worden geen hardcopy nieuwsbrieven en factsheets meer verspreid. De factsheets blijven wel digitaal beschikbaar.


    Door gebruik te maken van de mogelijkheden die nieuwe media ons biedt kan er, met het zelfde resultaat, flink bespaard worden op dure advertenties.

    naar boven
  • Versoberen dynamisch verkeersmanagement

    Rijkswaterstaat versobert het dynamisch verkeersmanagement door onder andere het aantal toeritdoseerinstallaties (TDI), dynamische route informatie panelen (DRIPS) en camera’s te verminderen. DRIP’s die een puur informatieve functie hebben, worden verwijderd. Een groot deel van deze informatie is inmiddels voor bestuurders ook beschikbaar via hun navigatiesystemen. Ook areaal dat overbodig is geworden of dat erg weinig wordt gebruikt wordt verwijderd. Denk daarbij aan TDI’s op plekken waar de weg is verbreed of camera’s op locaties die niet ongevalgevoelig zijn.


    Daarnaast wordt ook de rijstrooksignalering versoberd. Doordat dit materiaal aan het einde van de levensduur niet meer hoeft te worden vervangen vervallen deze kosten.


    Wat verandert er ten opzichte van de huidige situatie? TDI’s en DRIPS’s die worden uitgezet of weggehaald kunnen niet meer worden ingezet om het verkeer vanuit de verkeerscentrale te beïnvloeden. Waar de camera’s weg worden gehaald is het niet meer mogelijk om vanuit de verkeerscentrale het verkeer op de betreffende locaties te volgen ten behoeve van incidentmanagement.


    De rijstrooksignalering op een deel van de wegtrajecten A2 (deeltraject in Limburg), A7 en A18 wordt uitgezet. Dit betekent dat er op deze trajecten de bestaande sturingsmiddelen (lokale maximum snelheden, rijstroken afkruisen e.d.) en de filestaart beveiliging niet meer beschikbaar zijn.

    naar boven
  • Verruimen werkvensters

    Rijkswaterstaat bepaalt op welke uren van de dag aannemers wegwerkzaamheden mogen uitvoeren. Deze uren worden vanaf het voorjaar 2013 met gemiddeld 1 uur verruimd. Dit betekent dat een aannemer, afhankelijk van de verkeersdrukte, ’s avonds eerder mag starten met zijn werk. Op een aantal wegen mogen aannemers ook overdag werken. Doordat de aannemer langer achtereen en soms zelfs overdag kan werken, kan hij efficiënter en goedkoper werken.


    Naast het verruimen van de werkvensters wordt er ook versoberd op het budget dat beschikbaar is voor het treffen van flankerende maatregelen om de hinder door werkzaamheden te beperken, zoals gratis bus- en treinkaartjes.


    Wat verandert er ten opzichte van de huidige situatie? Werkzaamheden worden anders ingepland. Er wordt ’s avonds eerder begonnen met werken. Bovendien verschuiven werkzaamheden die nu nog ‘s nachts worden uitgevoerd in sommige gevallen naar overdag. Met de tweede kamer is afgesproken dat maximaal 10% van de totale verkeershinder veroorzaakt mag worden door wegwerkzaamheden.


    Anders dan voorheen staat Rijkswaterstaat in beperkte mate file-vorming als gevolg van wegwerkzaamheden toe. Er wordt niet langer naar gestreefd om de hinder in alle gevallen te minimaliseren. De werkvensters worden zo verruimd dat de hinder, naar verwachting, uitkomt rondom de met de kamer afgesproken maximale percentage van 10%. Naast het verruimen van de werkvensters worden er bovendien minder aanvullende diensten aangeboden zoals gratis trein of buskaartjes.

    naar boven
  • Versoberen van het groenonderhoud langs rijkswegen

    Deze maatregel bestaat uit:

    1. minder vaak maaien van wegbermen
    2. minder begeleidings- en onderhoudsnoei van bomen
    3. minder vaak maaien van watergangen

    Doordat er minder wordt gedaan worden de kosten voor het groenonderhoud lager.


    Wat verandert er ten opzichte van de huidige situatie? Vanaf medio 2013 worden de bermen in plaats van twee keer per jaar nog maar één keer per jaar gemaaid. Waar dit niet mogelijk is door geldende wet- en regelgeving wordt er twee keer gemaaid. Vanzelfsprekend mag de functionaliteit van de berm niet in het geding komen.


    Alle snoeiwerkzaamheden vervallen, behalve de snoeiwerkzaamheden die noodzakelijk zijn voor het bereikbaar houden van plaatsen langs de snelweg of omdat bomen anders dood gaan en/of omvallen. Hierdoor gaan bomen er op termijn slordiger uit zien.


    In bermsloten wordt in plaats van jaarlijks één keer per twee jaar gemaaid, mits bermensloten niet onder het waterschapskeur vallen en dit niet conflicteert met eventuele doelstellingen en/of beperkingen vanuit geldende wet- en regelgeving. Bermsloten met waterschapskeur worden in overleg met Waterschappen zo beperkt mogelijk gemaaid.


    Door het minder maaien verandert het beeld van de berm. De berm wordt minder bloemrijk en de beplanting groeit hoger. Doordat bomen niet meer worden gesnoeid vermindert bovendien het zicht op achtergelegen bebouwing.

    naar boven
  • Versoberen van het oeveronderhoud langs vaarwegen

    Het oeveronderhoud wordt vanaf 2013 versoberd door minder snoeiwerkzaamheden en het minder maaien van watergangen. Tevens wordt het vast onderhoud aan de oevers door middel van risicogestuurd onderhoud zo beperkt mogelijk uitgevoerd.


    Wat verandert er ten opzichte van de huidige situatie? Er vindt minder vast onderhoud plaats aan gestrekte oevers, kribben, kribvakken en strekdammen. De veiligheid van het publiek en gebruikers van de vaarweg mag daardoor niet in het geding komen. Dit wordt gereguleerd in de kaders en richtlijnen waarmee Rijkswaterstaat werkt.


    Vanaf medio 2013 worden steeds meer bermen in plaats van twee keer per jaar nog maar één keer per jaar gemaaid. Waar dit niet mogelijk is door geldende wet- en regelgeving wordt er twee keer gemaaid. Vanzelfsprekend mag de functionaliteit van de berm voor het scheepvaartverkeer niet in het geding komen.


    Alle snoeiwerkzaamheden vervallen, behalve als deze noodzakelijk zijn voor de veiligheid, bereikbaarheid of de functionaliteit van de vaarweg. Dat betekent onder andere dat zichtlijnen in bochten van vaarwegen en signalering of bebording worden vrijgehouden van begroeiing.


    In watergangen zonder waterschapskeur wordt één keer per twee jaar gemaaid in plaats van jaarlijks. In watergangen met waterschapskeur wordt in overleg met Waterschappen gekeken of het maairegime kan worden versoberd.

    naar boven
  • Versoberen onderhoud voorzieningen schippers

    Het vast onderhoud aan voorzieningen voor schippers, zoals aanlegplaatsen, remmingwerken en geleidewerken maar ook de voorzieningen die daarop staan zoals walstroomvoorziening, verlichting en auto-afzetvoorzieningen, worden in de toekomst waar mogelijk versoberd. Het voorzieningenniveau van ligplaatsen wordt hiermee verlaagd tot een basisniveau.


    Momenteel worden verschillende scenario’s uitgewerkt. Hieruit wordt binnenkort een keuze gemaakt voor de definitieve invulling van de maatregel.


    Wat verandert er ten opzichte van de huidige situatie? Het voorzieningenniveau voor schippers neemt af tot een basisniveau. Dit betekent dat het overgrote deel van de ligplaatsen in de toekomst bestaat uit een basisvoorziening van meerpalen, meerstoelen en/of kade met hooguit een enkele afloopvoorziening.


    Reparaties en herstel van verlichting, ligplaatsen en (walstroom)voorzieningen laten langer op zich wachten of worden helemaal niet uitgevoerd. Hierdoor wordt bespaard op de kosten voor onderhoud en vervanging van voorzieningen.

    naar boven